Dinsdag 22/10/2019
Ivo Victoria. Beeld DM

Column Ivo Victoria

Wanneer ik door Brussel wandel, denk ik: holy shit, dit is mijn land

Ivo Victoria is schrijver. Zijn nieuwe roman Alles is OKÉ verschijnt in september. U leest zijn column hier tot en met zaterdag.

De laatste keer dat ik in Brussel was, arriveerde ik op Brussel-Noord. Ik passeerde de asielzoekers die daar lagen te slapen, wandelde op een kwartier naar mijn afspraak en daarna weer terug. Op die tijd zag ik op straat nog zestien mensen bedelen. Ik woon in Amsterdam. Daar zijn vast ook mensen dakloos, maar ik zie ze vrijwel nooit. Misschien kom ik niet in de juiste wijken. Misschien bedelen die mensen in de verkeerde wijken. In Brussel zijn ze overal.

Van alle redenen die een mens kan verzinnen om een ander niet te helpen, erger ik mij het meest aan schijnheilige rancune. Onze regering van lopende zaken moet al tweehonderd dagen met een beperkt budget werken, mede thanks to N-VA. Nu minister De Block 40 miljoen extra vraagt voor de opvang van asielzoekers, ziet de partij blijkbaar haar kans schoon. Zegt zo’n Sander Loones: “Mevrouw De Block hoopt voor de derde keer langs de kassa te passeren.”

Ja, zo is mevrouw De Block. ‘Ka-tsjing!’, denkt ze. Die 40 miljoen ga ik eens flink opsouperen. Champagne en kaviaar voor iedereen die ook maar een beetje op een asielzoeker lijkt.

“Ja maar, ja maar”, zegt Loones. “Onder Francken ging het beter want die had asielquota.”

O ja, de quota. Die quota die onwettig waren volgens de Raad van State, bedoel je die, Sander? Ja, die bedoelt hij, maar hij weet nog wel een manier “om dat juridisch wel te kunnen doen en het been stijf te houden”.

O ja, België. Soms vergeet ik het. Een wet is geen wet, een wet is een hindernis om linksom of rechtsom, achterlangs of binnendoor te omzeilen wanneer het beter uitkomt want ja-maar-zeg-allee-het-is-toch-waar. Die verdomde De Block, die per se volgens de regels wil werken – geld dat dat kost.

Soms probeer ik dit uit te leggen in Nederland. Lukt niet. Net zomin als ik kan uitleggen waarom de Antwerpse ring niet rond is, of waarom ik het bijzonder vind dat mijn Nederlandse online belastingaangifte vlekkeloos verloopt, enkele weken (!) na indiening door de belastingdienst is verwerkt, én de teruggaaf op mijn rekening staat (hoi, Tax-on-web). Ook Nederlanders verschillen van mening over asielzoekers, maar bovenal hechten ze eraan om de zaken éérst praktisch goed te regelen. Bakkeleien kan daarna altijd nog. Belgen doen het omgekeerd. Toen ik hier nog woonde vond ik dat charmant.

Wanneer ik nu door Brussel wandel, denk ik: holy shit, dit is mijn land. Dit gebeurt mede uit mijn naam. Mannen, vrouwen, kinderen; op straat, in parken, stations; vuil, vermoeid, verloren. Die laatste keer in Brussel-Noord, sprak een man me aan. Net brilletje, een jasje, twee reiskoffers, tot op de draad versleten schoenen – ik kon zijn blote tenen zien. Of ik een euro had. Ik gaf hem een euro. Hij nam hem aan en keek me recht in de ogen. Heel rustig, haast met mededogen, alsof hij wist wie ik was – ik schaamde me kapot.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234