Woensdag 05/08/2020

Opinie

Zonder geld naar de huisarts, geen luxe maar noodzaak

"De huisarts verspilt nu een tiende van de consultatietijd aan prestatiebriefjes schrijven en afrekenen."Beeld THINKSTOCK

België is een van de weinige Europese landen waar het bezoek aan de huisarts nog betalend is. "Dat veranderen is niet alleen noodzakelijk, maar ook haalbaar, kosteneffectief en het verbetert de kwaliteit van onze gezondheidszorg", schrijven huisartsen.

900.000 Belgen stellen jaarlijks een bezoek aan hun huisarts uit omdat ze het niet kunnen betalen, blijkt uit een recente studie in opdracht van de Europese Commissie. Van de 31 Europese landen staat België - als vijfde rijkste land van Europa - slechts op de twintigste plaats in termen van financiële toegankelijkheid van de eerste lijn.

België is één van de weinige Europese landen waar het bezoek aan de huisarts nog steeds betalend is. Zonder geld naar de huisarts is niet alleen noodzakelijk, maar ook haalbaar, kosteneffectief en het verbetert de kwaliteit van onze gezondheidszorg.

Vanaf 1 juli 2015 wordt de derde betaler, waarbij de arts de terugbetaling rechtstreeks elektronisch int bij het ziekenfonds, in ons land verplicht voor alle patiënten met recht op een verhoogde tegemoetkoming. Dat is een opportuniteit om dit systeem te veralgemenen, met afschaffing van het remgeld.

Prestatiebriefjes

Het BVAS (Belgische Vereniging van Artsensyndicaten) verzet zich tegen het derde betalerssysteem en suggereert zelfs een boycot van de verplichting tot derde betaler voor minder begoede patiënten. Volgens dit artsensyndicaat mag alleen de arts kunnen beslissen voor welke patiënten hij al of niet derde betaler toestaat. Het BVAS maakt artsen onterecht ongerust dat veralgemening van derde betaler zou leiden tot overconsumptie, administratieve overlast en vertraagde terugbetaling.

Toegankelijkheid tot kwaliteitsvolle eerstelijnszorg is een complex gegeven, maar dat betalingen op het tijdstip van gebruik daarbij een bijzonder grote rol spelen staat buiten kijf. Zonder geld naar de huisarts kan snel worden ingevoerd op twee manieren. Ofwel door de veralgemeende toepassing van het systeem van derde betaler zonder persoonlijke bijdrage, ofwel door het systeem van forfaitaire betaling, waarbij maandelijks door de ziekenfondsen een vast bedrag per patiënt wordt betaald aan de huisartsenpraktijk.

De ziekenfondsen betalen elektronisch onmiddellijk aan de huisarts. Die hoeft geen prestatiebriefjes meer te schrijven of tijd te verspillen voor afrekening. Zulke vermijdbare handeling neemt nu gemiddeld anderhalve minuut in beslag, 10% van de consultatietijd. De patiënt hoeft geen geld meer mee te brengen, of met een briefje voor terugbetaling naar zijn ziekenfonds te lopen. En in dit digitaal tijdperk kunnen ziekenfondsen en RIZIV veel efficiënter en direct elektronisch de betalingen regelen.

Zonder geld naar de huisarts werkt drempelverlagend en verbetert de kwaliteit door het stimuleren van getrapte zorg. Een groot deel van de patiënten die op de spoedgevallendienst van een ziekenhuis terecht komen bijvoorbeeld, kan beter behandeld worden door de huisarts.

In de zopas gepubliceerde nationale gezondheidsenquête van 2013 blijkt dat slechts 24 procent van de raadplegingen bij de specialist gebeuren na verwijzing door de huisarts. Nochtans beheert de huisarts het hele medische dossier, heeft hij een vertrouwensrelatie met de patiënt, kent hij de patiënt goed, niet alleen medisch, maar ook psychosociaal. Hij is best geplaatst om te oordelen welke zorg nodig is.

Als een patiënt eerst gratis de huisarts kan consulteren, kan er beter en efficiënter worden doorverwezen. Een centrale eerste lijn komt ook ten goede aan de specialisten omdat zij zich dan op hun echte specialistische taken kunnen toeleggen, in een betere samenwerking met de huisarts.

Misbruiken opsporen

Zonder geld naar de huisartspraktijk leidt niet noodzakelijk tot overconsumptie. Vergelijkend onderzoek tussen forfaitair gefinancierde praktijken, waar de patiënten zonder geld naar de huisarts kunnen, en de klassieke praktijken, toonde aan dat de patiënten uit de eerste groep niet frequenter consulteren.

Eventuele misbruiken van zowel de huisarts als de patiënt zouden door de elektronische uitbetaling en verwerking van gegevens makkelijker opgespoord en gecorrigeerd kunnen worden. Die elektronische monitoring en evaluatie is bovendien ook nuttig om de kwaliteit van zorg te verbeteren. Tenslotte is vandaag het ondergebruik van de huisarts een veel groter maatschappelijk probleem dan overgebruik, zoals de studie van de Europese commissie duidelijk laat zien.

Zonder geld naar de huisarts is ook kosteneffectief omdat het relatief weinig kost en veel opbrengt. Het totale bedrag aan remgelden voor consultaties en huisbezoeken bedraagt 170 miljoen euro per jaar. Dat is 15 procent van het budget voor de huisartsen en 0,6 procent van het totale RIZIV budget.

Deze kost wordt bovendien terugverdiend door het terugdringen van het huidige vermijdbare tijdsverlies, administratie en rompslomp bij de huisarts, de patiënt, de ziekenfondsen en de ziekteverzekering. Door het meer rationaal gebruik van de tweede lijn en van de spoeddiensten. En tenslotte door de winst aan continuïteit van zorg, aan therapietrouw en aan preventie. Zo bleek uit de nationale gezondheidsenquête het aantal jongeren dat zich jaarlijks preventief laat controleren bij de tandarts steeg van 63% naar 80%, dankzij de volledige terugbetaling tot 18 jaar.

Zonder geld naar de huisarts wordt alsmaar meer en meer ondersteund. De recente visiedocumenten van de Vlaamse professoren huisartsgeneeskunde 'Together we change' en van de experten van de Europese Commissie verenigd in 'Expert Panel on Effective Ways of Investing in Health' verdedigen de afschaffing van het remgeld. 'Netwerk tegen armoede', andere middenveldorganisaties en het Witboek van Dokters van de Wereld en het RIZIV pleitten voor een veralgemening van het derdebetalerssyteem.

Ook internationaal wordt deze stelling luid verkondigd: in het 2010 rapport van de Wereldgezondheidsorganisatie over het thema financiering van gezondheidszorg stelt de directeur-generaal van de organisatie, Dr Margaret Chan, onomwonden dat eigen betalingen op de eerste lijn uit den boze zijn.

Zonder geld naar de huisarts is ook rechtvaardiger. Omdat de volledige kosten voor de huisarts dan voor iedereen volledig gedragen worden door de ziekteverzekering. Deze wordt gefinancierd via sociale zekerheidsbijdragen én belastinggeld, beiden solidaire herverdelingsmechanismen. Dat vermindert de ongelijkheid, tenminste in de toegang tot de huisartsgeneeskunde. Dat verhoogt de universaliteit van onze op solidariteit gestoelde ziekteverzekering.

"Albert Frère moet zijn huisarts zelf betalen", zei voormalig minister van Volksgezondheid Laurette Onkelinx, en huidig minister Maggie De Block herhaalde: "Moet Bill Gates een lager tarief krijgen als hij chronisch ziek wordt?" Inderdaad, universele solidariteit veronderstelt dat Albert Frère en Bill Gates ook gratis naar de huisarts moeten kunnen. Maar ze horen natuurlijk wel netjes hun belastingen te betalen. Een toegankelijke huisartsgeneeskunde mag geen privilege zijn maar hoort een recht te zijn voor allen.

Tim Joye, huisarts Geneeskunde voor het Volk; Jan De Maeseneer (prof. diensthoofd huisartsgeneeskunde UGent); Roy Remmen (prof. diensthoofd huisartsgeneeskunde UA); Jan Delepeleire (prof. diensthoofd huisartsgeneeskunde KULeuven); Jan Vandevoorde (prof. huisartsgeneeskunde VUB); Dirk Avonts (prof. huisartsgeneeskunde UGent); Fred Louckx (emeritus prof. medische sociologie VUB); Bart Criel (prof. volksgezondheid ITG Antwerpen); Guido Van Hal (prof. sociale geneeskunde UA); Sarah Willems (prof. sociale ongelijkheid in gezondheidszorg, UGent); Jan Vranken (emeritus prof. armoede en sociale uitsluiting, UA); Petra De Sutter (prof. UGent); Marleen Temmerman (directeur Wereldgezondheidsorganisatie Genève en prof. UGent); Sofie Merckx (médecin généraliste Médecine pour le Peuple Marcinelle - Charleroi); Michel Roland (prof. honoraire médecine générale ULB , président Médecins du Monde); Marco Schetgen (prof. médecine générale + vice-doyen Fac. Médecine ULB); Didier Giet (chef département médecine générale ULg, prof. médecine générale); Marc Van Meerbeek (prof. médecine générale ULg); Guy Beuken (prof. médecine générale UCL); Dominique Pestiaux (ancien chef département médecine générale UCL, prof. honoraire médecine générale UCL); Alain Levêque (président Ecole Santé Publique ULB); Jean-Pierre Unger (prof. santé publique IMT Anvers)

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234