muziek

The Rhythm Junks in de AB Club: tussen beuzelend en briljant

3 © null

The Rhythm Junks stelden hun nieuwste plaat It Takes A While gisteravond voor aan een volgestroomde AB Club. Het Kempens trio zocht en vond er de blues, door grootmeester Steven De bruyn feestelijk uit zijn kleine mondharmonica getoverd. Al duurde de aanloop wel wat lang.

The Rhythm Junks zijn al even verveld van zeven naar drie. It Takes a While is het nieuwste album dat de jonge Jasper Hautekiet en veteraan Tony Gyselinck (Toots Thielemans) samen met eeuwige kapitein Steven De bruyn boetseerden. De schoenen waren wel al ingelopen, maar het trio schoot niet meteen krachtig uit de startblokken in de AB Club. Het duurde even voor vingers en stembanden soepel werden, en er evenveel fun als funk in het samenspel zat. De titel van hun nieuwste boreling speelde mogelijk mee, dan wel de zenuwen op deze première.

3 © Alex Vanhee

Aan kleur ontbrak het nochtans niet. Onder donkerblauwe spots kwam Steven De bruyn het podium opgeschuifeld. Zijn mondharmonica ronkend, als een boeddhistische monnik die langzaamaan wakker werd. Oerwoudtrommels en een krakende bas maakten het plaatje compleet: dit was een ontwaken. Het beest zette zich met een tribale sound in gang: een strakke bas en freewheelend harmonicaspel domineerden openingstrack 'How Long'. Maar in 'Calling Masala' legde Steven De bruyn zijn smoelschuif al even opzij voor de omnichord (een bizarre Japanse synth-harp). Alsof hij zich nog niet meteen mòcht uitleven.

Share

De mondharmonica van Steven De bruyn ronkte als een boeddhistische monnik die langzaamaan wakker werd

De mentale klik kwam er na een hartelijke begroeting met het publiek, en de vaststelling van de frontman dat The Rhythm Junks alweer twaalf jaar de baan op zijn. "Nu speel ik echt met de band waar ik altijd van gedroomd heb", zei De bruyn oprecht. 'The Game Is Up' ontpopte zich fraai met een heerlijke harmonica die tegelijk stuurs, beuzelde en boos was. Alsof Triggerfinger even de gitaren had ingeruild voor een bluesharp. 'It takes a while' was een kort rustpunt. Het volume ging zachter, borstels beroerden de drums en een warme stem kroop achter de micro. De bruyn -van opleiding socioloog, zo meldde hij- leek het podium almaar meer te vergeten. Tijdens 'Some People' dook en kroop de meester al huppelend naar zijn band toe, het zweet dik parelend op zijn voorhoofd. 'Checking In' was nog zo'n treffende acceleratie. Een song die startte op het  ritme van 'Papa Was a Rolling Stone', en die steeds meer en meer versnelde.

3 © null

'Winter Bones', het slotnummer van de nieuwe plaat, mag na de live-versie gisteravond onze favoriet genoemd worden. Een hammond-orgeltje leek wel het ritme aan te geven, knap overgoten door een broedende harmonica. En 'Trying To Listen' zou niet misstaan in de setlist van dEUS. Klassieker 'Join The Bus' was de mentale klik die de zaal echt aan het dansen kreeg. Hautekiet bezong fraai de tweede stem, en speelde alsof hij de nieuwe bassist van Primus was. Ook de korte drumsolo van Gyselinck zat vol met vuur. "Beneden staat 'De Nieuwe Lichting', hier krijgt u 'De Oude Lichting!'", knipoogde De bruyn de tong tussen de lippen.

The Rhythm Junks hadden de connectie met het publiek vast. Onder luid applaus kwam de groep bissen met een zwoel 'Offline Land', dat tegen de reggae aanleunde. 'Best Kept Secret' was een feestelijk slotakkoord, het stemtimbre en het gevoel van Prince tijdens zijn hoogdagen evenarend. Er volgde nog een laatste duel tussen bas en mondharp, waarna het concert langzaam uitdoofde. Met een op de harmonica fluitend vogeltje, dat vrolijk terug de wildernis in fladderde. Het venijn zat bij deze Rhythm Junks duidelijk in de staart.  

nieuws

cult

zine