Concertrecensie

The New Wave Of Belgian Jazz in AB: Ogen tot spleetjes geknepen, neus vol stoom

Taxiwars, Black Flower en De Beren Gieren triomferen in vol ornaat

1 Taxiwars. © Universal/Kris De Witte

De crème de la crème van de jongste Belgische jazzlichting ontsnapte in de AB aan de wetten van welk muziekgenre dan ook. Was het jazz? Geen idee. Who cares?

The New Wave Of Belgian Jazz vierde niet zozeer de jazz an sich, dan wel wat het plusminus honderdjarige muziekgenre de voorbije jaren in ons land heeft teweeggebracht. Het minifestival trekt dit weekend een streep onder het Jazz 100-project, waarmee de AB en Flagey een jaar lang de verjaardag van het genre vierden. Weinig verwonderlijk dus dat de kleppers uit de jongste inlandse jazzlichting de puntjes op de i mochten komen zetten: stuk voor stuk bands die een stevig loopje nemen met de wetten van de het genre.

Eerder deze week stelde drummer Teun Verbruggen er zijn label RAT Records voor en joegen jonge beeldenstormers als SCHNTZL, Compro Oro en Beraadgeslagen de muziekpuristen de gordijnen in. Zaterdag vond het Antwerpse BRZVLL zich opnieuw uit met de jazzfunk van zijn laatste plaat Waiho en flirtte vreemde eend The Mechanics met noise, no wave en avant-rock in de club. Dat zootje ongeregeld werd gestuurd door Rudy Trouvé en Mauro Pawlowski, twee immer dwarse rockveteranen die grimmige, aan Throbbing Gristle en Theoretical Girls verwante teringherrie tegen de muren kwakten. Jazz was het geenszins, maar daar maalde het ruimdenkende publiek amper om.

Schizofreen kransje

Share

De Beren Gieren waren onberispelijk in de AB. De hokjesdenker te vlug af, de jazz voorbij, de toekomst in

Het alom geprezen Gentse trio De Beren Gieren (★) vierde in de AB zijn boerenjaar 2017 en vast ook de vermelding van hun laatste album Dug Out Skyscrapers in een hoop eindejaarslijstjes. Aangevoerd door pianist Fulco Ottervanger ontsteeg de band zichzelf op wonderlijke wijze, met kromgebogen pianonoten, hoekige grooves en een stugge, repetitieve contrabas. Nu eens wiegden we op het felle potten -en pannengerammel van drummer Simon Segers, dan weer lieten we de trance toe die Ottervangers zacht neerplenzende noten suggereerden: meer Sakamoto dan Mingus, zeg maar.

‘De Belofte Treurwals’ outte zich als een haast grotesk nostalgisch treurlied, met overstuurde piano en een groove die zichzelf halverwege leek te ontmantelen, alsof de compositie zichzelf in vraag stelde om tenslotte te verdampen. Wij moesten erbij aan de samplekunsten van DJ Shadow denken en dat is altijd een goed teken. ‘Weight Of An Image’ trippelde aanvankelijk levenslustig de grote zaal door maar vervelde gaandeweg, tot alleen dreigende, weeë melancholie overbleef. Schizofreen kransje, die Beren.

“We gaan jullie zachtjes laten landen”, beloofde Ottervanger voor hij ‘Voorlopige dagen’ inzette, een succulent, minimalistisch schaduwspel met een beklemmend je ne sais quoi dat alleen Angelo Badalamenti, de huiscomponist van cineast David Lynch, beheerst. De Beren Gieren waren onberispelijk in de AB. De hokjesdenker te vlug af, de jazz voorbij, de toekomst in.

Smakelijke crossover

“Als je over vijfhonderd jaar een musicoloog naar een plaat van Black Flower laat luisteren, zal hij vaststellen dat zo’n album niet voor de jaren 2000 kan zijn gemaakt”, wierp Nathan Daems ons vorig jaar nog voor de voeten. In Brussel zette hij die stelling kracht bij door de Ethiopische jazzimpulsen die zo typisch zijn voor Black Flower (★) te voorzien van vermakelijke ritmewissels, een dikke elektrische basgroove en naar jazzfunk en krautrock uitwaaierende drumritmes. Een vleugje rootsreggae links, wat calypso rechts, een toefje sixtiespsychedelica onder de poriën van de composities: Mulate Astatke, koning van de Ethio-jazz, was er wellicht niet opgekomen.

Voeg daarbij de naar de Miles Davis van de jaren zestig knipogende trompet van Jon Birdsong (weemoedig, door merg en been klievend) plus Daems' lekker hortende saxofoons en je kreeg een hybride op je bord die 2017 ademde. Het type crossover waarmee je moeiteloos in het buitenland furore kunt gaan maken, vermoeden wij.

Met getrokken zwaard

Share

Veel lof ook voor Taxiwars-saxofonist Robin Verheyen, die vloeide en vonkte alsof hij in de leer is geweest bij John Coltrane himself

“Mijn stem zit nog op de tgv van Amsterdam”, bekende een lichtjes schorre Tom Barman bij de start van het Taxiwars-concert (★). “Ik denk dat hij over vijf minuten wel aankomt”. De schade viel mee. Barman beet zich door zijn blitse beat poetry, wankelde tussen Gil Scott-Heron en Scott McCloud toen die bij New Wet Kojak zong: brutaal, bits, bronstig, niet zonder wereldwijze zelfrelativering.

We kregen een handjevol gloednieuwe nummers voorgeschoteld, waarvan de grooves ruw en bonkig waren of uit de losse pols werden geschud: simuleerde drummer Antoine Pierre daar nu een klassieke sixties-funkbreak? Barman vervormde zijn stem in die mate dat we heel even aan ‘Bob George’ van Prince moesten denken: een cultclassic even schalks, wispelturig en minimal als die nieuwe, uitgebeende Taxiwars-tracks. ‘Irritated Love’, ook een nieuwtje, bleek een teder, wrang liefdeslied waarbij het doorsnee mensenhart zal verschrompelen. Prachtig, nu al.

Veel lof ook voor Robin Verheyen, die vloeide en vonkte alsof hij in de leer is geweest bij John Coltrane himself. Verheyens spel was assertief, compromisloos, met de Afro-Amerikaanse jazzgeschiedenis diep in de cadans. In de AB blies hij niet gewoon op zijn sax: hij viel ons verdomme aan! Ziedend, als met een getrokken zwaard, de ogen tot spleetjes geknepen, de neus vol stoom.

En nu moet u ons de komende twee weken met rust laten. Al die klasse heeft een goesting doen krijgen in meer. Wij jagen er al die Belgische topplaten thuis nog eens door, aan hoog volume. De buren mogen nu al op hun kop gaan staan. 

Gezien op 16 december in de AB, Brussel.

Dossier Muziek, maestro!
Dossier Muziek, maestro!

Honger naar muziek? Die kan u hier stillen met de recensies en andere artikels van onze muziekredactie.

Lees alle artikels

nieuws

zine