Dinsdag 26/01/2021
Jana Antonissen.Beeld DM/Bart Hebben

ColumnJana Antonissen

Wild keek ik om me heen, een agent in burger kon me nu elk moment op de schouder tikken

Jana Antonissen is journalist. Haar bijdrage verschijnt wekelijks.

“ACAB or not ACAB?”

Met die vraag brak een Tindermatch het ijs, aan het begin van de allereerste lockdown. Een moment waarop zich meer blauwe uniformen dan burgers op de Brusselse straten begaven en je in een parkje neervlijen volstond om op de bon te vliegen.

Dat ik het acroniem eerst moest googelen, verraadde dat ik alvast minder ACAB dan de vraagsteller was. ACAB oftewel 1312; naar de letters van het alfabet, staat voor All Cops Are Bastards. Het is een slogan waarmee politiegeweld aangeklaagd wordt, niet zelden in schreeuwerige graffitiletters.

“Haha”, typte ik terug, “voor noch tegen”. Flauw, maar ik had tenslotte een sympathiek neefje dat flik was.

Als tiener waagde ik me in een semi-anarchistische bui weleens aan het sprayen van graffiti. Zelden kwam ik daarbij verder dan mijn eigen naam, laat staan dat ik tot verzet zou oproepen.

Zodoende prijk ik nu al een decennium hoog en droog op een gevel aan de binnenring van een Vlaamse provinciestad. Vrij dom om vandalisme onder je eigen, echte naam te plegen, maar ik was destijds niet zo bezig met wat ik daar vereeuwigde. Mij ging het meer om het hanteren van die spuitbus; het verrichten van een illegale handeling. Net zoals het stelen van een pakje sigaretten spannender is dan het daadwerkelijke roken.

Doorheen de jaren bezondigde ik me links of rechts nog wel eens aan een bescheiden inbreuk op de letter der wet. Maar bang om betrapt te worden was ik nooit.

Vandaag daarentegen heb ik voortdurend het gevoel me te moeten verschuilen voor passerende combi’s. Met dank aan de coronamaatregelen: de lijst met illegale activiteiten is quasi eindeloos, en behalve riante geldsommen staan er nu ook celstraffen op het spel.

Als ik nu iemand ontvang, plak ik de gordijnen dicht met ducttape. Voordien maakte ik nooit gebruik van die gordijnen, zodoende ontdekte ik pas recentelijk dat ze het raam onvoldoende afschermen voor bemoeizuchtige blikken. Mijn overburen weten niet uit hoeveel mensen mijn huishouden bestaat, het zou er al snel verdacht kunnen uitzien. Misschien wel nog verdachter dan dichtgekleefde gordijnen.

Enkel de voorbije maand al trakteerden agenten overtreders van de coronawet in Molenbeek, Waterloo en op de Antwerpse Dageraadplaats op agressieve huiszoekingen, dreunen en een gebroken neus. ACAB or not ACAB?

Ik was er dus allesbehalve gerust op toen ik een maand geleden terugkeerde van het Zweedse platteland, waar ik wekenlang niemand anders dan mijn geliefde had gezien.

Toen ik tijdens mijn verplichte quarantaine een luchtje ging scheppen, werd ik opgebeld door een onbekend nummer. Het angstzweet brak me uit. Wild keek ik om me heen; een agent in burger kon me nu elk moment op de schouder tikken. In mijn hoofd componeerde ik alvast een mea culpa-column met als titel Schuld en boete, of misschien toch Misdaad en straf.

Nu las ik onlangs dat die quarantaines amper gecontroleerd worden. Ondanks alle dreigementen blijken veel gemeentes wens noch capaciteit te bezitten om agenten aan voordeuren te positioneren. “We leven niet in een politiestaat”, verklaarde premier De Croo.

Nog niet, gelukkig.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234