Concertverslag

Mauroworld in Antwerpen: moge de échte Mauro Pawlowski nooit opstaan

1 © Hollandse Hoogte / Alex Vanhee

Vlotjes heen en weer schakelen tussen demonische noiserock en popperfectie? Dat kan alleen Mauro Pawlowski, die in Antwerpen zijn muzikale meervoudige persoonlijkheidsstoornis kwam botvieren onder de noemer Mauroworld.

Zes pawlowskiaanse acts waren er aangekondigd in de Antwerpse Arenbergschouwburg, maar je kreeg er zowaar nog een handvol extra te zien: tot vier keer toe bleef Mauro, nadat zijn kompanen de coulissen al hadden opgezocht, op het podium rondhangen, zette een opgenomen muziekje aan en ging los. De ene keer improviseerde hij op zijn gitaar met een wit gaas over zijn hoofd, de andere keer was het Disco Pawlowski met demente deuntjes vol typische Mauro-zinnen als “drag me into philosophy”.

Share

Vintage Mauro: op de wip tussen ontroering en onnozelheid

Zijn laatste solomoment was een schlager-annex-coldwaveversie van ‘Afscheid in Kloten’ uit de gelijknamige Nederlandstalige plaat die hij in 2016 uitbracht als Maurits Pauwels. Zoals de titel al laat vermoeden, was ook dit weer vintage Mauro: op de wip tussen ontroering en onnozelheid, waarbij je nooit weet of de Limburger met Pools-Italiaanse roots nu met je – welja – kloten rammelt of niet.

Van hetzelfde laken een onderbroek was de solosong waarin hij zong over “vagina eyes” en die hij aankondigde als iets uit de nieuwe plaat van Mitsoobishy Jacson, waaraan hij momenteel sleutelt. Mauro, de maniakale muzikant: pas uit dEUS gestapt, vorig jaar nog twee albums uitgebracht, net weer een nieuwe project aangekondigd (The Mechanics, met onder andere Rudy Trouvé) en hop, daar haalt hij met Mitsoobishy Jacson alweer een band van een jaar of twintig geleden opnieuw uit de kast.

Share

Bij momenten klonk het alsof Front 242 de soundtrack verzorgde bij een raid van de Bende van Nijvel

Boys Together Outrageously, zo heette de tweede plaat van Mitsoobishy Jacson, en die omschrijving gold evengoed voor de avond in Arenberg: Mauro en zijn maten die lol trappen voor een publiek dat voor een groot deel uit vrienden en kennissen leek te bestaan. Het raarste concert was niet eens dat van Possessed Factory, een duo met Jef Cuypers, dat de sfeer van de loden jaren tachtig opriep. Bij momenten klonk dat alsof Front 242 de soundtrack verzorgde bij een raid van de Bende van Nijvel, terwijl Mauro, gezeten in een schommelstoel en met een masker voor zijn gezicht, dubieuze dingen schreeuwde als “great kid/shit adult” en “do you feel cocky” , en hij bewust uit het ritme klapte.

Weird? Zeker, maar dat soort ongein verwacht je van Mauro, net als de ontplofte noiserock van Gruppo di Pawlowski, met een bizarre bijrol voor acteur Louis van der Waal, die vast kwam te zitten in een trapladder. Nee, het vreemdst bleek juist de normaalste act van de avond: Maurits Pauwels & De Benelux Calypsos, die bedaagde Nederlandstalige luisterliedjes brachten. Het was Mauro’s ambitie om daarmee een Radio 2-hit te scoren, maar dat is er niet van gekomen.

Niet écht verwonderlijk als de liedjes gaan over een door demonen bezeten vrouw en er plots “vade retro satana”-gekrijs opklinkt, zoals in ‘Anneliese Michel’. Maar wel jammer, want tabakskleurige bluesy rockers als ‘Wild meisje’ (“toen jouw moeder een wild meisje was”), ‘Hemel en aarde’ (“net als iedereen moet ik het doen met voor handen is”) of ‘Terug naar Limburg’ (“zonder al te veel carrièreverdriet”) konden zich, mede door de ongebruikelijke teksten, meten met het werk van Kris De Bruyne.

Dansbare swagger

Met Nieuw Zwart Trio, een uitloper van een Wim Vandekeybus-dansvoorstelling waarvoor hij de muziek verzorgde, deed Mauro het dan weer zonder woorden. Uit zijn gitaar met dubbele hals liet hij verstilde postrockachtige klanken glijden om dan plots wijdbeens uit te halen met potige rockrifss – als een schilder die zijn subtiele potloodschets ineens met wilde verfvegen doorhaalt. Een glansrol was hier ook weggelegd voor Elko Blijweert, van alle Mauro-kompanen wellicht onze favoriet. Blijweert danste, vocht en vrijde met zijn gitaar, en ook later bij Gruppo Di Pawlowski stuiterde hij als een springveer over het podium.

#Arenberg #MauroWorld

Een foto die is geplaatst door Matteo Tedesco (@matteobmx) op

Share

Satan zit allang niet meer in Mauro’s gat, maar houdt tegenwoordig huis in zijn heupen

Even explosief was Wall Streets, een vrij recent project dat eigenlijk een voortzetting is van Radical Slave, zonder Dirk ‘Buscemi’ Swartenbroeckx, maar nog altijd met Remo Perotti (drums) en Mauro (gitaar). Hoe dat klonk? Alsof Steve Albini zich aan P-funk waagde en tegelijk ook in de olieputten van de blues graaide: grof, grauw en bruut, maar tegelijk met een onmiskenbaar dansbare swagger. Waarmee meteen weer een misverstand uit de wereld is geholpen: Satan zit allang niet meer in Mauro’s gat, maar houdt tegenwoordig huis in zijn heupen.

Het laatste woord in de Arenbergschouwburg was aan de Hitsville Drunks, Mauro’s meest toegankelijke onderneming sinds Songs from a Bad Hat (2001). Uit die soloplaat speelden de dronkaards dan ook ‘Let Me Know’, en nog een stel even okselfrisse maar voorlopig onuitgebrachte songs waarin nog een fraaie omschrijving van de heer Pawlowski passeerde: “nasty but faithful”. Hitsville Drunks gaven een rondje ‘Clean Adult Fun’ met een Cheap Trick-cover als uitsmijter: ‘Surrender’, volgens Mauro de heilige graal van de powerpop.

Zondag in Antwerpen zag je Mauro vaker van kleur verschieten dan een kameleon in een verfwinkel. Wie is die Pawlowski nu eigenlijk? Perverse profeet? Manische muezzin? Het meest uitgestreken gezicht van de Vlaamse muziekscene? Popperfectionist? Ontketende avant-gardist? Zolang het zulke uitzinnige en uitzonderlijke muziekjes oplevert, hoeft de ware Mauro nooit op te staan.

nieuws

cult

zine