Maandag 17/06/2019

Medicijnen

432 geneesmiddelen ‘niet beschikbaar’ in België, ‘maar dé oplossing bestaat niet’

Apothekers kampen al lange tijd met tekorten: 432 producten liggen momenteel niet in de rekken. Beeld tine schoemaker

‘Sorry, die pil hebben we voorlopig niet meer.’ ‘Op deze zalf zult u nog enkele maanden moeten wachten.’ Op dat soort zinnetjes moeten apothekers zich steeds vaker beroepen. Waarom blijft ons land met geneesmiddelentekorten kampen? En klopt het dat die tekorten steeds grotere proporties aannemen?

Willy Puimege, een hartpatiënt uit Lokeren, moest plots met ademnood naar de spoedafdeling. De man had water op de longen, omdat hij geen aldactazine meer kon innemen. De tachtiger slikte die vochtafdrijver al ruim een jaar, maar kon het geneesmiddel niet meer krijgen. “Vorige week zei mijn apotheker: ‘Aldactazine hebben we niet meer.’” 

Puimege kreeg van zijn arts een alternatief middel voorgeschreven, maar dat bleek niet afdoende te helpen. “Ik zette vijf stappen en was al buiten adem.” Op de spoedafdeling kreeg Puimege nog een andere pil, maar die drijft het vocht dan weer te veel af. “Ik zit om de haverklap op het toilet.” 

Artsen zoeken nu naar een nieuwe dosering, want het ziet er niet naar uit dat aldactazine snel weer beschikbaar wordt. Pas ten vroegste eind juni zullen er nieuwe loten op de markt komen.

Alarmbel

Het is wellicht niet alleen voor Puimege moeizaam zoeken naar een alternatief. Het Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten (FAGG) heeft online een lijst met tijdelijk niet-beschikbare geneesmiddelen staan. De teller staat vandaag op 432. Dat betekent dat ongeveer 5 procent van alle medicijnen die in ons land verkocht mogen worden toch niet in de rekken ligt.

Hoeveel patiënten daar hinder door ondervinden, is niet duidelijk. Maar dat een grote groep mensen de tekorten problematisch vindt, is dat wel. 

Patiënten, maar ook apothekers en artsen hebben al meermaals de alarmbel geluid. In reacties stellen ze dat de tekorten steeds groter worden en ook langer aanhouden. “Ik had het nog nooit meegemaakt in mijn carrière dat ik een patiënt een vitaal middel niet kon geven”, zegt cardioloog Marc Goethals van het OLV Ziekenhuis in Aalst. “De laatste maanden beland ik steeds vaker in zulke situaties.” 

Ook de ziekenhuisapotheek van het UZ Gent laat weten dat hij meer dan dubbel zoveel tekorten heeft als vijf jaar geleden. Er ontbreken momenteel 112 middelen in de voorraadkast.

Hamsteren

“Wij weten zelf niet altijd waar het misloopt. Maar we zitten wel aan het einde van de keten, dus moeten wij het uitleggen aan de patiënt. En die kan door de tekorten soms helemaal geen behandeling meer krijgen”, klaagt Lieven Zwaenepoel van de Algemeen Pharmaceutische Bond.

Niet alle tijdelijk onbeschikbare middelen zijn onvervangbaar, zoals aldactazine. De meerderheid van de middelen kan in een andere verpakkingsgrootte of in een generieke variant nog altijd over de toonbank gaan. Volgens Stefaan Fiers, woordvoerder van pharma.be, zijn er in totaal een twintigtal middelen waarvoor echt geen alternatief bestaat. “Niemand heeft baat bij tekorten. De patiënt niet, maar ook de farmaceutische bedrijven niet”, benadrukt hij. “Want kort gezegd: een medicijn dat niet beschikbaar is, kun je ook niet verkopen.”

Pharma.be wil geen namen geven van medicijnen die niet beschikbaar zijn “om hamstergedrag te voorkomen”. Navraag in de sector leert dat het onder meer gaat om oogdruppels, inhalators voor longpatiënten, anticonceptiemiddelen en hartmedicatie. 

Patiënten, artsen en apothekers spreken over een groeiend probleem, maar het FAGG relativeert. “De lijst met onbeschikbaarheden is elke dag een momentopname”, zegt woordvoerder Olivier Christiaens. “Hij schommelt al jaren rond 400 geneesmiddelen.” Minister van Volksgezondheid Maggie De Block (Open Vld) noemt de aantallen “hoog, maar tegelijkertijd relatief”. Ze verwijst naar de vele alternatieven die er zijn.

De apotheker toont een hele lijst met onverkrijgbare geneesmiddelen. Beeld Tine Schoemaker

Hete aardappel

De tekorten zijn geen nieuwigheid. Zeker sinds 2005 hebben ze al de aandacht van politici, stelt professor farmaceutische zorg Hans De Loof (UAntwerpen) vast. “Maar sindsdien is er weinig veranderd.” Volgens hem heeft dat te maken met de diverse oorzaken die de tekorten creëren. “Die maken dat er niet zoiets bestaat als dé oplossing. Politici schuiven daardoor de hete aardappel door.”

Volgens De Loof, die zelf tien jaar lang een apotheek runde, is het belangrijk te beseffen dat de geneesmiddelentekorten geen puur Belgisch, maar wel een internationaal probleem zijn. “In de Verenigde Staten is de situatie zelfs zo uit de hand gelopen dat ziekenhuizen de productie van bepaalde medicijnen in handen nemen.”

Aan de basis van de tekorten ligt volgens hem meer dan overmacht, zoals een verpakkingsmachine die stuk gaat of een brand die een hangar in de as legt. De Loof heeft het vooral over de “race to the bottom” die wereldwijd speelt. 

“Producenten proberen klanten voor zich te winnen door de prijzen keer op keer te verlagen. Door die druk beslissen sommige om niet meer te investeren in de infrastructuur. Die beslissingen wreken zich na verloop van tijd, omdat productie-eenheden gesloten worden na inspecties of door technische problemen. Op die manier vallen bepaalde geneesmiddelen plots weg.” 

Patiënt is de dupe

Volgens hem heeft de Belgische overheid weinig tools in handen om zulke productieproblemen aan te pakken. “Omdat de macht vooral bij de farmabedrijven ligt. Die hebben vaak een monopolie op een bepaald medicijn.” 

Er speelt ook prijspolitiek. In ziekenhuisapotheken worden bijvoorbeeld meerjarige contracten gesloten met bepaalde leveranciers. Als eenzelfde fabrikant een contract kan sluiten met meerdere ziekenhuizen, kan hij de concurrentie uitschakelen. 

Andere fabrikanten stoppen zolang die contracten lopen soms met de productie van generische middelen, omdat ze geen afzetmarkt hebben. Loopt er dan iets mis in de productielijn van de dominante firma, dan is er plots geen alternatief meer op de markt. Of iedereen hamstert en bestelt bij de concurrentie, maar dan stijgen de prijzen. De patiënt is aan het eind van de rit de dupe.

Een andere kwestie die volgens velen bijdraagt aan het probleem is de contingentering. Dat is een methode waarbij producenten de hoeveelheid van bepaalde geneesmiddelen per Europees land beperken. Zo willen ze vermijden dat groothandelaars/verdelers, die de producten bij de apotheken en de ziekenhuizen brengen, hun geneesmiddelen in het buitenland verkopen omdat de prijzen er hoger zijn. “De big pharma bepaalt volgens die methode wie patiënt is en wie niet”, stelt De Loof.

Proactief

Er zijn de afgelopen jaren wel inspanningen geweest om de tekorten weg te werken. Zo werd een werkgroep binnen het FAGG opgericht die naar oplossingen zoekt. De groep maakt onder meer adviezen over aan de minister van Volksgezondheid. Een van die adviezen resulteerde vorige maand in een wet die groothandelaars/verdelers verplicht de Belgische patiënt voorop te stellen. De export wordt met andere woorden aan banden gelegd. 

Niet iedereen is ervan overtuigd dat dat een goede oplossing is. Onder anderen Leon Van Rompay, oprichter van Docpharma, een specialist in generische geneesmiddelen, ziet er weinig heil in. Volgens hem zijn er maar een beperkt aantal medicijnen die op de Belgische markt ontbreken door de uitvoer. Hij vreest dat de wet contraproductief zal werken. “In Spanje zijn vergelijkbare maatregelen genomen, en daar zijn de tekorten juist groter geworden”, stelde hij eerder deze maand in Knack.

Professor De Loof wacht af. “We moeten deze maatregel wat tijd gunnen. Een evaluatie na een half jaar lijkt me een goede zaak.”

Hij is het meest kritisch voor het FAGG, dat volgens hem vooral begaan is met dienstverlening aan de farmabedrijven. “Het is bezig met de goedkeuring van producten, de registratie van de tekorten en de communicatie met de sector. Maar dat uitgangspunt is mis. Het is de patiënt die bij zo'n agentschap moet vooropstaan. De werkwijze moet ook proactief zijn. Het FAGG moet zelf uitzoeken welke geneesmiddelen in België nodig zijn, en moet daarna proberen de beschikbaarheid daarvan te verzekeren.”

Meldingsplicht

Maar ook dat is maar een deel van de oplossing, geeft hij toe. Dezelfde mindshift moet een niveau hoger, bij de Europese beleidsmakers, plaatsvinden. “Want als klein land kun je nu eenmaal niet tegen de big pharma opwegen.” 

Volgens De Loof moet Europa de tekorten eindelijk au sérieux nemen. “Nu lijkt het die geneesmiddelen vooral als koopwaar te zien, terwijl ze voor de patiënten natuurlijk veel meer zijn dan dat.” Het is dat perspectief van de patiënt dat te veel mensen uit het oog verliezen, stelt hij. “En die patiënt gaat, door de ongemakken of de pijn, niet protesteren op straat.”

De Loof krijgt bijval van een apotheker uit Mechelen, die niet met zijn naam in de krant wil. De man hekelt de meldingsplicht die de werkgroep van de FAGG heeft geadviseerd. Farmabedrijven moeten sinds 2014 aan de overheid melden dat een middel niet meer voorhanden is. Maar dat moeten ze pas doen zodra het product twee weken niet meer op de markt is. 

Het FAGG kan het bedrijf dan aanporren om de productie op te drijven, een alternatief middel zoeken bij andere bedrijven, of desnoods een product uit het buitenland laten importeren. Maar daar merkt de apotheker uit Mechelen weinig van. Het tekort wordt vooral gemeld, en daarmee is de kous af.” 

Minister De Block gaat uit van de goodwill van de farma. “Een farmaceutische firma zal niet opzettelijk zes maanden haar geneesmiddelen niet verkopen”, zegt haar woordvoerder Jelle Boone. “Geneesmiddelen zijn waarschijnlijk de strengst gecontroleerde producten die er zijn. Er moet weinig gebeuren opdat een lot wordt afgekeurd.”

Puimege hoopt dat er een oplossing voor zijn situatie wordt gevonden. Hij verwijt zijn apotheker niets, maar kijkt vooral naar de beleidsmakers. “Maar die zijn altijd bezig met andere zaken, lijkt het.”

Beeld Tine Schoemaker
De lijst met onverkrijgbare geneesmiddelen is lang. Beeld Tine Schoemaker
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden