Vrijdag 15/11/2019
Julie Cafmeyer voor online. Beeld rv

Column

We blijven maar gezellig doorrazen over de dood, tot ik naar mijn lief kijk

Julie Cafmeyer is columniste.

Gisteravond aten we quesadilla’s in de keuken van mijn lief. Zijn broer, Rien, was er ook bij met zijn lief, Titi. Op het moment dat bijna alle guacamole op was, kwam ons gesprek op de dood. Titi zegt: “Ik ben aan het nadenken over andere soorten van uitvaart. Zowel crematie als begraven worden in een kist is extreem vervuilend voor het milieu.” Rien zegt: “Soms vraag je je toch af waar al die doden naartoe gaan? Ik bedoel: in Gent zijn er echt niet zoveel kerkhoven. Hoe geraken ze al die kisten kwijt?”

“Vandaar dus dat ik research doe naar manieren waarop ons lichaam in de aarde kan opgaan”, gaat Titi voort. “Onlangs las ik over een vrouw die champignons muteert tot vleesetende paddestoelen. Die vrouw vindt het een geruststellende gedachte dat ze, als ze dood is, opgegeten zal worden door champignons. Maar er zijn ook onderzoeken naar het bevriezen van mensen. Er bestaat een stof die ons doet breken in duizenden kristallen. Die kristallen worden dan verzegeld en in de grond gestopt. Na een maand ben je volledig opgenomen door de aarde.”

“Oké. Mij mag je bevriezen en laten breken in kristallen als het zover is!”, zeg ik heel stoer. “Ik vind het geruststellend om op een dag volledig te verdwijnen. En als het dan toch moet gebeuren: liefst zo snel mogelijk.”

Ik word zowaar vrolijk van mijn eigen begrafenis. Ik moedig Titi aan: “Dat is een gat in de markt! Het is boeiend om over nieuwe manieren van begraven na te denken. Dat brengt nieuwe rituelen met zich mee.” “Exact”, zegt Titi. “Het kan anders.”

We blijven maar gezellig doorrazen over de dood, tot ik naar mijn lief kijk en plots helemaal geen zin meer heb om te sterven. Ook als ik naar Rien en Titi kijk, denk ik: toch jammer dat we er op een dag niet meer zullen zijn.

Ik had het plotseling helemaal gehad met die onnozele dood.

Ik zeg: “En toch is het angstaanjagend, zelfs bijna onverdraaglijk, het besef dat je er op een dag niet meer bent. Dat je opgaat in de oneindigheid. Dat je nooit meer terugkomt.” “Dat weet je niet zeker”, zegt Rien. “Misschien zijn er nog verborgen werelden. Oké, ik begrijp je, voor je ego is dat nefast, de dood. Maar zeg nu eerlijk: het is toch goed dat het op een moment stopt? Dat biedt rust.”

En zo kreeg ons gesprek iets verschrikkelijk intiems. Wie over de dood praat, stelt zich kwetsbaar op. Waar willen we – in het licht van de eeuwigheid – naartoe?

Straks zijn we hier niet meer.

Die nacht in bed zegt mijn lief dat ik op een indringende manier naar hem had gekeken toen ik het over de dood had. “Jij meent het met mij, hè?”, vraagt hij. “Ja, ik meen het. En hopelijk jij ook.” “Ja”, zegt hij. Ik neem zijn hand vast en zink weg in een diepe slaap.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234