Leugendetector

'Leugenpak' moet bedriegers finaal schaakmat zetten

1 De Amerikaanse uitvinder John Larson demonstreert de polygraaf, Illinois in de jaren 1930. © getty

Op basis van je hartslag en andere fysieke gegevens beslissen of je liegt is controversieel. Maar zeker in de VS is het vaak doorslaggevend in rechtszaken of zelfs bij sollicitaties. Nederlandse en Britse onderzoekers komen nu met een leugendetector die een stuk betrouwbaarder moet zijn dan de klassieke polygraaf: het leugenpak.

Je lichaam verraadt of je liegt. Sinds de Amerikaanse psycholoog William Martson dat in de jaren twintig vaststelde, vertrouwen politie- en inlichtingendiensten op de polygraaf of leugendetector. Een polygraaf, letterlijk 'veelschrijver', meet onder andere bloeddruk, hartslag, spierpanning, transpiratie en ademhaling.

Maar twijfels over de juistheid van die methode zijn nooit echt gaan liggen. In 1998 besloot het Amerikaanse Hooggerechtshof dat er geen consensus is over de betrouwbaarheid van de methode en in 2003 schaarde de US National Academy of Scientists zich achter die conclusie. Nochtans speelt de leugendetector in rechtszaken in de VS en Canada vaak een doorslaggevende rol omdat volksjury's vertrouwen hebben in een machine.

Ook bij ons hanteert justitie de leugendetector, al kan het resultaat niet doorslaggevend zijn.

Verbeterde versie

Share

Talloze onderzoeken van de laatste tientallen jaren geven aan dat een klassieke leugendetector het maar een klein beetje beter doet dan wanneer je kop of munt zou doen

Ross Anderson, Cambridge University

Een team ingenieurs en criminologen komt nu met een verbeterde versie: het leugenpak. Met zeventien ingebouwde sensoren die tot 120 keer per seconde en in drie dimensies je bewegingen meten kan het preciezer, zo kondigen ze aan op de jaarlijkse Internationale Conferentie voor Systeemwetenschappen. De ontwerpers baseren zich op de vaststelling dat iemand die liegt meer beweegt. Het pak registreert dat in detail.

Op basis van experimenten met vrijwilligers claimen ze dat ze met het pak 70 tot 80 procent juiste conclusies trekken. "Talloze onderzoeken van de laatste tientallen jaren geven aan dat een klassieke leugendetector het maar een klein beetje beter doet dan wanneer je kop of munt zou doen, namelijk rond de 55 tot 60 procent correcte conclusies. Wij halen betere resultaten en dat is erg belangrijk want de vrijheid of job van mensen kan ervan af hangen", zegt professor Security Engineering Ross Anderson (Cambrigde University) daarover in The Guardian.

Het team testte het speciale pak, dat nu nog 25.000 euro kost, bij 180 studenten en medewerkers aan de Universiteit van Lancaster. De helft kreeg de opdracht te liegen, de andere de waarheid te vertellen. In de eerste test werd iedereen ondervraagd over een computerspel. Sommigen hadden dat ook echt gespeeld en hoefden niet te liegen, anderen hadden er enkel over gelezen en moesten wel liegen. Ook in de tweede test, waarin de deelnemers een verloren portefeuille al dan niet in een doos voor verloren voorwerpen stopten of voor zichzelf hielden, gaf het pak in 82 procent van de gevallen juist aan of ze logen of niet.

"De leugenaars bewegen meer. Daarmee halen we 70 procent en in combinatie met de juiste ondervragingstechnieken 80 procent. Wie dit weet, kan proberen stokstijf te zitten, maar het gaat om onbewuste bewegingen. En iemand die stokstijf zou blijven, zou meteen ook verdacht zijn", zegt Anderson. Hij wijst op het belang van betere leugendetectie, zeker nu geweten is dat ook de CIA marteling gebruikt. "De wetenschap weet al lang dat dat niet werkt. Een betrouwbare leugendetector is nodig."

Goedkopere versie

Share

Zelfs een leugenpak met 70 procent betrouwbaarheid betekent nog altijd dat drie op de tien verdachten fout beoordeeld worden

Chris Dillen, VUB

Het team werkt nu aan een goedkopere versie van het pak. Dat kan met technologie voor bewegingssensoren zoals die nu al bij Xbox-consoles zit.

"Een niet onlogisch piste want het klopt dat je hele lichaam 'spreekt'", reageert professor forensische gerechtspsychiatrie Chris Dillen (VUB). Maar hij waarschuwt voor gegoochel met juistheidspercentages. "Een student die een test doet, is nog iets anders dan een crimineel die al twintig jaar 'in het vak' zit en een dodelijke injectie riskeert. Die tests moeten herhaald worden voor we dit echt kunnen inzetten.

"En het zou trouwens een slechte zaak zijn, mochten we zodanig op technologie vertrouwen dat enkel dat nog doorweegt in het rechtssysteem. In de VS is er die trend al en je merkt het zelfs hier een beetje. Omdat het techniek is, met cijfertjes en grafieken, wordt er soms te veel waarde gehecht aan bijvoorbeeld psychologische en andere tests. Terwijl zelfs een leugenpak met 70 procent betrouwbaarheid nog altijd betekent dat drie op de tien verdachten fout beoordeeld worden."