Top 10

Dit zijn de 10 beste albums van de week

Wie dit weekend geen zin heeft om zich door het oeuvre van Damso te ploegen, moet onderstaande pareltjes zeker eens proberen. Tien rood aangelopen, verduiveld goeie platen!

1. Young Fathers - Cocoa Sugar

11 © rv

Superbe, deze derde worp van het in Edinburgh gevestigde trio Young Fathers. De mannen wonnen een Mercury Music Prize voor hun debuut Dead, doken de krochten van de underground in op de opvolger White Men Are Black Men Too en baren nu met Cocoa Sugar zowaar hun magnum opus. Het klikt én botst er fenomenaal tussen de grimmige klankexperimenten en de aan gospel en rhythm & blues ontleende zangharmonieën van de jongens. De hiphopinvloeden nestelen zich bovendien eindelijk naadloos in het surrealistische punkuniversum van de Fathers. 

Een dubbele bonus dus: de groep is niet bang om melodieus en schaamteloos soulvol te klinken, maar de boys beklemtonen tegelijkertijd gretig de muzikale tegengestelden. Zie: een stoned slackersfeertje én dreinende Suicide-punk in 'Wow'. Of de Sampha-achtige soul op een doorzeefd bedje Kid 606-beats in 'Picking You'. Bovenal nestelt Young Fathers zich met deze plaat wel héél dicht tegen TV On The Radio aan: de doowop-koortjes, de New York-postpunkvibe, de sacraal galmende geluidsbrij. Hey, er zijn slechtere vergelijkingen.

"You'll never find your way to heaven / But you can follow me", zingen deze punks. Wie komt er mee?

2. August Greene - August Greene

11 © rv

Een triomf, dit titelloze debuut van August Greene, de band rond hiphopkoning Common, de alom geprezen jazzpianist Robert Glasper en de waanzinnig getalenteerde jazzdrummer Karriem Riggins. De heren kennen elkaar al jaren en werkten vaak samen: ze wonnen een Emmy voor hun themaliedje van de Netflixdocumentaire 13th. Op hun eerste album (voorlopig alleen te verkijgen via Amazon Music) recreëren ze de gloedvolle, door jazzy soul geïnspireerde Soulquarians-hiphop uit de jaren negentig. 

De grooves zijn laidback en doordrongen van fantastische piano -en orgelsolo's en smoothe funk die aan Dilla doet denken. Commons straatverhalen doen even poëtisch en melancholisch aan als altijd. Hij voelt zich er niet te beroerd in een spiegel te kijken. 
“I met a little boy, he asked, “Where are we now?” / I met a little girl she asked if I was proud /Of what I had become and what the world would allow"? Verderop waant hij zich een zwarte Kennedy: “Black car, black tux, this is black symmetry".

Hiphop voor fijnproevers? Yep, dit is
grand cru!

3. STIKSTOF - Overlast

11 © rv

Overlast, de derde plaat van het Brusselse hiphopcollectief STIKSTOF, toont zich aan de wereld als een bot, goudeerlijk werk waarop de rappers het achterste van de tong laten zien. Wie uitzoomt, hoort de frustratie van een jonge generatie durvers die niet bij de pakken blijft zitten en die de onachtzaamheden, de lompheid en de gemakszucht van de vorige generaties bij naam noemt.

Waarin deze derde plaat verschilt van het oude werk? In de uitwerking én in het geloof in de hoop, hoe schriel die hoop ook moge zijn. De STIKSTOF-rappers worden ouder, eigenen zich de kunst van het relativeren toe en kiezen zorgvuldig hun veldslagen uit in plaats van zich halsoverkop in de oorlog te katapulteren. 

"Als deze derde plaat goed landt, is STIKSTOF niet langer berucht, maar beroemd in eigen land", schreven we.

Lees hier de volledige recensie.

Lees 
hier het interview met STIKSTOF.

4. David Byrne - American Utopia

Rockprofessor en voormalige Talking Heads-zanger David Byrne predikt het optimisme op zijn eerste soloplaat in veertien jaar. De 65-jarige uomo universalis vaart er zowaar in het kielzog van LCD Soundsystem en Arcade Fire, rockbands die de mosterd haalden bij zijn eigen baanbrekende werk uit de jaren tachtig. Nerveuze punkfunk, grofkorrelige discogrooves, ironische elektro-torch songs en geinige bossapop torsen Byrnes absurdistische teksten die lichtjes meewarig naar de alledaagsheid staren. “Een frisse, prikkelende plaat van een veteraan die het experimenteren niet heeft verleerd", schreven we. 

Lees hier de volledige recensie.

11 © AP

5. Logic - Bobby Tarantino II

11 © rv

De nieuwe mixtape van de meest gehypete Amerikaanse mainstreamrapper van het moment begint met een fragmentje uit de hippe animatieserie Rick & Morty. “Morty, calm down. Of course I love Logic", tiert Rick. “Who doesn’t like Logic? You gotta be a fucking idiot if you don’t like Logic.” Zo is het maar net. Op Bobby Tarantino II verzoent de rapper moeiteloos de lijzige, aan trap schatplichtige hitparadehiphop van nu met het jazzy, soulvolle spul uit de nineties. Die mix zal van hem een onaantastbare superster maken. Zijn tocht door de kosmos is trouwens al begonnen: tussen twee tracks last hij een gsm-boodschap van Elton John in, die hem feliciteert met zijn optreden op de Grammys. Stoefer!

6. Marwa Loud - Loud

11 © rv

De twintigjarige Frans-Marokkaanse zangeres Marwa Loud wordt aan de andere kant van de taalgrens extatisch "la nouvelle voix féminine dans le paysage urbain" genoemd. Haar optimistische pop vol invloeden uit r&b, raï en reggaeton is het soort superpopulair urban-spul dat door elke Europese grootstad galmt, van Brussel over Parijs tot Madrid. Het is een frisse, opzwepende mix van Westers en Arabisch: check zeker de frivole single 'Fallait Pas'. Zo goedgemutst krijgt u ze niet elke dag op uw bord.

7. James Brandon Lewis & Chad Taylor - Radiant Imprints

11 © rv

De New Yorkse tenorsaxofonist James Brandon Lewis geldt als een met elke plaat vuriger musicerende adept van John Coltrane, Archie Shepp en Albert Ayler. Op Radiant Imprints stort hij zich halsoverkop tussen de roffelende Rashied Ali-achtige drumpartijen van vleesgeworden orkaan Chad Taylor (berucht van zijn werk bij Chicago Underground). In 'Imprints' eert hij Coltranes meest geestesverruimende platen (Sun Ship, bijvoorbeeld). Elders, zoals in 'With Sorrow Lonnie', kringelt zijn sax sierlijk tussen de geraffineerde metalige percussietikjes van Taylor. Een genot.

8. The Breeders - All Nerve

11 © rv

De comebackplaat van The Breeders houdt het op een grofkorrelig minimalisme, gecombineerd met de charmant gammele dynamiek uit de jaren negentig. Kim en Kelly Deal zijn intussen kwieke vijftigers: het puberverdriet is opgedroogd, de woede tegenover de grotemensenwereld bekoeld, de door drank en drugs gevoede waanzin getemperd. "De songs zijn meestal erg goed", schreven we, "Kim en Kelly Deal weven hier en daar zangharmonieën waar je hart van smelt en de roestige ninetiesindie die de groep aanhangt, doet eigenlijk nooit storend gedateerd aan, eerder charmant retro."

Lees hier de volledige recensie.

Lees 
hier het interview met The Breeders.

9. George Fitzgerald - All That Must Be

11 © rv

Na er tien jaar te hebben gewoond, verruilde George Fitzgerald Berlijn weer voor Engeland, zijn vaderland, om er een gezin te stichten. Het heeft er zijn weemoedige slaapkamertechno niet minder pakkend op gemaakt. Hoogtepunten? Het twinkelende 'Outgrown', een samenwerking met Bonobo, en 'Half Light', waarin Tracey Thorn echoënd door de feëerieke bliepjes schrijdt. Voor fans van John Talabot en Bob Moses.

10. Editors - Violence

11 © rv

De zesde plaat van Editors bulkt van de gouden popsongs die smeken om een enthousiast brullend festivalpubliek. De puike single 'Magazine', bijvoorbeeld. Of de door Benjamin John Power (van Fuck Buttons!) met morsige elektronica ingesmeerde newwave-pop van 'Hallelujah (So Low)'. “De impressionante producties en het straffe songmateriaal verrassen misschien de grootste sceptici", schreven we.

Lees hier de volledige recensie.

nieuws

zine