Maandag 17/02/2020

Jubileum

150 jaar Gantoise: dit zijn de meest frappante weetjes

Beeld © rv

Van Buffalo Bill tot Hein Vanhaezebrouck: het mooi uitgegeven boek Gantoise 150 - 101 indianenverhalen spit diep in de geschiedenis van de Gantoise, de Gentse sportclub die haar honderdvijftigste verjaardag viert.

Er weerklinkt trots in de stem van Martin De Backer. "Ik zou drie museumzalen kunnen vullen met mijn archief. Minstens."

De Backer is 57. Hij is geboren en opgegroeid in Gent, maar woont in Diksmuide. Pronkstukken in zijn archief zijn de laatste betonblokken van het sfeervak in het afgebroken Ottenstadion en de scheenbeschermers van zijn held Mance Seghers, in 1998 door de supporters van AA Gent uitgeroepen tot 'Buffalo van de Eeuw'.

"Ik ben al 51 jaar supporter van AA Gent", zegt De Backer. "De voetbalclub is een belangrijk stuk van mijn leven. Ik ben dan ook blij dat mijn foto's in het boek zijn gebruikt." Hij heeft het over Gantoise 150 - 101 indianenverhalen, de nieuwste publicatie van uitgeverij Kannibaal. Het is een verhalenbundeling over de Gantoise, de Gentse multisportvereniging waartoe dus ook voetbalclub AA Gent behoort.

Anders dan Ons Gantoise, het boek dat eerder dit jaar verscheen en vooral op het heden en de supporters focust, belicht Gantoise 150 - 101 indianenverhalen de rijke geschiedenis van de sportclub.

"We wilden geen zuiver sportverhaal maken", zegt Martine Vermandere, medewerkster van het erfgoedcentrum Amsab-ISG en auteur van het boek. "Er is veel aandacht voor de sociale geschiedenis. De stadsgeschiedenis van Gent en omstreken komt ruim aan bod. En ook met de politiek zijn er veel raakpunten, zeker in de beginperiode."

Beeld RV

Vrijmetselaars

Het verhaal van de Gantoise begint op 1 januari 1864, de dag dat enkele vrienden de Franstalige turnclub Société Gantoise de Gymnastique oprichtten.

"De stichters waren vrijmetselaars", vertelt Vermandere. "Ze geloofden dat de bevolking aan het degenereren was en de burgerwacht en arbeidersbevolking te fel verzwakte. In 1871 richtten ze de Gymnastische Volksmaatschappij op, onder het motto 'Werken is nooit verloren'. Later volgden onder meer een wieler-, atletiek-, en voetbalclub. In het begin was de Gantoise elitair, maar gaandeweg zie je de democratisering en pluralisering op gang komen in de sportclub."

Vurig vertelt Vermandere over de bus die in 1952 in Gravelines, op de terugweg van Cap Gris Nez, in het water terechtkwam. "Vijfendertig voetbalsupporters zijn toen verdronken." Over Freddy Chavez, de allereerste vedette van AA Gent, die in volkswijk de Muide een wassalon uitbaatte. "Dat kun je je vandaag toch niet meer voorstellen?"

Opmerkelijk is ook het verhaal van Marcel Dubois, een vergeten Olympische medaillewinnaar. Op pagina 43 van Gantoise 150 - 101 indianenverhalen schrijft Vermandere: "Marcel Dubois (1886- 1955), bijgenaamd Teddy of de Turk, werd in 1906 op het nippertje geselecteerd voor de Olympische Spelen van Athene. Het was de enige keer in de geschiedenis van de moderne Spelen dat er al na twee jaar een nieuwe editie werd gehouden, tussen de 'officie¿le' van 1904 en 1908 in. En het was de eerste keer dat Belgie¿ een olympische delegatie uitzond. Dubois kreeg zijn ticket dankzij 200 frank sponsorgeld van Armand Solvay, telg van het industrieel chemie-imperium. Op 25 april won hij brons in het Grieks-Romeins worstelen bij de zwaargewichten. Vandaag erkent het IOC de resultaten van deze Tussenliggende Spelen niet meer."

Gantoise 150 - 101 indianenverhalen verzamelt levens en anekdotes, gestoeld op een berg zeldzaam archiefmateriaal. De lezer ziet honderden foto's, posters en documenten voorbijkomen, over de meest uiteenlopende sporten en tijdvakken. Baanwielrennen na kogelstoten, van 1864 tot 2014. De laatste hoofdstukken gaan over de bouw van de Ghelamco Arena, waar het boek vanavond wordt voorgesteld, en het succes van de damesploeg hockey.

Beeld RV

Vrouwenbeleid

"Wat me tijdens mijn onderzoek het meest heeft gefrappeerd", zegt Vermandere, "is het beleid van de Gantoise tegenover vrouwen. In elitesporten als hockey en tennis werden vrouwen vrij snel toegelaten, maar in de atletiekclub gebeurde dat pas in 1953. Ongelooflijk toch?"

Ik zeg dat ze als een experte klinkt. Het antwoord is een lach. "Ik ben lang genoeg aan dit boek bezig geweest", zegt Vermandere. "En mijn liefde voor de Gantoise gaat ver terug. In 1953 zijn mijn ouders, West-Vlamingen uit Rumbeke, naar Gent gekomen. Vlak bij het Ottenstadion openden ze een kruidenierswinkel: De Gouden Appel. Daar kwamen voortdurend voetbalsupporters over de vloer. Ik werd dus al vroeg meegezogen in de wereld van de Gantoise."

Bijna drie jaar heeft Vermandere aan dit boek gewerkt, samen met Fran Herpelinck van het KADOC-KU Leuven. De verhalen zocht en vond ze in het Fonds Vliegende Blaadjes van de Gentse universiteitsbibliotheek. In het archief van de Gazette van Gent. Bij supporters en verzamelaars, zoals Martin De Backer.

Ook bezocht Vermandere voormalige sporters en bestuursleden. Of hun weduwen. "Wat me daarbij vooral opviel, is het beroep dat ze vroeger uitoefenden", zegt ze. "Daar zat echt van alle slag mensen tussen: ingenieurs, griffiers, bieruitzetters, noem maar op. Alle lagen van de bevolking waren in sportclub de Gantoise vertegenwoordigd."

De Gantoise bestaat dit jaar 150 jaar. Het boek Gantoise 150 - 101 indianenverhalen wordt omschreven als het orgelpunt van alle vieringen. Het verschijnt net op het moment dat voetbalclub AA Gent ook sportief herleeft, alsof Hein, Benito en Sven de vaart van de geschiedenis in hun rug voelen.

Info: Gantoise 150 - 101 indianenverhalen wordt vanavond voorgesteld in de Ghelamco Arena in Gent. Vanaf woensdag ligt het in alle winkels. www.gantoise150.be

Beeld RV

De Gantoise in drie weetjes

Het is niet duidelijk waarom de Gantoise haar clubkleuren blauw en wit koos, maar volgens Martine Vermandere ligt de verklaring in de Kieswet van 1877. Die kende politieke partijen een kleur toe om analfabeten te helpen. "Hoewel de Gantoise zich niet expliciet als een liberale, en dus blauwe, club profileerde, was ze dat in de beginperiode duidelijk wel." Volgens heemkundigen zijn blauw en wit ook al eeuwen de kleuren van Sint-Pieters, de wijk van de Gantoise was.

Vermandere schrijft dat de typerende aanmoedigingskreet 'Buffalo!' waarschijnlijk dateert van september 1906. Toen kwam Buffalo Bill, een voormalige Amerikaanse bizonjager, met zijn wereldberoemde ruitercircus naar Gent. Een van de attracties was Soccer on horseback, voetbal te paard. Via studentenverenigingen zou de kreet 'Buffalo!' van het circus naar het voetbalstadion zijn overgewaaid.

De eerste Afrikaanse speler in de Belgische competitie was Leon Mokuna, in augustus 1957 aangetrokken door de Gantoise. Omdat de club nog vasthield aan het amateurstatuut en als werkgever sociale lasten moest betalen, werd hij tewerkgesteld in de drukkerij van Het Volk. In 1959 werd hij topschutter met zeventien goals. Zijn bijnaam was 'Trouet', 'hij die gaten in het net trapt'.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234