Dinsdag 17/09/2019
Marnix Peeters. Beeld rv

Column Marnix Peeters

Wij hebben het milieu zo verpest, dat het vanzelf onze vijand is geworden

Op zijn berg in de Oostkantons schrijft Marnix Peeters over vrijheid, zijn vogels en zijn vrouw.

In deze fase van de zomer wordt het brandhout klaargemaakt. Elke dag hoor je van ergens wel het zingen van een cirkelzaag. Het is een plezierig geluid, monotoon, niet te luid. Nu en dan blijven op een knoest de tanden even hangen.

Wespen slaan wij dood, maar alle andere dieren in ons huis vangen wij, en laten wij buiten weer vliegen, lopen of springen.

Mijn vrouw had een mot gevonden die er pips uitzag, en zij had gegoogeld wat zij best met een pipse mot zou aanvangen. Hoe en waar je zo’n dier uitzet, is niet zonder belang.

Dood en vergelding

De eerste honderd hits geven een antwoord op de vraag ‘Hoe bestrijd ik motten’, zei zij. Elke dag haten wij de natuur een beetje meer. Het enige wat een mot bij de mens oproept, is dood en vergelding. Is dat niet van heel lang geleden, dat die beestjes gaten vraten in je lelijke confectiekleren? Het is veel aangenamer als je met alle dieren vrede sluit. Leer eens iets bij over de dieren in uw ge-Roundupte huis.

Zij legde de mot dan maar voorzichtig onder de hazelaar in de tuin.

Als er eens een buizerd in het nieuws komt, is het om ons voor hem te waarschuwen, zei mijn vrouw. Ze vallen je aan. De mensen kijken kwaad naar de lucht en zeggen: daar heb je er één. Na de teek is er nu ook de monster­teek. Je krijgt er de Krim-Congo­koorts van, je lever gaat eraan. Mensen plakken hun ramen af en loeren door de spleet tussen de gordijnen naar buiten. Ze wandelen alleen nog op asfalt, met hun broeks­pijpen in hun sokken. Wij hebben het milieu zo verpest, dat het vanzelf onze vijand is geworden. Wij brasten maar raak, en vrezen nu de wraak.

Chewbacca

Ik was verzonken in De goede zoon van Rob van Essen, een boek dat mijn vrouw had gekocht maar waar zij nog niet aan toekwam. Ondanks het feit dat het een prijs heeft gewonnen, is het een zeer goed boek. Heel geestige taal. ‘Vanuit het niets duikt een muziekkorps op, de als boeren uitgedoste muzikanten spelen een hectisch nummer dat door de andere deelnemers aan de stoet even hectisch wordt meegezongen, alsof het een lied is dat gauw uit moet zijn, voor het ontploft’: dat zijn beelden waar ik hard om moet glimlachen.

De auteur lijkt een beetje op Chewbacca, zei ik, en het verhaal is een rare mix van een ode aan een dode moeder en een licht-futuristisch reisverhaal, maar gek genoeg klikken die twee goed in elkaar. Het is gedurfd zonder opzichtig of aanmatigend te zijn. Het doet je van alles tegelijk – nadenken en lachen en je ongemakkelijk voelen. Je bent nooit helemaal zeker waar je je precies in aan het verdiepen bent, je wordt van de ernst en de heimwee de kolder ingelokt, en vice versa. Soms lijkt het alsof de schrijver een loopje met je neemt, maar hij heeft het goed met je voor.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234