Maandag 23/05/2022
Vincent Stuer. Beeld DM
Vincent Stuer.Beeld DM

ColumnVincent Stuer

Wie wil weten hoe het er vandaag in Polen en Hongarije aan toegaat, moet de geschiedenis van Ierland erbij halen

Vincent Stuer is schrijver en werkt in het Europees Parlement. Hij schrijft in eigen naam. Stuer is de auteur van Hoogmoed - Van Verdinaso tot verzet. Zijn column verschijnt tweewekelijks, afwisselend met Mark Elchardus.

Vincent Stuer

Religie is vergif, altijd en overal, geestdodend tenzij het tot homeopathische proporties is verdund.

Hoe mensonwaardig het wordt waar God en Vaderland heersen, blijkt uit het voortreffelijke en wraakroepende nieuwe boek We Don’t Know Ourselves van Fintan O’Toole. De stercolumnist van The Irish Times en The New York Review of Books schreef een persoonlijke geschiedenis van het moderne Ierland sinds hij er in 1958 geboren werd. ‘Modern’ is louter tijdsaanduiding: Ierland was tot voor kort – om het in termen van collega Elchardus uit te drukken – een democratie waarin liberale rechten niet ‘primeren op het soevereine volk’. Het was een natiestaat die Bart De Wevers ambitie waarmaakte: zijn zelfstandigheid gebruiken ‘om van daaruit een ander soort samenleving te creëren’ en te ‘leven in een exclusief Ierse context’. Ze mogen het godverdomme hebben.

Wie er niets van moesten hebben, waren de Ieren.

Emigratie was al eeuwenlang de uitlaatklep voor kansloosheid, en dat bleef zo in de doelbewust afgesloten samenleving na de onafhankelijkheid. Zelfs van O’Tooles generatie, kinderen van de jaren 50, zouden nog steeds drie op de vijf Ieren uiteindelijk het land verlaten. Via diezelfde uitlaatklep verdween ook iedereen die niet in de door kerk en staat gedicteerde collectieve identiteit paste: vrouwen die hun wettelijke minderwaardigheid beu waren, homo’s die niet langer wilden lijden onder hun gedwongen dubbelleven, gescheiden koppels, zwangere meisjes. Sinds 1970 zijn naar schatting minstens een kwart miljoen vrouwen naar het Verenigd Koninkrijk getrokken voor een abortus. Ook wie terugkeerde, zweeg.

Het perfide was: net doordát zij de moderniteit elders opzochten, kon Ierland zelf de confrontatie uit de weg blijven gaan. De druk was eraf. Van de weeromstuit ging de Ierse goegemeente zich nog onbuigzamer identificeren met de “twee opstandige krachten” die het land in zich droeg, “haar tradities van geweld en martelaarschap, en de voortdurende verwarring van burgerschap met katholicisme”. In de jaren 80, lang nadat overal het besef doorgedrongen was dat de officiële leefregels simpelweg onleefbaar waren, sprak twee derde zich bij referendum uit tégen het legaliseren van echtscheiding en vóór een grondwettelijke verstrenging van de abortuswetgeving. Daarmee werd het leven van moeder en kind op dezelfde hoogte gezet, zodat abortus bij verkrachting of incest en zelfs bij dreigende zelfmoord van de moeder verboden was.

De mensonterende gevolgen zijn intussen genoeg beschreven door onderzoekscommissies (“a brutally misogynistic culture”, vatte een officieel rapport samen) en in films als het hemeltergend trieste Philomena (2013): alomtegenwoordige pedofilie, mismeesterde abortussen, duizenden gedwongen adopties en weggemoffelde dode ‘weeskinderen’. Maar Fintan O’Toole is vooral sterk in zijn omschrijving van de mentaliteit die daartoe leidde: een collectieve schijnvertoning, verplichte hypocrisie, de schizofrenie waarin de officiële wereld door iedereen aanvaard wordt, maar alleen aanvaardbaar is omdat iedereen weet dat het niet de echte wereld is.

Als alles onbespreekbaar is, gebeurt het ondenkbare. Ook geld en seks gingen reizen om te doen wat thuis niet mocht – maar dan enkel voor de machtigen. Hét gezicht van de Ierse kerk, bisschop Eamonn Casey, vluchtte naar Ecuador toen bleek dat hij een zoon had uit een langdurige relatie in de Verenigde Staten. En de dominerende politieke figuur was Charles Haughey, dé zoon van Ierland, goed nationalist en katholiek. Hij zette zich openlijk af tegen de ‘oppervlakkige vrijheid’ waarvan zijn landgenoten droomden, terwijl hij via constructies op de Kaaimaneilanden en fabuleuze corruptie zichzelf een eiland kocht voor de Ierse kust, en met zijn openlijke minnares jaarlijks 177.000 pond aan lopende uitgaven deed. Haugheys talent voor hypocrisie was “mesmerising, exquisite, magisterial”, en vooral heel erg Iers. Waar niemand de regels volgt, doen de mensen die de regels maken dat het minst van al.

Ierland heeft uiteindelijk toch leren leven in een verwarrende wereld, waar identiteiten meervoudig zijn en we onze normen en waarden zelf vorm moeten geven. Zijn kerk werd overspoeld door haar eigen venijn. Zijn zelfbeeld werd zachter en poreuzer, doordrongen door de moderniteit.

Maar wie wil weten hoe het er vandaag in Polen en Hongarije aan toegaat, moet deze geschiedenis van Ierland lezen. En voor wie, ook in Vlaanderen, dweept met zogezegd conservatieve christelijke waarden, is ze onbeantwoordbaar.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234