Dinsdag 17/09/2019

‘1.400 burgerdoden in Oost-Congo’

Human Rights Watch (HRW) vindt dat de VN-vredesmacht in Oost-Congo onmiddellijk alle steun aan het regeringsleger moet staken. De blauwhelmen dreigen immers medeplichtig te worden aan brutale mensenrechtenschendingen en oorlogsmisdaden.

In de periode van januari tot november 2009 bezochten HRW-onderzoekers dertig locaties in de oostelijke provincies Noord- en Zuid-Kivu. Ze interviewden bijna zevenhonderd geweldslachtoffers en voerden ook gesprekken met Congolese militairen, (voormalige) rebellen, VN-medewerkers, diplomaten, blauwhelmen, vertegenwoordigers van het middenveld, internationale hulpverleners en politici: in totaal een driehonderdtal personen. Ook Congolese ministers en president Joseph Kabila werden geïnterviewd. De onderzoeksperiode valt samen met twee regeringsoffensieven tegen het FDLR, een Hutumilitie waarvan sommige leiders deelnamen aan de Rwandese genocide van 1994. De eerste operatie - Umoja Wetu - gebeurde in samenwerking met het Rwandese leger, het tweede offensief - Kimia II - begon in maart en werd ondersteund door de VN-vredesmacht.Het rapport You will be punished geeft een bijzonder gedetailleerd overzicht van het geweld in Oost-Congo. Algemene conclusie van de onderzoekers is dat de burgerbevolking zowel door het regeringsleger als door de Huturebellen van het FDLR geterroriseerd wordt. Beide strijdende partijen beschuldigen de burgerbevolking van collaboratie met de vijand. Binnen het regeringsleger zijn vooral de vroegere rebellen van krijgsheer Laurent Nkunda verantwoordelijk voor het geweld. Zij werden in januari inderhaast ingelijfd in het Congolese regeringsleger maar behielden een eigen commandostructuur en lijken vooral hun eigen belangen te dienen. Volgens sommige waarnemers gebruiken ze de militaire operaties om grondstoffenmijnen te veroveren en om land vrij te maken voor de Congolese Tutsivluchtelingen die momenteel in Rwanda leven.

Massaslachtingen

Zowel de FDLR-rebellen als de voormalige Nkundastrijders maakten zich de jongste maanden schuldig aan meerdere massaslachtingen. Zo richtten FDLR-strijders op 9 en 10 mei een gruwelijk bloedbad aan in het dorpje Busurungi, nabij Goma, waarbij zeker 96 doden vielen. Onder de slachtoffers: 25 kinderen, 23 vrouwen en zeven ouderen. De slachtoffers werden met machetes en bijlen doodgehakt, doodgekogeld, onthoofd of levend verbrand. Tijdens hun aanval vernielden de milities 702 huizen, drie gezondheidscentra en meerdere scholen en kerken. Een ooggetuige: “De volgende ochtend keerde ik terug naar het dorp. Ik zag overal lijken: onthoofd, verkoold en verkracht. Ik was bang en ben niet lang gebleven. De vrouwenlichamen waren allemaal naakt waardoor we wisten dat ze verkracht waren. Sommigen waren gedood met kogels, anderen met een mes of een machete. Ik zag twee zwangere vrouwen, de FDLR-strijders hadden hun buiken opengesneden en de foetussen uit hun lichamen verwijderd. De negen kinderlijkjes die ik gezien heb, waren allemaal verbrand. Een van hen was eerst met een mes bewerkt. Nog diezelfde dag ben ik naar Goma vertrokken.” De HRW-onderzoekers schrijven dat het FDLR in negen maanden tijd doelbewust 701 burgers om het leven bracht. “Het gaat om een bewuste tactiek van wraakacties door het centrale FDLR-commando.” FDLR-strijders gebruikten seksueel geweld als oorlogswapen, zo blijkt uit het rapport. Het jongste slachtoffer was negen jaar oud, het oudste 85. Velen onder hen werden niet enkel verkracht, maar ook verminkt. “Wanneer FDLR-strijders iemand verkrachten, doen ze ook aan foltering”, vertelde een geneesheer uit Bukavu. “Sommigen verbranden hun slachtoffers, anderen steken objecten in de vagina van hun slachtoffer, sommigen schieten zelfs een kogel in de vagina. Vanuit medisch oogpunt zijn de gevallen van verkrachting door het FDLR het ergst.” Voormalige FDLR-strijders vertelden aan HRW-onderzoekers dat ze het bevel kregen om “een humanitaire catastrofe aan te richten om zo de internationale gemeenschap onder druk te zetten om haar steun aan de operaties van het regeringsleger stop te zetten.”Maar ook het regeringsleger maakt zich op grote schaal schuldig aan seksueel geweld. In totaal werden tussen januari en september 7.540 verkrachtingen geregistreerd, het dubbele van het hele jaar 2008. Maar volgens de HRW-onderzoekers gaat het hier slechts om een fractie van het werkelijke aantal: de meeste slachtoffers kunnen of willen hun verkrachting niet aangeven. Eén ding is duidelijk: “De overgrote meerderheid van de slachtoffers werd misbruikt door regeringssoldaten of FDLR-strijders.”Net als het FDLR maakte het regeringsleger de jongste maanden vele burgerslachtoffers: zeker 732 mensen werden doelbewust door regeringsmilitairen vermoord, velen tijdens aanvallen op Hutuvluchtelingenkampen. Verder zegt HRW over ongeverifieerde maar geloofwaardige informatie te beschikken waaruit blijkt dat in ver afgelegen regio’s nog eens 476 burgers door het regeringsleger gedood werden. Zo’n 900.000 burgers moesten vanwege het geweld hun dorpen verlaten en zochten hun toevlucht in vluchtelingenkampen, bij familie of houden zich schuil in het woud.

VN-vredesmacht onder vuur

Het VN-rapport trekt ook harde besluiten voor de VN-vredesmacht in Congo (Monuc). “Monuc heeft van de VN-veiligheidsraad een sterk mandaat gekregen om burgers te beschermen, desnoods door geweld te gebruiken. Maar de vredesmacht is een partner geworden bij de militaire operaties van het Congolese leger en is er niet in geslaagd om vóór de aanvang van de militaire operaties maatregelen te nemen om de burgerbevolking te beschermen.”Helemaal nutteloos was het regeringsoffensief tegen de FDLR-rebellen niet, geven de onderzoekers van Human Rights Watch toe. In totaal werden 1.087 FDLR-strijders ontwapend en naar Rwanda gerepatrieerd. Maar de humane prijs die voor dat resultaat betaald moest worden, was extreem hoog. “Voor elke gerepatrieerde FDLR-strijder werd minstens één burger doelbewust vermoord, werden zeven vrouwen en meisjes verkracht, acht huizen vernield en werden 900 mensen gedwongen om hun huizen te verlaten. Die cijfers zijn trouwens niet volledig en de militaire operaties zijn nog steeds aan de gang.” Zolang Monuc van de Congolese overheid geen garanties krijgt dat het zich niet medeplichtig maakt aan schendingen van het oorlogsrecht moet de vredesmacht “haar steun aan Kimia II onmiddellijk staken”.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234