Dinsdag 09/08/2022

OpinieAnnelien De Dijn

Waarom we het succes van partijen zoals Vlaams Belang, PVV of Rassemblement National beter anders duiden

Presidentskandidate Marine Le Pen in haar thuisbasis  Hénin-Beaumont.
 Beeld Eric de Mildt
Presidentskandidate Marine Le Pen in haar thuisbasis Hénin-Beaumont.Beeld Eric de Mildt

Annelien De Dijn is hoogleraar moderne politieke geschiedenis aan de Universiteit Utrecht en auteur van Vrijheid. Een woelige geschiedenis. Deze bijdrage verscheen eerst in Sampol.

Redactie

Het succes van radicaal-rechtse partijen heeft weinig te maken met een backlash tegen de technocratisering van de politiek, maar eerder met de heropleving van een conservatief nationalisme.

Sinds 2000 zijn er in Europa een nieuw soort politieke partijen op het toneel verschenen, partijen die vaak worden omschreven als ‘populistisch’. De electorale doorbraak van deze partijen – denk aan Vlaams Belang in Vlaanderen, PVV in Nederland, FPÖ in Oostenrijk of Front National in Frankrijk – wordt vaak geduid als het gevolg van de groeiende kloof tussen burgers en politiek.

De ledenaantallen van traditionele politieke partijen, zo laat politicologisch onderzoek zien, kalven sinds jaar en dag af. Waar de Vlaamse socialisten bijvoorbeeld in de jaren 1980 nog 120.000 leden hadden, bleven er daar dertig jaar later slechts de helft van over – en die trend doet zich ook voor bij andere partijen. Politici zouden steeds meer de band met de kiezer verliezen en besturen zou in de toenemende mate het werk van experts en technocraten zijn geworden.

Die situatie zou dan weer een vruchtbare voedingsbodem vormen, zo luidt de gangbare analyse, voor de opkomst van partijen die voor de ‘gewone man’ beweren te spreken.

Kloof is net verkleind

Maar klopt deze analyse wel? Als we de belangrijkste premissen die aan dit narratief ten grondslag liggen van dichterbij bekijken, blijkt al snel dat er weinig van heel blijft. Er zijn ten eerste goede redenen om aan te nemen dat de kloof tussen burger en politiek niet is vergroot, maar juist is verkleind in de laatste vijftig jaar.

Natuurlijk is het waar dat de ledenaantallen van politieke partijen stelselmatig zijn afgekalfd. Maar het is een illusie om te denken dat massapartijen burgers noodzakelijkerwijze dichter bij de politiek brengen. In de jaren 1950 en 1960, toen de massapartij hoogdagen beleefde, was de kloof tussen burger en politiek volgens historici zoals Martin Conway juist een gapend gat. De naoorlogse democratie was erop gericht om burgers een zo klein mogelijke rol te geven in het politieke proces en versterkte vooral de macht van traditionele elites.

Annelien De Dijn. Beeld Hilde Harshagen
Annelien De Dijn.Beeld Hilde Harshagen

De ontzuiling en de daarbij horende individualisering van de maatschappij vanaf de jaren 1970 leidde tot de langzame neergang van de massapartij. Dat wil niet zeggen dat burgers zich niet meer politiek engageerden. Gemarginaliseerde groepen zoals vrouwen, mensen van kleur en lgbtq’ers begonnen zich te mobiliseren en er ontstonden bewegingen rond nieuwe waarden en normen zoals een gezond leefklimaat. Sommige bewegingen kregen ook partijpolitieke vertaling. De oprichting van groene partijen in Europese landen is daarvan het beste voorbeeld.

Het proces leidde tot een nieuw politiek landschap, met meer diversiteit. Zo nam het aantal vrouwen in het parlement toe van ongeveer 3 procent in de jaren 50 en 60 tot ruim 40 procent vandaag. Deze en gelijkaardige verschuivingen brachten politici juist dichter bij iedereen die geen witte burgervader is. Het grootste deel van de bevolking, met andere woorden.

Niet anti-elitair, wel xenofoob

Dat brengt me bij een tweede punt. Van zodra we ons realiseren dat de kloof tussen burger en politiek niet is toegenomen, wordt ook duidelijk dat we de opkomst van populistische politieke partijen onmogelijk kunnen duiden als een gevolg van deze (niet bestaande) kloof.

Dat blijkt ook uit wetenschappelijk onderzoek. De Noorse politiek wetenschapper Elisabeth Ivarsflaten laat zien dat kiezers die voor succesvolle radicaal-rechtse partijen zoals Vlaams Belang in Vlaanderen en PVV in Nederland stemmen weinig tot niet gemotiveerd worden door de anti-establishmentretoriek van deze partijen. Kiezers van deze partijen worden vooral aangetrokken door hun standpunten over migratie. De kiezers van Vlaams Belang en PVV zijn met andere woorden niet anti-elitair, maar wel xenofoob. Dat laat ons ook toe beter te begrijpen waarom dergelijke partijen zich, naast hun antimigratiestandpunten, ook vaak vijandig opstellen ten aanzien van andere kwetsbare groepen in de maatschappij, zoals bijstandstrekkers en lgbtq’ers.

We moeten het succes van partijen zoals Vlaams Belang, PVV of Rassemblement National voortaan anders duiden. Het groeiende marktaandeel van deze partijen heeft weinig te maken met een backlash tegen de technocratisering van de politiek. Het kan wel op conto geschreven worden van de heropleving van een conservatief nationalisme, vaak etnisch of religieus gekleurd. In Europa kreeg dit conservatief nationalisme een boost in de nasleep van 9/11 en de migratiecrisis van 2015.

Ook langetermijnontwikkelingen spelen een rol. De Tweede Wereldoorlog – die het gevaar van extreem nationalisme op dramatische wijze illustreerde – ligt inmiddels 77 jaar achter ons. Er zijn steeds minder mensen die nog een actieve herinnering hebben aan deze periode. De lessen die Europa toen leerde, verdwijnen almaar verder uit ons collectieve geheugen. Misschien zal de Russische inval in Oekraïne – die eveneens op rekening van extreem nationalisme geschreven kan worden – het morele failliet van deze ideologie weer in herinnering brengen en dus de voedingsbodem voor de nationalistische heropleving verminderen. Dat blijft voorlopig koffiedik kijken.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234