De Wei, De Wereld

Dour: de Mad Max onder de festivals

Bezuiden de taalgrens vond voor de 29ste keer een ware Summer of Love plaats

Hoe geradbraakt je er ook uitkomt, er bestaat geen beter gevoel dan te kunnen zeggen dat je Dour hebt overleefd, en dat je alweer niet kunt wachten tot de volgende editie. Dour, dat is liefde, voor het leven.

“When the end of time comes…” Het tweede deel van die zin konden we net niet opvangen, op weg van de camping naar het festivalterrein van Dour, maar we betrapten er onszelf op dat er spontaan “… it will look like Dour” in ons opkwam. En in feite is dat gruwelijk onrechtvaardig. In het jaar dat iedereen de mond vol heeft over wat er in de zomer van 1967 in San Francisco is gebeurd, liepen ook dit jaar in Dour weer zo’n 240.000 festivalgangers over van precies datgene wat die Summer of Love zo legendarisch maakt: liefde voor muziek én elkaar. En voor een beetje drugs, dat ook. Of hoe er in die vijftig jaar in feite gewoon niets is veranderd, en we in 2067 vooral niet mogen vergeten om ook de 29ste editie van Dour te herdenken.

En ja, het is waar: mocht Dour een film zijn, dan zou het eruitzien als een mix van Mad Max, Apocalypse Now, Cannibal Holocaust en 24 Hour Party People. Maar in feite toch vooral die laatste, die niet toevallig gaat over de tweede Summer of Love – in het jaar 1988 (en ook een beetje 1989), toen Groot-Brittannië ten prooi viel aan acid house en xtc, en het nachtleven in zijn heerlijk scheve plooi viel.

©Illias Teirlinck

Intiem momentje

Share

Zeg van Dour-gangers wat je wil, áls ze de kans krijgen, dragen ze hygiëne hoog in het vaandel

Nog wat liefde nodig? Welaan, dan: ‘Dour, c’est l’amour’ is naar verluidt de officiële slogan van het festival, dat ook alweer niet toevallig in de zomer van 1989 het daglicht zag. Maar het is de officieuze die er in de regel veel te vlot over de tongen rolt: “Doureeeeeuh!” – een oerkreet waarmee Dour-gangers het festival gemiddeld zo’n 378.249 keer per dag bedenken, en misschien ook wel de enige manier om de waanzin van Dour correct te omschrijven.

In tijden dat de meeste festivals uitpakken met reuzenraden, partyvluchten en vuurwerk, blijft Dour het woeste inferno dat het altijd is geweest. Veruit de enige attractie dit weekend was een stel Nederlanders, die met water en zeep rondliepen om de handen van de in stof, zweet en allerhande dampen gemarineerde Dour-ganger te wassen. De Wasman heten ze, en ze kijken je met priemende ogen aan, terwijl ze je handen kneden. “Een intiem momentje”, biechtten ze op aan de videoreporters van De Morgen. Zo intiem blijkbaar dat sommige festivalgangers al eens iets anders dan hun handen in de schaal werpen. Zeg van Dour-gangers wat je wil, áls ze de kans krijgen, dragen ze hygiëne hoog in het vaandel.

©Illias Teirlinck

Avonduur

“Dour-gangers kiezen voor avontuur”, schreef ook een van onze festivalreporters dit weekend, en we lazen ‘avonduur’. Verschillende bands werden de afgelopen vijf dagen het slachtoffer van de roes van de gemiddelde Dour-bezoeker, en dan vooral van hoeveel langer het elke dag duurde om die uit te slapen. Terwijl Coely op de tweede dag om kwart voor vier nog voor een kwartvolle wei stond, speelde het Braziliaanse sambapunknoisejazzkwintet Metá Metá twee dagen later op ongeveer hetzelfde uur in een tent waar meer speakers stonden opgesteld dan er oren tinnitusgevaar liepen. Spijtig, want het is voor dit soort compleet onbekende, maar schier briljante bands dat een mens graag naar Dour afzakt.

©Illias Teirlinck

Alleen kun je die niet allemaal bezig zien, als je – zoals de meeste Dour-gangers – elke nacht weer tot vier uur van het ene podium naar het andere hopt, in stofwolken die scènes uit John Carpenters The Fog oproepen, op een steeds sneller ritme van verschroeiende beats, experimentele pulsen en kosmische trances.

Korte romance

Share

Dour is een 'pretty fucking great reminder' aan wat er op een festival nog altijd écht belangrijk is: muziek, en het gevoel dat je er allemaal samen inzit

Een ontbijt van hiphop, pop en rock is de dag erna dan meestal welgekomen, maar dus niet te vroeg. Nooit te vroeg. En altijd met mate. Want hoezeer de Dour-ganger zich ook smijt op vrijwel elk optreden, de romance duurt zelden langer dan een (half)uur, want in een andere tent wacht alweer de volgende aanslag op alle zintuigen. Een muzikale supermarkt, zegt u? Neen. Meer een tocht door het voorgeborchte, en een pretty fucking great reminder aan wat er op een festival nog altijd écht belangrijk is: muziek, en het gevoel dat je er allemaal samen inzit.

Nu nog zien hoelang het duurt voor we “Doureeeeeuh!” uit ons hoofd krijgen. Maar tegen dat de kreet helemaal uit ons hoofd is verdwenen, mogen de eerste namen voor de volgende editie gerust alweer stilaan beginnen binnen te lopen.

nieuws

zine