Festivalitis

Melanie De Biasio betovert, en de rest van de tweede dag Jazz Middelheim

4 Melanie De Biasio op Jazz Middelheim. © Wouter Van Vooren

De eerste dag van Jazz Middelheim kleurde met artiesten als Dijf Sanders en Black Star nog stevig buiten de lijntjes, maar op dag twee mocht de meer traditionele jazz naar voren treden. Behalve Melanie De Biasio dan: de headliner van vrijdag bracht betoverende eigenzinnigheid naar Park Den Brandt.

De vijver van Park Den Brandt is nog steeds niet bekomen van de droogte. Donderdag kreeg Jazz Middelheim dan wel met een stevige hoeveelheid regen te maken, en ook op vrijdag, iets voor negen uur, zouden de hemelsluizen zich openzetten, maar in de vijver is het zoeken naar een bodempje water. 

Niet dat het publiek van Jazz Middelheim zich dat aan z'n hart laat komen. Water is hier ondergeschikt aan Duvel, dat gretig naar binnen wordt gegoten. En anders wordt er wel voor Tripel d'Anvers gekozen. Om tegen het barpersoneel ook even te klagen over het volume van de kraag. Om maar te zeggen: Jazz Middelheim heeft een kritisch publiek.

Maar ook een dankbaar publiek. Toen de Philip Catherine Reunion Band (★★★☆☆) het voor bekeken hield - net op het moment dat de eerste druppels begonnen te vallen - werden Catherine en zijn vier kompanen bedankt met een staande ovatie. Het was dan ook een behoorlijk uniek concert: het was de eerste keer dat de Belgische jazzgitarist uit Londen samenspeelde met de vier muzikanten die hem bijstonden bij de opnames van September Man (1974), zijn beroemdste plaat.

4 Trompettist Palle Mikkelborg en gitarist Philip Catherine. © Wouter Van Vooren

Zo stond niet alleen Catherine centraal, maar ook de vier virtuozen naast hem. Vooral trompettist Palle Mikkelborg, steeds naar de grond gebogen, mocht schitteren, in een concert dat zich in twee helften liet opdelen. De eerste veertig minuten waren gedrenkt in nostalgie: Catherine nam je mee naar een doorrookte kroeg in Parijs of New York, waar nostalgie aan de bar kleeft. Dit zou, met andere woorden, een uitstekende backing band zijn voor de Tom Waits ten tijde van Closing Time.

Share

'Nineteen Seventy Fourths' groeid uit tot het hoogtepunt van de set: de groovende bas nodigde sommige toeschouwers, braaf op hun stoeltjes gezeten, zelfs uit tot een voorzichtige danspas

De jazz die Philip Catherine op die momenten brengt, is gerijpt als whisky: rokerig van smaak, en geurend naar een onbestemd, melancholisch verleden. Je proeft rijkdom en kunde, maar virtuositeit komt nooit de aandacht opeisen. Alleen: soms hebben wij ook trek in iets dat wat meer sprankelt, en daarop moesten we wachten tot het slot van het concert. Toen mochten de drums de versnelling inzetten, mocht de piano dansen, en mocht de gitaar grillig haar eigen weg gaan. 'Nineteen Seventy Fourths' groeide zo uit tot het hoogtepunt van de set: de groovende bas nodigde sommige toeschouwers, braaf op hun stoeltjes gezeten, zelfs uit tot een voorzichtige danspas.

Sax verandert alles

Catherine was niet de enige ancien die aanwezig was op de tweede dag van Jazz Middelheim. In 1993 stond het Brussels Jazz Orchestra hier al. Ter gelegenheid van hun 25ste verjaardag treden ze op vrijdag maar liefst vier keer op, telkens met een andere twist, onder de noemer BJO Presents. Zo wordt er in 'Kaneelvingers' gespeeld met poëzie van Stefan Hertmans, en onderzoekt BJO in 'We Have a Dream' de politieke erfenis van zwarte muziek. 

Wij konden een stukje meepikken van het laatste concert - 'We Orchestrate Words' - waarin BJO vooral naar de toekomst kijkt, met de hulp van scratch-meester DJ Grazzhoppa, rapper en slam poet ZED, en zanger Junior Akwety. Vooral die laatste, een Cee-Lo Green-achtige figuur met een indrukwekkend bereik, leek zich als een vis in het water te voelen. En herinnerde ons eraan dat BJO op zijn 25ste nog steeds niet bang is om nieuwe ontdekkingen te doen.

Op die manier sloten we een dag af die we waren begonnen met FONS (★★★☆), een trio van drie studenten van het Koninklijk Conservatorium Antwerpen, die speciaal voor Jazz Middelheim werden bijgestaan door de Amerikaanse altsaxofonist Logan Richardson. Het viertal bracht jazz die niet bang is om eerst breed uit te waaieren, en het publiek dan te verrassen met een twist. 

Share

FONS luistert ook wel eens naar Radiohead, en is creatief genoeg om met die invloed vindingrijke jazz te maken

Zo zocht 'What Lies Beyond', met dank aan een traag zingende sax, aanvankelijk de weemoed van Miles Davis' soundtrack voor Ascenseur pour l'Échafaud op, tot een staccato gitaar de suite een andere richting uitduwde. In de wereld van FONS gaat het zo nu eenmaal: motiefjes en melodieën verdwijnen even snel als ze opduiken, waardoor je soms verloren lijkt te lopen in hun muziek, maar hun experimenteerdrang levert ook interessante pareltjes op. Ontketent het viertal op het ene moment nog een niets ontziende klankenstorm, dan bevind je je enkele seconden later plots in een oase van rust, waarin de het sax-duo het overneemt van de drummer. Sax verandert alles, wist De Mens al. Zoiets toch.

Vonden wij het mooist: 'Reindeer', een korte compositie die werd voortgestuwd door een elektronische, voorgeprogrammeerde bas, en wordt ingekleurd door een gitaar die scherper klinkt dan anders. Een song die, met andere woorden, toonde dat dit drietal ook wel eens naar Radiohead luistert, en creatief genoeg is om met die invloed vindingrijke jazz te maken.

Avontuurlijk

Op het moment dat De Beren Gieren (★★★☆☆) aantraden, scheen de zon nog buiten de tent. Ook zij hadden iets te vieren: vooraleer 'Oude Beren' werd ingezet, vertelde pianist Fulco Ottervanger - wat een fantastische naam, trouwens - dat het trio negen kaarsjes mocht uitblazen. Behoorlijk jong is dat, zeker op een festival waar het publiek gewoon is om rustig te zitten.

4 De Beren Gieren. © Wouter Van Vooren

De set van De Beren Gieren was een beetje als de haren van drummer Simon Segers: weelderig, en ongekamd. 'We Dug Out Skyscrapers' was een vroeg hoogtepunt, met een brommende bas, onheilspellende drums en een piano die zich maar wat graag wentelde in de chaos. Deze jazz drijft op improvisatie, en in plaats van de drums, die bij De Beren Gieren niet bang zijn om op de voorgrond te treden, is het de bas die als ankerpunt dient. Al dient daarbij vermeld dat wanneer de vingers van bassist Lieven Van Pée gaan lopen, ze niet altijd een bestemming in gedachten hebben. Avontuurlijk, heet dat.

Toch had het het drietal het bijwijlen moeilijken om de spanningsboog strak te houden. Hun composities gaan soms meanderen, en verdwalen dan in een bos van nochtans frisse ideeën. Niet dat we ons verveeld hebben, maar wanneer ze op enkele minuten tijd van klassieke pianomotiefjes in de stijl van Dave Brubeck over Charles Mingus-achtige baslijntjes tot bijna futuristische Vangelis-composities hoppen, hadden ze ons toch niet altijd mee.

Onder de huid

Share

Met een streepje dwarsfluit en haar kwetsbare zanglijnen zet Melanie De Biasio haar wereld op een kier, en als u de ingang vindt, wil u er niet meer weg

Wie ons wel helemaal mee had, was Melanie De Biasio (★★★★). De zoetgevooisde zangeres uit Charleroi was de onbetwiste headliner van dag twee, want geloof ons vrij: het was niet enkel omwille van de regen dat de tent volledig was volgelopen. En die uitpuilende tent was getuige van een prachtig concert, waarbij De Biasio al fluisterend haar ziel blootlegde. 'Let Me Love You' begon nog ietwat aarzelend, en de breekbare opener werd overstemd door geluid dat van buiten de tent kwam. Even leek het concert van de avond in het honderd te lopen.

Geen nood echter, want in het anderhalf uur dat nog zou volgen, zat alles nagenoeg perfect. 'Gold Junkies' klonk zweterig en onrustig, en hield de adem in, wachtend op een ontsporing, een explosie, een storm die losbarst. Het was des te beklijvender dat die er niet kwam: de song ging naadloos over in 'Sitting in the Stairwell', waarvan we de indruk hadden dat ze het voor zichzelf zong. Alsof ze zichzelf een gebed toe prevelde, en wij van daarvan toevallig getuige mochten zijn.

De Biasio zing doorgaans met haar ogen toe, is tussen songs door weinig van zeggen: een volksmenner is ze niet. Maar met een streepje dwarsfluit en haar kwetsbare zanglijnen zet ze haar wereld van lelies en zwartgeblakerde steden op een kier, en als u de ingang vindt, wil u er niet meer weg. Kwatongen zouden zeggen dat ze een sirene is, die u met haar verleidelijke gezang naar de ondergang lokt, maar daar is niets van aan. De gitaar in 'With All My Love' klonk dan wel uiterst somber, maar er gaat ook in zekere troost in schuil. De fragiele songs van De Biasio helpen je berusting te vinden in wat komen zal.

4 Melanie De Biasio. © Wouter Van Vooren

Neem nu een nummer als 'Brother', vooraan in de set, een eerste hoogtepunt. Het eerste moment waarop de zangeres haar stem écht op de voorgrond liet treden, en waarin ze tegelijk dreigend en troostend klonk - 'Brother' voelt aan als een rouwlied voor iemand die nog aan z'n einde moet komen. En zelfs wanneer De Biasio andere regionen van haar muziek opzoekt, zoals in de koortsige, exotische wals die 'Afro Blue' heet, heb je nooit de indruk dat ze vernieuwt uit verveling: ook hier vormt intense, oprechte emotie het fundament. En dan moest afsluiter 'And My Heart Goes On' nog volgen. Een cocktail van ingehouden spanning, de onuitgesproken dreiging, en de verzachtende troosting die, eenmaal thuisgekomen, nog steeds onder de huid zit. 

Om maar te zeggen: op een dag waarin jazz in alle vormen en maten tot ons kwam, was het in de eigenzinnige niche van Melanie De Biasio dat we ons het meest thuis voelden. beschermd tegen de regen, en ondergedompeld in een vijver van betoverende muziek, die je nadien maar moeilijk van je kunt afschudden.

Dossier Festivalitis
Dossier Festivalitis

De hele zomer lang lokken we u uit uw festivaltent met reportages, interviews en recensies.

Lees alle artikels

nieuws

cult

zine