Zondag 12/07/2020

Essay

Wat we leerden uit de hete zomerdebatten

Siegfried Bracke.Beeld Diego Franssens

Normaal gesproken is dit het weekend van de zogenaamde rentree: politici komen terug uit vakantie en gooien een paar knuppels in het hoenderhok, zodat het maatschappelijk debat, na een saaie zomer, weer kan beginnen. Dit jaar stond het hoenderhok de hele zomer op z'n kop. Dat was boeiend. En leerzaam.

1. De komkommertijd bestaat niet meer

En nog altijd maken zowat alle media eind juni dezelfde fout. Ze gaan in zomermodus. Ze bedenken een paar vrolijke rubriekjes en columns, gooien er wat extra puzzels tegenaan en charteren interessante BV's met het oog op de wat tijdlozere interviews. Op radio en televisie blijven alleen de journaals operationeel, de rest van het zendschema wordt ingevuld met weetjes en lange reportages over de mijnbouw in China. De Dienst Duiding is met vakantie. Het is immers komkommertijd, en dan gebeurt er niet zo gek veel in het land of in de wereld. Tijd om van het zonnetje te genieten.

Zo kon het twee jaar geleden gebeuren dat de VRT-nieuwsdienst eind juni een filmpje op ons losliet waarin de ploeg ons een fijne zomer wenste. Van Annelies Beck tot Goedele Wachters: allemaal liepen ze te zingen en te swingen op 'Happy' van Pharrell Williams - een idee dat volgens goede bronnen was ontsnapt uit het immer constructieve brein van Journaal-baas Björn Soenens. Het werd zomer en de nieuwsdienst was o-zo-happy. Een paar dagen later begonnen ze bij IS journalisten te onthoofden.

Joël De Ceulaer.Beeld Karel Duerinckx

Om maar te zeggen: de komkommertijd bestaat niet meer. Schrap dat woord. Ook deze zomer hielden terroristen en wereldleiders in hun planning opvallend weinig rekening met de grote vakantie in België. Zelfs onze volksvertegenwoordigers, die er qua vakantie het ritme van schoolkinderen opna houden, bleven in juli en augustus opvallend actief. Vroeger, toen de komkommertijd nog bestond, moesten kranten en magazines rekening houden met twee maanden windstilte in de Wetstraat. Ook daarvoor bedachten ze dan tijdloze rubriekjes, meestal portretten van politici met vakantie: partijvoorzitters op hun boot, ministers op de fiets, volksvertegenwoordigers met hun voeten in het water. Op de foto zag je die bewuste politici dan peinzend in de verte staren, met een uitspraak erbij die diepgang en innerlijke rust moest suggereren: "Hier ben ik helemaal zen."

Ook dat tijdperk is voorgoed voorbij. De Wetstraat rust niet meer. Het maatschappelijk debat bereikte de voorbije twee maanden het kookpunt. De vrije meningsuiting moest er bijna aan geloven, de grondwet werd een paar keer herschreven en - wie het woord niet meer kan horen, mag nu stoppen met lezen - de boerkini stond ineens ter discussie. Als u deze zomer érgens een mening over moest hebben, dan was het over de boerkini.

Sommigen noemen die boerkini daarom de 'komkommer' van het jaar. Zij dwalen. Het debat over de boerkini was boeiend, nuttig en fundamenteel. Het bewees nog maar eens dat het ideologische landschap vandaag wordt doorkliefd door een nieuwe breuklijn. Als twee aardplaten tegen elkaar schuren, beeft de aarde. Als zich in de politiek een nieuwe breuklijn vormt, beeft het debat.

2. De boerkini is belangrijker dan de begroting

Pardon? Is de begroting niet belangrijker? Die boerkini is toch maar een symbool, en er is bovendien haast niemand die zo'n ding draagt. De begroting, dat gaat over een gat van ruim twee miljard in de schatkist, waarvoor de regering straks een nieuw gat in onze portemonnee moet slaan. De begroting, dat gaat over onze sociale zekerheid, onze uitkeringen, onze pensioenen. Kunnen we ons niet beter daarover druk maken, in plaats van de zoveelste discussie te voeren over een stuk textiel?

Mja. Natuurlijk is de begroting belangrijk en moeten we die met aandacht volgen. Maar behalve belangrijk is dat debat vooral veilig en voorspelbaar. Het is een thema waarmee we vertrouwd zijn, waar we allemaal onze weg in kennen. Rechts vindt dat bedrijven minder belastingen moeten betalen. Links vindt dat de rijken meer moeten bijdragen. Christendemocraten zwalpen op dit punt soms een beetje, maar de sociaal-economische breuklijn is bekend, veel boeiends valt daar niet meer over te vertellen. De slotsom van de federale begrotingsgesprekken is dan ook van tevoren bekend: wat links ook roept, het worden rechtse recepten, afgekruid met christendemocratische nuance. Klaar.

Beeld BELGAIMAGE

Dan is de boerkini belangrijker. Die heeft niets met onze portemonnee te maken, maar het fabeltje dat mensen alleen met hun portemonnee stemmen, is versleten.

Mensen stemmen, zeker vandaag, met hun gevoel, hun geweten, hun culturele identiteit. De aanwezigheid van de islam in Europa heeft het maatschappelijk debat op scherp gezet. En dat debat is niet veilig, maar complex en paradoxaal.

Ga maar na. Wie de vrijheid van de vrouw wil beschermen, kan voor of tegen het boerkiniverbod zijn. Voor, omdat de boerkini de vrijheid van de vrouw belemmert. Tegen, omdat het verbod de vrijheid van de vrouw belemmert. Wie de verlichtingswaarden wil verdedigen, leeft altijd op gespannen voet met diezelfde waarden: geven we vrijheid op om onze vrijheid te beschermen, of beschermen we onze vrijheid ook als dat betekent dat we die vrijheid op het spel zetten? Een mens zou van minder hoofdpijn krijgen. Het is de hoofdpijn die gepaard gaat met de totstandkoming van een nieuwe breuklijn.

Wie wil weten aan welke kant van die lijn hij zich bevindt, moet welgeteld één vraag beantwoorden. Vindt u dat islamitische Vlamingen met een migratieachtergrond zich moeten aanpassen aan de traditionele Vlaamse leidcultuur, waarin de boerkini uiteraard geen plaats had? Dan staat u resoluut aan de kant van Vlaams Belang, N-VA en sommige socialisten en liberalen. Vindt u daarentegen dat we allemaal nieuwkomers zijn in deze superdiverse samenleving, en dat we samen een nieuwe modus vivendi moeten vinden, met uiteraard een plekje voor de boerkini? Dan staat u aan de kant van Groen, CD&V en sommige socialisten en liberalen.

Nee, dat ballonnetje van Nadia Sminate over een boerkiniverbod was zo gek nog niet. Het was nuttig, en zinvol. Het heeft velen geholpen om nog eens positie te kiezen ten aanzien van een groot politiek vraagstuk. Dat gold ook voor die andere ballonnetjes deze zomer.

3. Politici mogen best ballonnetjes oplaten

Uw dienaar en zijn collega-journalisten kregen vorige week een schop onder de kont van De Morgen-columnist Mark Coenen. Vanwege die ballonnetjes. "Elke hond met een hoed op mocht in de krant een ballon oplaten, de ene al belachelijker dan de andere", schreef hij. "Het wereldberoemde ballonfestival van Sint-Niklaas is er niets tegen. Er bestaat geen mantel der liefde groot genoeg om dat geraaskal onder te bedekken."

Onze achtbare mediacriticus gaf niet alleen politici, maar ook en vooral journalisten daarvan de schuld. "De met goedkope en patserige effectenjagerij volgeblazen luchtbel, waarin politiek en media elkaar blijven opnaaien, ging deze zomer voorbij de grenzen van de dampkring", schreef hij nog, om te besluiten met de nobele wens: "Kome er een einde aan dat soort van journalistiek die geen journalistiek is, maar een amper gemaskeerd doorgeefluik voor flutideeën."

Coenen heeft een punt. Vlaamse journalisten zijn geobsedeerd door politieke quotes. Als ze politicus X iets lelijks hebben laten zeggen over politicus Y, rijden ze naar politicus Y om die op zijn beurt iets lelijks te laten zeggen over politicus X. Ze schrijven dan dat X "uithaalt naar" Y en vervolgens dat Y "uithaalt naar" X. Zinloos en vermoeiend.

Mark Coenen.Beeld Tom Verbruggen

Bij onze noorderburen bestaat die obsessie met politieke quotes niet. Tom-Jan Meeus van het NRC vindt zelfs dat we nooit politici moeten interviewen. Sterker nog: Meeus vindt dat journalisten helemaal niet met politici moeten praten. Ook niet off the record. Wat een politicus zegt, doet niet terzake. Wat de politicus doet, daar moet de krant over schrijven. Een stelling die het overwegen meer dan waard is.

En toch heeft Coenen ook ongelijk. Wat deze zomer gebeurde, was geen gemakzuchtige jacht op quotes. Als N-VA-Kamerfractieleider Peter De Roover op zijn blog het idee oppert om sympathie voor IS strafbaar te maken, dan is dat nieuws. Zeker als een aantal partijgenoten én zijn partijvoorzitter dat idee genegen zijn. Als Vlaams Parlementslid voor de N-VA Nadia Sminate zegt dat ze een verbod op de boerkini wil, dan is dat nieuws. Belangrijk nieuws. De N-VA heeft deze zomer geen flutideetjes gelanceerd, nee, de partij heeft ondubbelzinnig positie gekozen op de nieuwe breuklijn. Ze wil meer dan ooit het alternatief zijn voor Vlaams Belang. Bij dat verlangen past ook het pleidooi van Bart De Wever voor gewapend bestuur en een Patriot Act naar Amerikaans model.

Niet alleen de N-VA liet zich kennen, trouwens. Ook Groen-Kamerfractieleider Kristof Calvo toonde met een interview in deze krant aan dat hij de grondwet nog eens moet lezen: zijn voorstel om scholieren een burgerschapsverklaring te laten ondertekenen was evengoed een ballonnetje dat meteen uit de lucht werd geschoten. Toch was ook dat nuttig. Door zulke ideeën te verspreiden helpt de vierde macht de kiezer het soortelijk gewicht van een politicus in te schatten. Goed om te weten in het stemhokje.

4. De N-VA zwalpt minder dan velen denken

Van Open Vld en sp.a is bekend dat ze al een hele tijd zwalpen. Vooral met betrekking tot de nieuwe breuklijn hebben ze nog geen positie gekozen. Aan de vrijzinnige flank van beide partijen worstelt men met de islam, omdat men niet aan de imam wil geven wat men van de bisschop heeft afgepakt - een overblijfsel van de vrijzinnige positie op de oude levensbeschouwelijke breuklijn, toen Vlaanderen nog katholieken kende. Aan de kosmopolitische kant van beide partijen volgt men de visie van respectievelijk Bart Somers (Open Vld) en Yasmine Kherbache (sp.a), die zo ongegeneerd inclusief zijn dat ze openlijk hun waardering durven te uiten voor activist Dyab Abou Jahjah.

Bart De Wever.Beeld Bas Bogaerts

Toen sp.a-voorzitter John Crombez onlangs in een weekendinterview met De Standaard zei dat hij de problemen met migratie en de islam niet langer wil verbloemen, dacht hij wellicht een einde te maken aan dat gezwalp door een flinks geluid te laten weerklinken, dat net zoals in de jaren negentig geïnspireerd is door parttime-partij-ideoloog Mark Elchardus. Zo zei Crombez onder meer het volgende: "Ook veel linkse mensen zijn de toon kotsbeu waarop jonge moslims verkondigen wat hier de norm moet zijn."

Net zoals de ballonnetjes van de N-VA en de handtekening van Calvo veroorzaakte die quote meer deining dan veel weekendinterviews in het gewone politieke jaar. Maar deining is nog geen duidelijkheid. Integendeel, de nieuwe flinksheid van Crombez maakt de verwarring alleen maar groter. Zijn partij danst nu officieel op twee benen: dat van Kherbache en dat van Elchardus, die zo ongegeneerd "gemeenschapsafbakenend" is, zoals hij dat zelf noemt, dat hij in Knack ooit verklaarde dat hij het oneens is met zowat álles wat Dyab Abou Jahjah zegt. In afwachting van duidelijkheid bestaat de sp.a dus uit twee partijen: eentje aan elke kant van de nieuwe politieke breuklijn.

Geldt dat ook niet voor de N-VA? Zwalpen de Vlaams-nationalisten niet even hard als liberalen en socialisten? Ik zou durven beweren van niet. Op welke breuklijn ze ook positie kiezen, ze doen dat altijd even doortastend. Op de communautaire breuklijn zijn ze Vlaams, op de sociaal-economische breuklijn liberaal, en op de nieuwe breuklijn, die van de diversiteit, zijn ze streng gemeenschapsafbakenend - het mag niet verbazen dat Elchardus het de laatste tijd vaak eens is met Bart De Wever. De kans dat een N-VA'er ooit zegt dat we allemaal nieuwkomers zijn in deze samenleving, is onbestaande. De enige dissidente stem bij de N-VA is vandaag die van Vlaams minister-president Geert Bourgeois, die nog regelmatig een pleidooi houdt voor inclusie en de rechtsstaat.

Toch vonden velen dat de N-VA de voorbije weken een beetje zwalpte. Het idee van De Roover, om de vrijheid van meningsuiting in te perken, werd onderuitgehaald door zijn voorganger als Kamerfractieleider Hendrik Vuye. En dat algemene boerkiniverbod van Sminate komt er ook niet, heeft De Wever gezegd. Toch is dat geen gezwalp. De ideeën van De Roover en Sminate worden niet afgeschoten omdat ze fout zijn, maar omdat ze onhaalbaar zijn, omdat er wetten in de weg staan, en praktische bezwaren. Zo wordt gesuggereerd: als de N-VA het alleen voor het zeggen had, dan zou de wereld er anders uitzien. Het was niet verwonderlijk dat Bart De Wever gisteren in Het Laatste Nieuws en deze krant het idee van De Roover opnieuw verdedigde. Het was evenmin verwonderlijk dat De Wever een "algemeen" boerkiniverbod afschoot: een tijdelijk of lokaal verbod blijft mogelijk. De N-VA zwalpt niet, ze doet een duidelijk voorstel aan de kiezer.

Ja, de democratie was in topvorm, deze zomer. Alleen lag de vierde macht nogal vaak onder vuur, wat dan weer onrustwekkend is.

5. Journalisten mogen zich niet laten intimideren

Toen hij nog journalist was bij de openbare omroep, kluste Siegfried Bracke stiekem bij als raadgever en columnist voor de sp.a. Nu hij namens de N-VA Kamervoorzitter is geworden, laat hij zich steeds vaker gelden als mediacriticus. Bracke heeft, zou Goethe schrijven, twee zielen in zijn borst. Daarvoor kan men begrip hebben, maar het is ook een puntje van zorg. De recente uithaal van Bracke naar VRT-journalist Riadh Bahri past in een strategie waarmee zijn partij zich op glad ijs beweegt.

Eigenlijk haalde Bracke niet uit, hij trapte na. Bahri was vorige week, na een tsunami aan haatberichten, gestopt met Twitter: voor de eerste burger van het land de aanleiding om zich openlijk af te vragen of de beslissing van Bahri niet veeleer was ingegeven door narcisme dan door racisme. De aanval op Bahri was ingezet door Michaël Devoldere, kabinetsmedewerker van N-VA-minister Ben Weyts. In een reportage over de boerkinibetoging in Antwerpen had Bahri melding gemaakt van 200 aanwezigen. De rest van de pers hield het op 100 aanwezigen. Voor Devoldere het bewijs van vooringenomenheid: Bahri is tegen het boerkiniverbod en telt de manifestanten daarom dubbel.

Het zou een bagatel zijn, als het niet paste in een bredere strategie. De N-VA is wel vaker niet opgezet met de berichtgeving in de vaderlandse pers. De rechterzijde klaagt dat de meeste journalisten op ideologisch vlak licht naar links neigen, of in elk geval nog altijd te politiek correct en openlijk progressief zijn. Zelfs partijtoppers van de N-VA kunnen zich op sociale media soms niet inhouden. Vlaams Parlementslid Annick De Ridder roept weleens op tot een boycot van De Standaard, omdat die een column van Abou Jahjah publiceert, en partijdirecteur Piet De Zaeger noemde Paul Goossens, ook columnist bij De Standaard, ooit "een idioot" - wat toch een gebrek aan wellevendheid verraadt.

Riadh Bahri.Beeld jonas lampens

Nee, het is nog niet zover als in de Verenigde Staten, waar presidentskandidaat Donald Trump op voet van oorlog leeft met de media. Uiteraard is het ook nog niet zover als in Turkije, waar de vrije pers niet meer bestaat. Ook de vergelijking met extreemrechts, waar men alle journalisten regelrechte leugenaars vindt, is nog niet aan de orde. Toch houdt ook de strategie van de N-VA een gevaar in: dat journalisten en columnisten zich op den duur beginnen in te houden, omdat ze zich geïntimideerd voelen, of omdat ze de aanvallen beu zijn, of omdat ze de grootste partij van het land te vriend willen houden, uit vrees anders geen weekendinterviews meer te krijgen, bijvoorbeeld - en waar moeten de straffe quotes dan vandaan komen? In het jargon heet dat een chilling effect: dat men een toontje lager zingt uit angst voor mogelijke reacties.

Nog een les van deze hete zomer vol verbaal geweld op sociale media: journalisten mogen zich niet laten intimideren. Uiteraard moeten media bestand zijn tegen kritiek. Maar verdachtmakingen en op de man spelen is uit den boze. En als de rechterzijde het betreurt dat er zo weinig naar rechts neigende journalisten zijn, hier een vrijblijvende tip: leer schrijven en solliciteer. Het is misschien een idee voor Michaël Devoldere, die na zijn opleiding journalistiek aan de VUB meteen een baantje vond bij de N-VA. Ook deze krant heeft een aantal vacatures. Wij zien uw brieven vol verwachting tegemoet.

6. We hoeven het nooit met elkaar eens te worden

Tot slot een al even vrijblijvende tip voor alle Kumbaya-politici: hou de romantiek maar voor uzelf. In het al vermelde interview met Kristof Calvo in deze krant zei de Groene fractieleider dat we ons niet mogen laten verdelen, dat we uit de conflictlogica moeten geraken, dat we elkaar, ik citeer, "moeten vastpakken". Klinkt goed, elkaar vastpakken, en dan losbarsten in harmonieuze samenzang. De samenleving zou op slag gered zijn. Desnoods spreken we af dat we elkaar aan de kassa in de supermarkt altijd een knuffel geven. Menslief, ik hou van u.

Kristof Calvo.Beeld Bob Van Mol

We zoeken samenhorigheid, eendracht. Als ze over de grondwet discussiëren, zeggen politici dat ze op zoek zijn naar de gemeenschappelijke sokkel, de waarden en normen die we allemaal met elkaar delen. Zodat alle neuzen in dezelfde richting kunnen worden gedraaid en we van die conflicten verlost zijn. Weg met haat en onverschilligheid.

Maar zo werkt het niet, hoe graag we dat ook zouden willen. De grondwet is geen tekst die alle neuzen in dezelfde richting zet, integendeel: de grondwet is een tekst die ons leert hoe we kunnen samenleven als de neuzen een andere kant uit wijzen, in het besef dat er veel onverschilligheid is, en afkeer of haat, in het besef dat we ons vaak aan elkaar storen. De grondwet legt geen harmonie op, maar regelt het verkeer bij gebrek aan harmonie. Zodus: nee, we hoeven het helemaal niet met elkaar eens te zijn. Zolang we elkaar de kop niet inslaan, mogen we ons eindeloos aan elkaar storen.

Geef toe: een hele opluchting.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234