Zondag 18/08/2019

  1. Ik wil auteursrecht op mijn kapsel

Ik kan niet beweren dat ik in mijn leven veel dingen heb uitgevonden. Geen geneeskundige doorbraak. Geen plasticverbindingen. Geen kürelementen in het kunstschaatsen. Oké, ik was lid van een comité van dikke kinderen in de Midlands dat in 1988 de Kaaslolly bedacht - ongeveer 50 pence aan goedkope cheddarkaas op een vork geprikt en daar dan op zuigen tijdens marathons van de CBBC-kinderklassieker Cities of Gold - maar ik was maar een radertje, zij het een nogal stevig radertje, tussen andere, even begaafde en gigantische raderen. Het is ook waar dat ik behoorde tot datzelfde comité van dikke kinderen dat, stuk voor stuk puberend, tijdens een hopeloze Kerstmis de Sherry Cappuccino bedacht. De geschifte lagen Nescafé en huismerksherry van de buurtsupermarkt zal iedereen die het spul tot zich genomen heeft voor eeuwig bijblijven. Sterker nog, het zal waarschijnlijk ook voortleven in de kopjes waar we het uit dronken. Het was een kleverig goedje.

Maar bezijden dat is het duidelijk dat, als ik de rol van James Stewart zou spelen in een versie van It's a Wonderful Life en me levensmoe van een brug zou storten, Bedford Falls slechts de schouders zou ophalen en nog een teugje eierpunch nemen, zoals altijd. Ik heb werkelijk geen greintje bijgedragen aan de grootse strijd van de mensheid.

Toch is er één povere, schamele innovatie waarop ik volgens mij aanspraak kan maken in mijn anderszins weinig creatieve leven, en dat is mijn kapsel. Met Halloween 2003 - let op die datum, haarhistorici, want ik ben ervan overtuigd dat die ergens bestaan; misschien aan de De Montford University in Leicester - leefde ik mij vrolijk dronken uit met een spuitbus grijze haarverf.

Toen ik de volgende ochtend wakker werd, keek ik in de spiegel en was verbijsterd door wat ik daar zag. Wat ik daar zag, was Het Kapsel van Mijn Leven. Het Kapsel van Mijn Ziel. Ik had een ijzige veeg haar over mijn linkeroog hangen. Een blauwgrijze streep. Een berijpte lok. Het had iets van actrice Eleanor Bron, iets van Morticia Addams, iets van de wijze, oude aap uit The Lion King. Dit was duidelijk het Recept voor Mij. Ik ging naar de kapper en liet me semigrijs verven.

De eerste drie jaar waren mijn kapsel en ik heel gelukkig. Oké, bejaarden waren geneigd bij de bushalte op me af te stappen om hun medeleven te betuigen ("Oooo, je bent net zoals ik. Ik was totaal grijs op mijn negenentwintigste, nadat ik gordelroos had gehad. Je moet zo'n pakje haarverf bij de drogist halen."), maar ik had het idee dat ik op een soort Haar Queeste was. Ik had het gevoel dat ik grenzen aan het verleggen was. Ik had het gevoel dat ik creatief bezig was.

Haardynamiet

Toen viel de bom. Vorige zomer belde mijn broer Eddie - het dissidente lid van het Kaaslollycomité, die in 1988 had geopperd dat we ons bij onze bestekresearch slechts zouden concentreren op de vork - me vanuit Brighton. "Ik heb net een vrouw zien lopen met jouw haar", zei hij. "Bij Peacocks", voegde hij eraan toe. "Ze kocht leggings."

In eerste instantie voelde ik me gevleid. Ik kom vrij vaak in Brighton. Het was niet buiten de grenzen van het mogelijke dat die vrouw mijn kapsel had gezien en er simpelweg door geïnspireerd was. Ik kon het haar niet kwalijk nemen. Ik heb haardynamiet in handen.

Vervolgens belde mijn zus, een maand later, ook vanuit Brighton. "Ik heb vijf vrouwen gezien met jouw haar", gooide ze er meteen uit. Toen vond ik het niet leuk meer, dat moet ik toegeven. Die vrouwen hadden vrij duidelijk hun kapsel niet van mij afgekeken. Zij hadden het afgekeken van de vrouw die het van mij had afgekeken. Zij kenden hun haarklassiekers niet. Op die manier was er alle kans dat mijn kapsel de geschiedenis in zou gaan met het etiket 'herkomst onbekend'.

Toen, een week voor het einde van het schooljaar, escaleerde de zaak gigantisch, zij het vooral in mijn hoofd. Voor het hek van de school stond op een ochtend - even verbijsterend als de aanblik van een ijsbeer - een moeder met mijn haar. Op mijn eigen territorium! Zo brutaal als de wat pretentieuze grijstint die haar - duidelijk inferieure - kapper had verzonnen! De angst om te sterven als een onbekende haarverfgrootheid was vervelend genoeg, maar dit nieuwe scenario was volstrekt andere koek. Volgens mij weet elke vrouw wat het betekent als een andere vrouw jouw karakteristieke stijl jat. Zo herinner ik mij uit mijn tienertijd de toorn van mijn vriendin Julie toen ze zag dat een klasgenootje zich haar toenmalige handelsmerk had toegeëigend - een gewatteerd jack, gedragen met buttons langs de elastieken zoom. "Het is oorlog", zei ze botweg terwijl ze bij Burger King een sigaret rookte, iets wat destijds nog mocht.

En nu had die kapseljattende vrouw mij natuurlijk de oorlog verklaard. Want je kijkt geen kapsel af van iemand die je elke dag ziet als je denkt dat het je rotter zal staan. Die kapseljattende moeder dacht dus dat mijn kapsel haar beter stond. Dat het in grote lijnen een goed kapsel was, maar dat het verpest werd door de toevoeging van mijn gezicht. Ze diste me. Dat was overduidelijk de daad die de aanleiding zou vormen voor het uitbreken van een oorlog.

Folliculaire vijand

Maar hoe voert men een Haaroorlog? Onbevredigend genoeg is dat de vraag waar ik momenteel op blijf hangen, met nog vijf weken zomervakantie te gaan voor ik mijn folliculaire aartsvijand weer zal treffen. In mijn optiek heb ik slechts drie opties: 1) Haar vermoorden - de verstandige, maar mogelijk immorele optie. 2) Zelfmoord plegen - onverantwoord, gezien mijn prominente plek in het carpoolrooster. 3) Een compleet nieuw kapsel nemen - eerlijk gezegd kun je me dan net zo goed vragen een reis naar Mordor te ondernemen om De Ene Ring in de Doemspleet te werpen. Ik ben tweeëndertig. Ik ben te oud voor een dergelijke queeste. Dit is het kapsel waarmee ik, in voor- of tegenspoed, zal sterven.

Dus hier sta ik, ongevraagd in een haarimpasse gedwongen. Ik kan er niet bij dat er voor dit soort kwesties geen richtlijnen van overheidswege zijn. Ik trek me de haren uit het hoofd.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden