Zaterdag 06/06/2020
Marc Didden.Beeld Karoly Effenberger

Place Du Samedi

Wat zou ik graag eens in een stad wonen waar de burgemeester zijn burgers niet constant voor schut zet

Marc Didden is schrijver en columnist bij De Morgen.

Soms ga zelfs ik naar de tandarts. De mijne is behalve erg goed ook erg sympathiek. En een ware muziekliefhebber. Laatst vroeg hij me, terwijl hij zorgvuldig met een boor in mijn bek aan het werk ging, wat ik van de nieuwe Dylan vond. Mijn antwoord was iets in de aard van *&#@^$%£^¿*! En toen zei ik ook nog dat ik het jammer vond dat wij 'Sinatra Sings Dylan', de natuurlijke tegenhanger van Bobs succesvolle Shadows in the Night, jammer genoeg nooit zullen horen.

Een bezoek aan de monddokter is voor mij ook altijd een feest omdat ik me dan in de wachtkamer ongebreideld op 'de boekskes' mag gooien om daar dan te vernemen met welke domme mannen Josje van wijlen K3 het deze week weer heeft aangelegd, door welke verkeersbordengangster de fiscus en een of andere ex-Miss België weer genaaid werden of hoe het gaat met de hond van Herman Brusselmans.

Eén titel luidde 'Alloo in de buitenlandse gevangenis' en dat vond ik op zichzelf geen slecht idee, tot ik besefte dat het om de naam van een nieuw tv-programma ging. Ik heb het nog nooit gezien, wat niet wegneemt dat ik er het mijne over denk.

Soms valt je oog op iets wat je niet voorzien hebt. Zo was ik onlangs en willens nillens ten minste een minuut of twee lang getuige van een nietig programmaatje dat Het klapsalon blijkt te heten.

Wat mij betreft had 'Das gesundes Volksempfinden' ook gekund. Weliswaar een iets minder vlot bekkende maar wel accuratere benaming voor dit soort dubieus entertainment. Samen met hun kappers of kapsters handelen allerlei 'normale mensen' er vrolijk in de grofste gemeenplaatsen, en dat terwijl hun haar vakkundig wordt gewied.

Het ergst van al is eigenlijk dat iemand ergens denkt dat die onzin absoluut op beeld en klank moeten worden vastgelegd. En uitgezonden. Zo ging het laatst over politici. Dat het allemaal zakkenvullers zijn. En luiaards. En dat ze in feite op de kap van die kappers en die kapsters leven. U kent dat soort onzin. Kan nog net in een duister café, maar redelijk stuitend wanneer het openbaar gaat. En ook nog eens blijk gevend van een ziekelijk soort populisme dat we in deze tijden werkelijk kunnen missen als de builenpest.

Al is populisme een liedje dat sommige politici ook wel eens al te graag zelf meezingen. Zo is de beslissing van de Brusselse leiders om de hier reeds eerder besproken ondergrondse parkeergarage in de Marollen dan maar niet te bouwen, niets anders dan een handvol zand dat het Stadhuis in de ogen van de eigen bevolking gooit om tegelijk toch maar het volstrekt onnozele plan door te zetten om alsnog vier parkings aan te leggen binnen de zogenaamde Vijfhoek.

Wat zou ik graag eens in een stad wonen waar de burgemeester naar zijn eigen burgers luistert en ze niet voortdurend uitlacht, voor schut zet of zegt dat ze eens moeten ophouden met zagen.

Ook leuk zou het zijn dat het vraagstuk van de menselijke mobiliteit in de zelfverklaarde hoofdstad van Europa eens niet op de toon van een seutige schooljuffrouw zou worden besproken. Dat de zinvolle opmerkingen van de burger over wat er straks moet gebeuren met mensen die slecht te been zijn niet beantwoord zou worden met een voorstel om een kleutertreintje over de centrale lanen te laten rijden.

Hakke hakke tuut tuut, weet u wel!

Als het stadsbestuur een geheugen had, dan zou het weten dat al in 1958 door de weliswaar tijdelijk aangelegde wandelstraten aan de Heizelvlakte al bijzonder mooie en efficiënte autotreintjes reden die al wie dat wilde van hot naar her brachten.

Mocht de bevoegde schepen nog echt nadenken over dat type transport, wat ik als toekomstige kreupele ten zeerste aanmoedig, ben ik zo vrij haar aan te bevelen eerder te rade te gaan bij Mercedes Benz (zie foto) dan bij Fisher Price.

Over naar Antwerpen, waar trouwens ook onnozele treintjes rondrijden, maar duidelijk toch vooral ter attentie van luie toeristen. Ik betrad er vorige zaterdag rond zeven uur in de avond het statige Foyer van de prachtige Bourlaschouwburg met de bedoeling er voor aanvang van de voorstelling een croque-monsieur te eten.

"Hebt u daarvoor wel gereserveerd?", vroeg een brave jongen in een professioneel ogend horecakostuum. Ik zei 'nee' en toen zei hij ook 'nee', want het zou niet lukken, die croque zonder reservering. Antwerpen op zijn onnozelst, dacht ik.

Gloriool zonder één spoor van rock-'n-roll. En bij de Bourla zouden ze ook eens mogen nadenken over wat het woord 'foyer' in theatertaal betekent. Een plek waar je de toeschouwers voor de voorstelling vriendelijk opvangt en waar ze desgevallend achteraf wat kunnen napraten.

Niet een plek waar je moet reserveren voor een croque-monsieur.

Nu, met die voorstelling zelf ging het gelukkig wel helemaal goed. De grote Kees van Kooten bracht er op meesterlijke wijze hulde aan zijn en mijn held, de eveneens erg grote Hugo Claus. De spreker had het bijwijlen natuurlijk iets meer over zichzelf dan over Claus, maar daar had niemand van de aanwezigen bezwaar tegen en wij al zeker niet. Van Kootens erudiete bewondering, zijn lichtjes gespeelde en schijnbaar chaotische discours waren van het hoogste niveau, het enige wat trouwens past bij een meester als Claus.

Tegelijk haalde hij het uiterst saaie genre van de literaire lezing ook nog eens onderuit. Wat mij zeer verblijdde, omdat ik in mijn leven al veel van Claus gehouden heb maar nog nooit een lezing bijgewoond heb die ik niet vervelend vond. Behalve die van vorige zaterdagavond, dan. Op een lege maag doorgemaakt dus, maar zonder morren. Leve Kees, leve Hugo.

Verder stel ik vast ik dat de eerste en hopelijk ook laatste film over de kookgod Sergio Herman op de cultuurpagina's van mijn twee favoriete kwaliteitskranten besproken werd door de culinaire recensenten van dienst.

Een vreemde evolutie waar ik, als ik de Unie van de Filmkritiek was, niet mee akkoord zou gaan. Voor je er erg in hebt, wordt de volgende Hollywoodthriller over een pedofiele seriemoordenaar gewoon besproken door Marc Dutroux. En is het dat wat we willen? Ik alvast niet.

Ik vind het al erg genoeg dat ik door het leven moet met dezelfde initialen als die smeerlap uit Marcinelle.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234