Zondag 18/08/2019
Marc Didden voor online Beeld DM

Column Marc Didden

‘Ze kon een leger frontsoldaten meteen de broek laten zakken’

Marc Didden is regisseur en columnist. U leest zijn columns hier de hele week.

Soms vertel ik dat mijn eerste liefde Natalie Wood heette, maar dat is een leugentje om bestwil. Mijn eerste liefde heette Christine, een meisje uit Schoten. Ze was een beetje groter dan ik en dat was maar één reden waarom ze me nauwelijks zag staan.

Ik zei tegen een schoolvriend dat ik haar tijdens de paasvakantie gekust had, maar ook dat was een little lie. Ik had eens een poging tot lippendienst gedaan ter hoogte van het openluchtzwembad met de vreemde naam Bobbyland. Mijn kus was voor Christines wang bedoeld maar ze trok haar mooie hoofd net weg toen mijn mond bijna het doel bereikt had. Uiteindelijk kuste ik niets anders dan de lentelucht die zo rond Pasen wel eens door de Voorkempen waait.

Mijn tweede liefde dan. Natalie Wood, zal u denken. Maar nee. Natalie moest nog wat wachten. Ik had mijn zinnen toen op Jean Peters gezet, ook een actrice.

Ja, ik weet het, geen écht sexy naam, Jean Peters. Had ook die van een mindere ondervoorzitter van de KBVB kunnen zijn. Maar wacht tot u haar gegoogeld hebt en u die ogen ontdekt waarmee ze bij een heel leger frontsoldaten in een mum van tijd de broek kon laten zakken.

Ik had Peters ontdekt in een buurtbioscoop in Etterbeek , daar waar zich nu het culturele centrum Espace Senghor bevindt. Toen nog gewoon de Rixy genaamd.

Ze speelden er 's woensdags na de middag twee films voor de prijs van één. Een oude en een hele oude. cowboys en indianen, ridders en Britse speurders, Japanse gevechtspiloten en nazibeulen, Elvis Presley of Mario Lanza, ze spraken daar in de Rixy allemaal Frans. Wellicht omdat de mensen van Etterbeek toen ook allemaal Frans spraken. Het kon me geen lor schelen. Ik vond alles goed toen, als het maar bewoog.

Maar wie ik dus bijzonder goed vond was Jean Peters, over wie ik tot vervelens toe aan onwetenden moest uitleggen dat ik niet verliefd was op een man. Ik zag haar, met wat vertraging, schitteren in Niagara, waar ze stand hield naast een vrouwmachine als Marilyn Monroe. Ik zag haar in westerns als Apache en vooral Broken Lance, die in Etterbeek natuurlijk La Flèche Brisée heette. Maar ik herinner me toch in de eerste plaats hoe zij mij ontrouw was en de rol van Marlon Brando's vrouw speelde in Viva Zapata! (regie: Elia Kazan, scenario John Steinbeck), een filmepos dat gedrenkt was in revolutie, brand en doodslag. De schatrijke zonderling Howard Hughes zag die film ook en vroeg Jean Peters wat later ten huwelijk.

Ze accepteerde, de sloerie.

Vandaag roep ik nog alleen 'Viva Zapata' ter ere van de vliegende fransoos Franky Zapata, de nieuwerwetse Icarus die vorige week vanuit zijn thuisland op een zelfgeknutselde strijkplank in een goed kwartier Albion bereikte. Transmigranten: bel hem!

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden