Dinsdag 23/07/2019

Column

We moeten wat meer ademen. We hebben te weinig lief

Hilde Van Mieghem. Beeld Bob Van Mol

Hilde Van Mieghem, acteur, regisseur en auteur, neemt u mee in haar leefwereld.

Soms weet ik het niet meer, weet ik het echt niet meer. Dan tolt mijn hoofd door alles wat erin binnendringt en wat er niet meer zomaar een-twee-drie weer uit gaat.

Het politieke spel van de voorbije weken, het heengaan van een Ketnet-meisje, de dood van een jonge student die meedeed aan een schachtendoop. De vluchtelingen die dag na dag niet toegelaten worden om een asielaanvraag te doen, de racistische campagnes, de armoede, de onmacht.

Dat alles maakt van mijn hoofd een ­flipperkast en als ik niet oppas slaat ze tilt.

Dat was een paar dagen geleden bijna het geval. Ik moest medicijnen gaan kopen voor Mr. Wilson, mijn hondje. Hij heeft epilepsie. Het duurde maanden voor we, de dierenarts en ik, eindelijk de juiste dosis vonden die hij nodig heeft om niet al te vaak aanvallen te krijgen. En sinds een maand of drie gaat het eindelijk goed.

Alleen was het medicijn deze keer nergens te vinden. Ik was al in vier apotheken geweest en belde ook nog drie dieren­klinieken, maar overal kreeg ik hetzelfde te horen, de medicijnen zouden pas over een week geleverd kunnen worden.

Ten einde raad belde ik mijn dierenarts. Wat moest ik doen? Zonder dat medicijn zou het rampzalig worden. Wonder boven wonder bleek zij nog één potje van die ­pillen in voorraad te hebben. Opgelucht rende ik naar haar toe om het op te halen.

Met het potje stevig in mijn vuist geklemd liep ik weer naar huis en vroeg me verbijsterd af hoe het toch mogelijk is dat mensen zo hardvochtig zijn. Als ik al panikeer omdat ik geen medicijnen voor mijn hondje kan vinden, hoe moet het dan gesteld zijn met al die mensen die hun land ontvluchten en geen toegang hebben tot medicijnen, voedsel, een dak boven het hoofd en een beetje warme menselijkheid.

Hoe kun je een vrouw met een twee maanden oude baby de straat op sturen zonder te verpinken? Hoe verdraag je dat een kind elke dag met een lege brooddoos naar school vertrekt?

Ik kan er niet bij en merk dat het me moedeloos en depressief dreigt te maken.

Er is te weinig tegenwicht. Te weinig vreugde, te weinig warmte.

Ik werk keihard de laatste weken, en ook mijn kinderen zijn druk in de weer, we zien elkaar nauwelijks. Ik was al blij dat ik mijn jongste even zag vorige zondag, al was het dan op tv in De zevende dag.

Gelukkig kon ik, juist omdat ze daar was, een paar uur babysitten op mijn kleindochter. Knuffels en warmte in ­overvloed.

Ik had tussen het vele werken door een paar kinderboekjes op de kop getikt. Eén daarvan, Als verdriet op bezoek komt, leek me niet zo geschikt voor haar leeftijd, maar precies dat boekje koos ze eruit.

Keer op keer moest ik weer voorlezen hoe verdriet, getekend als een grote, best wel lieve traan, op bezoek komt bij een klein meisje. Hoe het meisje verwoed pogingen doet om verdriet buiten de deur te houden, hoe ze het in de kast probeert op te sluiten of haar rug ernaar toekeert. Tot ze uiteindelijk beseft dat ze er gewoon mee op de zetel kan gaan zitten, in stilte, of er samen een tekening mee kan maken, of een liedje mee kan zingen.

Als de avond valt, kruipt het meisje haar bedje in met die traan, die bladzijde na bladzijde kleiner werd, stevig in haar armen. Om de volgende ochtend vrolijk wakker te worden. Het verdriet was in geen velden of wegen meer te bespeuren.

We hebben te weinig lief.

We stuiteren de dagen door, malen in onze hoofden, denken ons suf, of we ­suffen onszelf de onverschilligheid in. We vechten, ruziën, razen, brullen onvriendelijk onze medemensen toe en schelden elkaar de huid vol.

We moeten wat meer ademen. We moeten met al onze woede en verdriet, samen, in stilte, op de bank gaan zitten. We hebben te weinig lief.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden