Donderdag 20/06/2019

Opinie

We hebben geen alcoholkliniek nodig maar een globaal plan dat alcohol minder toegankelijk en minder aantrekkelijk maakt

Frieda Matthys. Beeld rv

Prof. Dr. Frieda Matthys is diensthoofd psychiatrie UZ Brussel en voorzitter van iDA (informatie Drugs Alcohol). Paul Van Deun en Marijs Geirnaert zijn respectievelijk voorzitter en directeur van de VAD, Expertisecentrum voor Alcohol en andere Drugs.

In antwoord op het interview met professor Guido Van Hal willen wij reageren op het problematiseren van een kleine groep jongeren en intussen het totaalbeeld uit het oog te verliezen.

Socioloog Van Hal doet een aantal uitspraken die niet tot zijn deskundigheid behoren. Dat het aan de jeugdigheid van hun brein ligt, dat ze niet voelen aankomen dat ze beter zouden stoppen, klopt niet. Zowel volwassenen als jongeren kunnen verrast worden door een plotse dronkenschap. Als ze zittend drinken, bijvoorbeeld, en ineens rechtstaan waardoor de maagsfincter opengaat en de alcoholemie plots erg stijgt. Het herkennen van de voortekenen is eerder een kwestie van ervaring ; daarom komen de meeste jongeren zo’n intoxicatie geen tweede keer tegen.

Meestal is het echt een accident de parcours. Als jongeren dit toch vaker meemaken, spelen andere factoren mee: psychische problemen, op zoek zijn naar de roes, het willen imponeren van anderen, … De CM vermeldde vorige week bij haar cijfers over spoedopnames dat het meer voorvalt bij jongeren met een verhoogde tegemoetkoming, dus uit gezinnen met een laag inkomen, dit wil zeggen dicht bij of onder de armoedegrens.

Waar collega Van Hal uit concludeert dat ze in Nederland het herval gigantisch zien dalen, konden wij niet terugvinden. Het aantal minderjarigen dat soms alcohol drinkt is bij hen en ook in Vlaanderen duidelijk gedaald de laatste 15 jaar. Het aantal 12 tot 16 jarigen dat aan bingedrinken doet, is echter gestegen. Het “gigantische” effect van de alcoholklinieken is dus niet zichtbaar.

Uitspraken zoals “Twee keer flink dronken en je IQ daalt 10 tot 15 punten” zijn zo compleet onjuist dat ze je aanpak en bij uitbreiding de hele hulpverlening ongeloofwaardig maken. Zo’n uitspraken werken ook niet preventief: jongeren gaan hun gedrag niet veranderen omwille van banbliksems en bedreigingen over het effect op hun gezondheid. Volwassenen ook niet trouwens. Dat is intussen voldoende aangetoond.

Het is zeer de vraag of we in Vlaanderen nood hebben aan alcoholpoliklinieken, dan wel dat we jongeren vanuit de spoed moeten kunnen oriënteren naar de bestaande netwerken waar een gespecialiseerd aanbod aan vroegdetectie en vroeginterventie moet aanwezig zijn in elke regio.

Wat ons eigenlijk nog het meest verontrust in dit interview, is de zin: “In Nederland zijn de brouwers verantwoordelijk voor het preventiebeleid, een taak die zij heel ernstig nemen.” Dat is nu juist het tegenovergestelde van echte preventie ontwikkelen. De alcoholindustrie wil niet liever dan investeren in zeer beperkte preventieve acties om zich zo positief in de kijker te werken en intussen te verhinderen dat effectieve preventieve maatregelen (prijs, beschikbaarheid en reclame) gerealiseerd worden. Zowel in Groot-Brittannië als in Nederland is men tot deze conclusie gekomen.

In België probeert de industrie het ook, o.m. in Leuven met het Smart Drinking-project waar stad en universiteit samenwerken met AB InBev.

Veel geld krijgen is zowel voor onderzoekers als voor het stadsbestuur natuurlijk verleidelijk. AB InBev houdt daarbij wel de touwtjes in handen. Zij bepalen waar naartoe gewerkt wordt, nl. de probleemgevallen aanpakken. Om zeker positieve resultaten te hebben wordt de situatie eerst extreem voorgesteld. Een eerste bevraging, lazen we vorige maand, zou aantonen dat 37% van de studenten problematisch drinkt, tegen 26 % vijf jaar geleden. Weinig geloofwaardig ! En 2 tot 5 % van de eerste jaarsstudenten zou verslaafd zijn. Achttienjarigen die recht van de middelbare school komen en al verslaafd genoemd worden? Voor dat etiket is wel een jarenlange drankcarrière vereist.

VAD doet al lang metingen bij studenten van de vier universiteiten met zorgvuldige, constante criteria. De cijfers voor riskant alcoholgebruik schommelen rond de 15%.

Geld is aantrekkelijk, en daarmee koopt de industrie zich de toegang tot onderzoek, preventie en beleid.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden