Dinsdag 07/02/2023

35ste Internationaal Filmfestival Rotterdam evenaart toeschouwersrecord

De publieksprijs was voor 'Eden', een film van Michael Hofmann over chocolade en liefde

Het leven zoals het is (denkt de jury)

Rotterdam

Van onze medewerker ter plaatste

Christophe Verbiest

Met de Nederlandse première van George Clooneys Good Night, and Good Luck is zaterdagavond het 35ste Internationaal Filmfestival Rotterdam (IFFR) afgesloten. Het was tien dagen eerder begonnen met Brokeback Mountain van Ang Lee. Het is een toeval dat twee van de belangrijkste Oscarkandidaten de boekensteunen waren van het IFFR, want de slagzin is: 'Ontdek filmmakers voor ze beroemd worden.' Niettemin kwamen er 358.000 toeschouwers opdagen, een evenaring van het bezoekersrecord van 2005.

Het IFFR toonde dit jaar zo'n 250 langspeelfilms (en 450 korte films), waarvan vijftig wereldpremières. Het programma is onderverdeeld in verschillende secties en de Tiger Awardscompetitie, bestemd voor eerste of tweede films, genereert de meeste aandacht. De jury bestond uit de Pierre Audi (artistiek directeur van het Holland Festival), de Portugese filmproducer Paulo Branco en de regisseurs Lee Chang-Dong (Zuid-Korea), Martin Rejtman (Argentinië) en onze landgenote Patrice Toye. Het vijftal mocht drie gelijkwaardige prijzen uitreiken (10.000 euro en een verzekerde uitzending door de VPRO). Die gingen naar Walking on the Wilde Side (Lai Xiao Zi) van de Chinees Han Jie, over een stel dolende twintigers in een harde Chinese maatschappij, La perrera (The Dog Pound) van de Uruguayaan Manuel Nieto Zas over een student die een huis bouwt, en Old Joy van de Amerikaanse Kelly Reichardt over twee vrienden die er een weekendje opuit trekken (met als opzienbarends facet de blote kont van Will Oldham, alias Bonnie 'Prince' Billy). De drie films hebben een bijna documentaire vormtaal gemeen, en twee ervan (La perrera en Old Joy) tonen weinig dramatische ontwikkeling. De drie films hebben gemeen dat ze erg dicht op de realiteit zitten en pretenderen het leven te tonen zoals het is, zonder schijnbaar veel ingrepen van de regisseur. De ironie is dat een heel atypische competitiefilm - de grimmige politieke satire Land of the Blind van de Amerikaan Robert Edwards - veel méér vertelt over de menselijke natuur, maar door Edwards stilistische aanpak, steunend op de klassieke Amerikaanse mise-en-scène en een zeer verzorgde fotografie, lijkt de film veel meer een constructie, al is de crux dat alle films een constructie zijn, ook zijn die de indruk willen geven dat niet te zijn.

Het belang van het IFFR mag niet onderschat worden, het is in Europa na Cannes, Berlijn en Venetië het belangrijkste venster voor nieuwe films, zéker voor films die buiten de mainstream vallen, maar de eerlijkheid gebiedt te zeggen dat een Tiger Award zelden een springplank blijkt voor een opvallende carrière. Van de voorbije elf edities - de competitie is pas ingevoerd in 1995 - is alleen Christopher Nolan, de Brit die gewonnen heeft met zijn debuut Following, een bekende naam geworden in de cinema (Memento, Batman Begins).

De competitie was dit jaar van een matig niveau, slechts vijf van de veertien films zijn een goed-kwotering waard, en de drie Tigerwinaars zijn daar niet bij. Maar niet alle goede competitiefilms bleven met lege handen achter. De vormelijk meest gedurfde film, Glue van de Argentijn Alexis Dos Santos over de verveling (op de tonen van Violent Femmes!) van een stel pubers, kreeg de prijs van de jongerenjury, en de prijs van de internationale pers was voor Madeinusa van de Peruviaanse Claudia Llosa, handelend over een stedeling die zijn ogen niet kan geloven bij een bizar religieus ritueel in een bergdorpje. De publieksprijs waarvoor zowat alle langspeelfilms kandidaat waren, was voor Eden, een Duitse film van Michael Hofmann over chocolade en liefde. Bij de korte films noteren we ook een tricolore triomf: Joke Liberge kreeg de Prix UIP Rotterdam voor Meander en is daardoor meteen genomineerd voor de European Film Awards (zeg maar de Europese Oscars) die in december uitgereikt worden.

Met slechts een kwart van de 250 films achter de kiezen, is het heikel om de kwaliteit van het hele festival in te schatten, maar alla: het gemiddelde niveau van onze selectie was in elk geval goed te noemen. En als we tot slot een kwartet films mogen aanstippen die u bij een Belgische (festival)passage zeker niet mag missen: Citizen Dog, een knotsgekke, met slapstick en songs gevulde, in heftige kleuren gefilmde komedie van de Thai Wisit Sasanatieng; Monobloc, het hypnotiserende verhaal van drie vrouwen van de Argentijn Luis Ortega; de tragikomedie Linda Linda Linda over vier schoolmeisje en hun bandje van de Japanner Nobuhiro Yamashita; en Dead Time, een onthutsend verslag van vier drugverslaafden door de Canadese experimentalist Steve Sanguedolce.

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234