Review

Het ideale visitekaartje

Rhinos Are People Too - ‘Hello from the Gutters’

2 ©rv

Rhinos Are People Too, in 2013 finalist van De Nieuwe Lichting op Studio Brussel, balt moedig de vuisten op zijn debuut. Dat de Limburgers door hun jeugdige onbezonnenheid nu en dan uit de bocht vliegen, nemen we er graag bij.

Door Sasha Van der Speeten -

Laten we u het speurwerk naar filmreferenties op deze plaat besparen. Rhinos Are People Too zijn immers filmfreaks en stouwden hun songs vol verwijzingen naar onder meer Se7en, Donnie Darko en No Country for Old Men. So what, zegt u? Tja, er zijn wel meer indiemuzikanten in die mate verslingerd aan films dat ze hun liedjes graag enten op hun favoriete personages, sequenties of op een stuk dialoog. Tom Barman, iemand? Of, ach, we zeggen maar wat: The Ramones en David Bowie? Fijn dat deze cinefielen uit Peer niet gemakzuchtig blijven hangen bij liefdesteksten of partysongs en nu en dan de occasionele seriemoordenaar een hoofdrol geven in hun deuntjes.

Interessanter is de bescheiden bocht die de Neushoornluitjes nemen op Hello from the Gutters. De stadionshoegaze van hun ep’tje EP lijkt er wat vervaagd. In de plaats komt een gebalde, erg uitgesproken productie die behoorlijk internationaal aandoet.

‘Dead Birds’ had met zijn kromgetrokken gitaarriff niet misstaan op The Fragile van Nine Inch Nails. De in digitale ruis ondergedompelde beats van ‘031230051165’ lijken dan weer verre neefjes van het spul op Year Zero van diezelfde band.

De fuzzy pop van ‘L.A. Confidential’ lonkt met flair naar The Raveonettes, de verraderlijk jolige elektropunkpop van ‘Laketown’ zou dan weer uit een album van Enon kunnen zijn geplukt. En bij de gespierde, met elektronica ingevette bassen van meer dan één song dachten we aan Phantogram.

De bandleden van Rhinos Are People Too zijn al eens te vinden voor een verkleedpartijtje. ©rv

Da’s veel namedropping, ja, en misschien ontbloten we daarmee de achilleshiel van deze Belgen: hoe fantastisch hun sound ook moge klinken, ze kijken nog iets te gretig over de haag bij hun idolen.

Franse rijmpjes

Nu ja, da’s geen ramp, vooral omdat de Rhinos hun troeven met verve uitspelen. Specifiek: ze wenden de gouden combinatie van die gepantserde productie en de frêle, met dreiging dooraderde sirenezang van Loes Caels slim aan. Zij beschikt over een lieflijke kleur waar triphopproducers uit de jaren negentig een moord voor deden. (Is het gek dat wij om de haverklap aan ‘Underwater Love’ van Smoke City moesten denken?) Of ze nu onversaagd tegen golven zwalpende noise inroeit of tussen elektronische downtemporitmes trippelt: Caels bezweert en doet zwijmelen, ook al beschikt ze niet over erg veel registers. Je blijft geboeid, zelfs als ze zich aan Franse rijmpjes waagt: “Nous sommes faits de rêves. On a diffusé tristesse dans l’air."

Hello from the Gutters is een visitekaartje dat elke debuterende band als studie-object mag gebruiken. Omdat het naar popnormen gewaagd is. Omdat het zowel goed uitgewerkt als onaf aandoet. En omdat deze lefgozers niet over de hele lijn triomferen maar ook sierlijk het noorden kwijt raken. Zelfs hun doodlopende ideetjes klinken interessant.

Laat hen bloeien. Ze verdienen het.

Nu uit bij Zeal.