Maandag 24/01/2022

2003 was op twee na warmste 'ooit'

Bij het klinken van de feestglazen dwalen de gedachten wel eens af naar het voorbije jaar. Warme zomer, weinig regen, niet slecht dus. De World Meteorological Organisation (WMO), die over de hele wereld meteorologische gegevens verzamelt, denkt daar anders over. De WMO meldt een oppervlaktetemperatuur die 0,45°C boven het jaargemiddelde (van 1961 tot 1990) ligt. Het noordelijke halfrond was bijna 0,6°C warmer. In Vlaanderen was 2003 1,1 graad te warm.

Leuven

Van onze medewerker

Dirk Hostens

Bovendien maken we momenteel ook nog eens de warmste tien jaar sinds het begin van de metingen mee. Alleen 1998 en 2002 waren warmer, respectievelijk 0,55 en 0,48 °C boven het jaargemiddelde. Sinds 1861 is de wereldtemperatuur meer dan 0,7°C gestegen. Alleen tussen 1940 en 1960 was een kleine daling merkbaar.

In Europa was de periode juni-augustus bijzonder heet, zelfs de warmste van de laatste vijftig jaar. Blocking, het fenomeen dat oceaanstoringen het land niet op kunnen, maakte dat het lange tijd zonnig en warm was. Bovendien kwam de wind op veel dagen vanuit het zuiden, met nog eens extra warmte-aanvoer boven Europa. In Midden-Europa waren de zomermaanden 5 graden warmer dan normaal. In veel weerstations gaf de thermometer meer dan 40 graden aan. Het resultaat was 21.000 sterfgevallen, bovenop het normale sterftecijfer.

De oppervlaktetemperatuur van de Middellandse Zee was eveneens hoger dan ooit. In de Alpen kwam er meer smeltwater dan andere zomers van de gletsjers naar beneden, goed voor drie meter gletsjerijs. In het warme jaar 1998 was dat maar 1,6 meter. De prestigieuze Mont Blanc zou volgens geologen door het smelten van de ijskap op de top minder hoog zijn.

Sommige streken hadden af te rekenen met overvloedige regens, al was dat soms ook een welgekomen geschenk. Het jaar begon met een matige El Niño, dat is de omkering van de normale zeestromingen in het zuidelijke halfrond, waardoor het neerslagpatroon meestal het spiegelbeeld van de normale situatie is. Sommige wetenschappers vermoeden dat die wijzigingen invloed hebben op het weer over de hele wereld. In Australië heerste er droogte en reusachtige bosbranden legden de groene delen van het continent in de as. In het westen van Noord-Amerika zorgden bosbranden eveneens voor een kostelijke nazomer. In Zuidoost-Afrika stegen de landbouwopbrengsten dan weer door de neerslag. Ook in de Sahel werden boeren met extra regen verwend. Overstromingen van de Ganges en de Gele Rivier zorgden voor meer dan 2.000 doden in China, Pakistan, India en Bangladesh.

Het zeer hoge aantal orkanen boven de Atlantische Oceaan (zestien in plaats van tien) moesten weer een heleboel Amerikanen zich naar veiliger oorden reppen. De zwaarste orkanen (categorie 3 of meer), Isabel en Juan, kwamen respectievelijk in North-Carolina en Halifax aan land en grote stukken van de oostkust werden geëvacueerd. In de Stille Oceaan waren er iets minder tyfoons dan gewoonlijk, 36 in plaats van 42.

De stijging van de gemiddelde wereldtemperatuur betekent niet dat het overal ter wereld warmer werd. Bovendien zijn er studies waaruit blijkt dat verdere opwarming van de aarde belangrijke wijzigingen in de zeestromingen kan veroorzaken. De warme Golfstroom die in Europa en Scandinavië voor zachte winters en ijsvrije havens zorgt, zou kunnen stilvallen. Als je die wegdenkt, kun je aan de Belgische kust voorbijdrijvende ijsbergen bewonderen.

Waardoor kan de Golfstroom stilvallen? Water dat naar de polen stroomt, verdampt. Het resterende water wordt zouter en dus zwaarder, en zakt dus naar de diepte. Die beweging trekt nieuw water aan en zo blijft de pomp draaien. Door het smelten van de poolkappen wordt het water zoeter en zakt het moeilijker, en kan de pomp stilvallen. Metingen van het zoutgehalte op de Noordzee wijzen op die tendens. In deze theorie wachten ons Siberische winters.

Andere studies wijzen echter op zachtere winters. Volgens de Nederlandse wetenschapper M. Sigmond zijn de klimaatsveranderingen niet alleen nabij het aardoppervlak, maar ook op grotere hoogte merkbaar. In zijn doctoraatsonderzoek aan het KNMI liet hij zien dat meer broeikasgas in de stratosfeer, de atmosferische laag tussen vijftien en vijftig kilometer, in de winter tot sterkere westenwinden in de lager liggende stroposfeer leidt. Daardoor wordt er 's winters meer zachte lucht aangevoerd dan we gewoon waren.

Aarde was halve graad warmer dan normaal, Vlaanderen ruim een graad

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234