Vrijdag 18/10/2019

Opinie

Waarom u wél moet wakker liggen van Caterpillar

De Belgische vestiging van Caterpillar in Gosselies, bij Charleroi, gaat dicht. Beeld Illias Teirlinck

Jonathan Holslag (1981) doceert internationale politiek aan de VU Brussel, en is auteur van De kracht van het paradijs. Hoe Europa kan overleven in de Aziatische eeuw.

We mogen niet te lang treuren om de sluiting van Caterpillar en moeten vooral inzetten op nieuwe industrie. Dat was zo een beetje de teneur nadat de bouwer van geavanceerde kranen in Henegouwen de deuren dicht deed en een paar duizend mensen hun job verloren. Tja. Hetzelfde was te horen na de sluiting autobedrijven als Renault en Ford, en bijvoorbeeld na de sluiting van een grote zonnepanelenproducent in Tienen (Photovoltech, red.). De koolmijnen zijn lang geleden ook gesloten en Limburg bestaat nog.

Ik vind dat een zorgwekkende veronderstelling.

Wie zegt om te beginnen dat dit aftandse industrieën zijn? De kranen van Caterpillar in Gosselies zijn van de modernste ter wereld. Is de automobielindustrie oud? Je kunt veel inbrengen tegen onze verslaving aan auto's, maar wereldwijd worden nog altijd méér geproduceerd. Is de zonnepanelenindustrie ouderwets? Als we van deze sectoren beweren dat ze achterhaald zijn, kunnen we dan uitleggen waarom pakweg de petrochemische industrie zoveel moderner is? Gaan we dat ook zeggen als de chemische cluster in Antwerpen verdwijnt? Of nog: het argument van 'verouderde industrie' houdt weinig steek.

Jonathan Holslag Beeld Tom Verbruggen

'Loonlasten', klinkt het dan. We prijzen ons de markt uit omdat we te duur zijn en onze export daardoor niet competitief is. Ook die aanname rammelt. Een groot stuk van de activiteiten van Caterpillar in Gosselies verdwijnt naar Frankrijk, niet bepaald een land dat bekend staat om lage loonlasten en flexibele arbeidsmarkt. De laatste tien jaren zijn de lonen in de sector trouwens niet veel gestegen. Hoe leggen we dan uit dat onze export van kranen kromp met 70 procent, nog voor de sluiting van Gosselies, terwijl China dat zijn lonen zag verdubbelen in die periode en ook de uitvoer zag groeien met 70 procent. Ons verlies aan concurrentievermogen zou dan net kleiner moeten worden. Laten we dus ook het loonkosten-argument met een korrel zout nemen.

Vervolgens wordt gesteld dat 'groeivertraging in Europa' de problemen in de maakindustrie verklaart. De Europese crisis hééft de vraag zwaar onder druk gezet. Toch kan ook dit niet alle problemen verklaren. In de periode dat wij twee grote autofabrieken verloren, is de jaarlijkse autoverkoop in Europa blijven schommelen rond de 13 miljoen. In de periode dat wij onze ontluikende zonnepanelenindustrie verloren, is de verkoop van zonnepanelen in Europa razendsnel gegroeid.

Er is echt wel meer aan de hand dan de nogal gemakzuchtige verklaringen die nu de ronde doen. Ik zou in de analyse meer rekening gaan houden met overheidsinterventies elders: fiscale dumping, industriële politiek, manipulatie van handel en het fenomeen van "winner takes all" binnen de eurozone, waarbij de relatief zwakke munt sterke spelers als Duitsland een extra voordeel in de export oplevert.

Het is niet eenvoudig om daarmee om te gaan. We kunnen de lonen laten dalen, maar de nettolonen, wat arbeiders dus aan het eind van de maand op de rekening krijgen, liggen veelal niet veel hoger dan in onze buurlanden. We kunnen de belastingdruk laten dalen, maar ook dat ligt niet eenvoudig om dat vooral grote bedrijven via ingewikkelde constructies al een deel van de hoge belastingen in ons land kunnen recupereren. Ten gronde is er ook weinig bewijs dat interne devaluaties bedrijven effectief aanzetten om opnieuw te investeren. Meer nog: zo'n beleid kan leiden tot een uitputtingsslag tussen landen, waar niemand bij wint en de stabiliteit van Europa verder ondermijnd wordt. Ook subsidies hebben weinig zin. Als fabrieken worstelen met overcapaciteit, moet dat niet beloond worden met belastinggeld.

En toch moet er wat gebeuren. Volgens de Nationale Bank lag de toegevoegde waarde van de Belgische en Vlaamse maakindustrie in 2014 nog steeds lager dan voor het uitbreken van de eurocrisis. Vooruitstrevende economische machtspolitiek zou het antwoord moeten zijn. Aan de ene kant komt het erop aan om valse concurrentie zoveel mogelijk te weren, en ons land zou bij de Europese Commissie moeten aandringen op een veel krachtigere handelspolitiek tegen bijvoorbeeld dumpingpraktijken.

Aan de andere kant moeten we vooral het speelveld verhogen. Hoewel de problemen in de maakindustrie niet volledig verklaard kunnen worden door het gebrek aan vernieuwing of productiekosten, is het sowieso in ons belang om te bouwen aan nog duurzamer en veerkrachtiger bedrijven. Europa heeft bijna alle grote industriële doorbraken mee mogelijk gemaakt, nu zouden we met veel meer daadkracht werk moeten maken van een nieuwe industriële revolutie waarbij vooral de mens centraal staat. Wat we als economie produceren zou een weerspiegeling moeten zijn van wie we als mensen willen zijn. Als we van onze economie een stortplaats maken, moeten we niet verbaasd zijn dat meer mensen op de arbeidsmarkt als vuilnis behandeld worden.

Door in te zetten op duurzaamheid, zouden we onze industrie een waaier aan nieuwe kansen kunnen geven, zoals ook Peter Tom Jones en Vicky De Meyere betogen in een nieuwe uitgave van hun Terra Reversa. Hogere standaarden en die consequent toepassen op onze import, zodat we producenten hier niet langer discrimineren ten aanzien wat we van elders invoeren. Ik ben ervan overtuigd dat wij in ons land bijna alles kunnen maken als we dat willen, maar de tijd dringt. Hoeveel oude industrie gaan we anders nog laten ontsnappen alvorens we een nieuwe industrie hebben opgebouwd?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234