Zaterdag 07/12/2019

Opinie

Wij en de Franse taal: minder angst, meer amour

Beeld thomas vanhaute

Lode Delputte is journalist bij De Morgen.

Het Frans van de Vlamingen blijft maar achteruitgaan. Dat is de schuld van het onderwijs, maar niet alleen. Vlaanderen moet vooral de liefde voor het Frans terugvinden.

Uit een peiling van de KU Leuven die gisteren door minister van Onderwijs Hilde Crevits (CD&V) is uitgebracht, blijkt nog maar eens hoe rampzalig het gesteld is met de kennis van ons Frans. Uit een onderzoek bij meer dan 2.000 leerlingen in het zesde jaar basisonderwijs, verdeeld over 78 scholen, blijkt dat minder dan de helft de eindtermen haalt voor lezen.

Een derde van de twaalfjarigen heeft de grootste moeite om iets gezegd te krijgen dat naar vorm en inhoud over de drempel raakt. In het Frans willen alleen luisteren en schrijven nog lukken, aldus het onderzoek.

Kind en badwater

Vlaanderen klopt zichzelf graag op de borst dat het meertalig is, in realiteit dondert zeker de kennis van het Frans steil naar af. Dat staat niet alleen in meerdere recente inspectieverslagen, het is wat je ziet en hoort als je Vlaamse jongeren tot een woord Frans probeert te bewegen: het blijft – toevallig geef ik zelf ook Franse les – vaak genoeg trekken en sleuren.

Ook de leerkrachten, dat is in 2017 nog uit een rapport gebleken, doen het op de keper beschouwd niet goed: ze bezitten weinig taalbagage, durven amper te spreken en scoren zwak op uitspraak en intonatie.

Dan mag Hilde Crevits een rist maatregelen hebben ingevoerd, pakweg de mogelijkheid om in het derde leerjaar al met Frans te beginnen, ik ben er zo zeker nog niet van dat de oplossing alleen van het onderwijs kan komen.

Er is minstens ook een culturele omslag nodig – lees: herwonnen liefde.

Met mijn leerlingen, derdegraads aso in een Brusselse Nederlandstalige school, keek ik laatst naar de documentaire Leuven '68. Het viel hun op hoe welbespraakt Vlaamse 18- tot 20-jarigen destijds nog waren in het Frans (in het Nederlands ook, trouwens), en hoe danig anders het vandaag gesteld is.

Ik bespaar u mijn historisch-politieke uitleg over de federale staat die we gaandeweg geworden zijn, maar iemand in de klas stelde de vraag of we – ik herformuleer – met het kind ook het badwater niet weggegooid hadden. Ik voegde eraan toe: of ons anti-Franstalige en antiburgerlijke sentiment niet zo ver doorgeschoten was dat we in één ruk door ook korte metten maakten met een cultuur die ons, Zuid-Nederlanders, eeuwen lang mee gevormd heeft.

Verwondering werkt

Een retorische vraag, waarop mijn antwoord resoluut 'ja' was. Niet voor niets heb ik twee jaar geleden tot twee keer toe de voortreffelijke Klara-reeks Escaut! Escaut! uitgeluisterd. Escaut! Escaut!, naar aanleiding van de honderdste verjaardag van het overlijden van Emile Verhaeren, ging niet alleen over de fin-de-siècle-schrijver uit Sint-Amands aan de Schelde, ook Franstalige auteurs als Georges Eeckhoud, Max Elskamp, Georges Rodenbach en Maurice Maeterlinck passeerden de revue. 

'Naglans van een dode wereld', luidde de ondertitel die de Nederbelg Benno Barnard koos voor zijn gelijknamige werk. Soms wilde ik dat het anders was, dat we die wereld het huis niet hadden uitgeschopt en dat hij nog leefde.

Maeterlinck, pardieu, niet het soort letteren waar een jong hart sneller voor gaat kloppen, toch? Daar zou ik zo gauw nog niet een eed op zweren, ik wil het volgend jaar proberen. De jongste maanden lukte het bijvoorbeeld aardig met George Sand, Victor Hugo, Gustave Flaubert en een handvol 18de-eeuwers. Haal het verleden naar vandaag terug, vertel een krachtig verhaal, laat de leerlingen ploeteren en pluizen – en de verwondering werkt.

Brussel is anders, hoor ik vaak. Maar dat is niet over de hele lijn waar: ook Vlaanderen verbrusselt. In de brede rand groeit een hele generatie tweetalige jongeren op met wortels in het buitenland. Bij hen spelen de irrationele aversie en vooroordelen jegens het Frans veel minder, het zou me niets bevreemden als ook autochtone Vlamingen langs die weg – door straatcultuur, sociale media, hippe woordenschat en de Damso's van deze wereld (zolang ze de schreef maar wat bewaken) – opnieuw aansluiting vonden bij de tweede landstaal.

Zwaktebod

Ten slotte is er de voor de hand liggende, maar daarom niet afgezaagde riedel van de Francophonie, de organisatie van Franstalige landen. Frans blijft een taal die op de vijf continenten door meer dan 200 miljoen mensen wordt gesproken; kennis van het Frans is zeker in België een vitale troef op de arbeidsmarkt; het Frans is, van Afrika over de Caraïben en Zuid-Amerika tot Québec en Europa, een immense cultuurtaal; na Engels en Spaans is het de meest gebruikte taal op de digitale media; het Frans blijft de taal van de internationale betrekkingen; Frans is bovendien een analytische taal die het structurele denkvermogen aanspreekt en het aanleren van extra talen makkelijker maakt. Et non, het Frans is lang zo moeilijk niet als de reputatie die het achter zich aansleept.

“Franstaligen kunnen toch ook geen Nederlands?”, klinkt te vaak het Vlaamse weerwerk. Dat is ten eerste niet altijd waar, ten tweede ook maar een zwaktebod. Alle onkunde almaar op het onderwijs afschuiven, nog zo'n dooddoener, zal ons ook niet helpen. Te veel Vlamingen hebben zich voor het Frans gesloten en zijn bang geworden, te veel Vlamingen denken dat Engels allang goed genoeg is. Dat is het niet, en dat moesten we eindelijk maar een keer gaan snappen. 

L'envie d'avoir envie, zoals Johnny Halliday zong.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234