Zaterdag 03/12/2022

EssayDe veramerikanisering van Frankrijk

Waarom Frankrijk preuts, kleinburgerlijk en steeds Amerikaanser aan het worden is

McDonald’s werd een wereldwijd imperium, tot grote ergernis van de Fransen, maar inmiddels is er een op elke boulevard. Beeld Alamy Stock Photo
McDonald’s werd een wereldwijd imperium, tot grote ergernis van de Fransen, maar inmiddels is er een op elke boulevard.Beeld Alamy Stock Photo

Frankrijk wordt steeds Amerikaanser, ziet de Nederlandse schrijver Henk Pröpper in Parijs, waar in cafés de televisies het ene na het andere schandaal brullen. Een verhaal over Serge Gainsbourg, rokerige nachtclubs en de profeet Michel Houellebecq.

Henk Pröpper

Deze zomer viel mijn oog in Le Monde op twee necrologieën. Normaal had ik ze niet gelezen, het waren de koppen boven de artikelen die me verleidden. In de eerste kop stond ‘uitgever’, en toen ik begon te lezen herinnerde ik mij dat ik hem, Alain Gründ, geregeld zag op internationale boekenbeurzen, in Frankfurt, Beijing, Guadalajara, en me dan telkens afvroeg wie dat was. Die man met dat aangename gezicht, wat doet hij hier?

Het tweede bericht was gewijd aan een ‘gezicht van de Parijse nacht’, aan de zangeres Dani, ooit eigenaar van de club L’Aventure op een paar passen van de Place de l’Étoile. Zoals Ramses Shaffy, Marianne Faithfull en misschien ook wel Herman Brood bezat Dani een eigenzinnigheid en avontuurlijkheid karakteristiek voor een tijdperk, een voorbij tijdperk. Ik realiseerde me dat ik eigenlijk maar één liedje van haar ken, niet toevallig geschreven door Serge Gainsbourg: Comme un boomerang (1975). Ik luister ernaar, in een late vertolking door haarzelf, en word als vroeger getroffen door haar timbre, door die typische zinnetjes van Gainsbourg: zeven lettergrepen die het leven in je vlees snijden.

Vreemdelingen zijn ze voor mij allebei, passanten van lang geleden. Toch troffen hun necrologieën me vanaf de eerste regels als betekenisvol voor onze tijd, hun levensverhaal als heilzaam, te midden van het nieuws over de branden die Frankrijk teisteren, de aanhoudende hittegolf, de troebelen en schandalen van de Franse en internationale politiek, de oorlog, de woede, de ergernis, de hysterie, de hoge woorden overal. Waarom, vroeg ik me af terwijl ik beide artikelen zorgvuldig, woord voor woord, las. Wat vertellen deze overlijdensberichten mij?

Nostalgie

Wat mij onmiddellijk blij stemde, is de verfijning die doorklinkt in de artikelen, overduidelijk geschreven door mensen die in staat zijn tot het duiden van perioden en van de rol die individuele personen daarin kunnen spelen. Met gepaste afstand en toch voldoende inlevingsvermogen brengen ze de personen van Gründ en Dani nabij, in hun leefwereld. Ik zie ze voor me, de een sprekend op een internationale boekenbeurs, de ander in het spookachtige licht van een Parijse nachttent of variététheater, praatzingend in het holst van de nacht op een klein toneel. Ze vertellen een verhaal.

Gründ werd een vermogend uitgever dankzij het succes van Où est Charlie? (Where’s Wally, de jeugdboekenserie van de Brit Martin Handford). Wie kent Wally niet? Nog dagelijks zoeken miljoenen mensen op de wc tussen honderden figuranten naar deze held met zijn studentenbrilletje in zijn gestreepte pakje. In de internationale uitgeverswereld had Gründ echter vooral betekenis, las ik, vanwege zijn strijd voor het boek en het lezen. Zonder dat ik het wist, was hij al die jaren een bondgenoot.

Steeds weer, in al zijn uitgeverspolitieke rollen, onderstreepte hij het belang van culturele uitwisseling, juist ook met landen waar de vrijheid van meningsuiting onder druk staat. Gründ was een strijder voor de vaste boekenprijs, hij zag die als een belangrijk instrument om de cultuur te redden van de vervlakking en commercialisering, de geestelijke verpaupering die maatschappelijk en politiek als een gruwelijke doos van Pandora is.

Dani was een van die nachtvlinders die leefde onder één naam, ook nog een verkleinwoord. ‘Dani’, twee lettergrepen waren voor Danièle Graule voldoende om zich als mannequin, zangeres, en actrice – ze werkte zelfs met François Truffaut – in Parijs te vestigen en een van de koninginnen van de nacht te worden. De nacht in alle betekenissen.

Toen ik naar verschillende versies van haar liedjes luisterde, hoorde ik de geluiden van een ander tijdperk, Parijs in de jaren zeventig, ik hoorde de eindeloos lijkende nacht met al haar bekoringen, openbaringen en gevaren. In haar stem, hees van een barstensvol leven, hoorde ik ook vormen van berusting en wijsheid: ‘Je sens des boums et des bangs/ Agiter mon coeur blessé/ L’amour comme un boomerang/ Me revient des jours passés’.

Van de high van die vroege jaren tuimelde Dani in de jaren tachtig in de hel van de heroïneverslaving, dat was de andere kant van de nacht. Daarna wordt het moeilijk dag. Ze was lange tijd persona non grata bij de grote platenmerken, maar kreeg wel de status van cultfiguur in de Parijse rock-’n-rollscene. Ze werd iemand die het allemaal gezien had en gaf dat ook door in haar late werk, toen ze weer platen kon opnemen.

Wat trof me zo in deze beide berichten? Was het nostalgie? Was het een romantische hang naar een nog enigszins overzichtelijke wereld vol goede bedoelingen, oprechte pogingen, een wereld die eigenhandig te maken lijkt, of te breken?

Ideologie van de supermarkten

Toen Roland Barthes de essays van zijn boek Mythologies bijeenbracht (1957), stelde hij zich ten doel de burgerlijke ‘Norm’ aan te pakken, de heersende ideologie te ontmaskeren: die was in zijn analyse kapitalistisch, onvrij, in het algemeen nationalistisch en gebaseerd op drogredenen en mythen. Die ideologie van de supermarkten en de kleinburgers beschreef Barthes als anti-intellectueel, anti-academie, anti-anders-zijn: met het telraam in de hand en het zogenaamde gezond verstand als valse waakhond. Dat alles was de Norm.

Wat is de kleinburger volgens Barthes? ‘De mens die niet in staat is zich de Ander voor te stellen’; ‘de ander is een schandaal, een aanslag op de essentie’. Wordt die Norm niet gehandhaafd, dan is er volgens de kleinburger sprake van een zieke cultuur, verscheidenheid is daarvan een van de kiemen. Men voelt zich immers thuis in een homogene wereld.

Henk Pröpper. Beeld Stephan Vanfleteren
Henk Pröpper.Beeld Stephan Vanfleteren

Barthes analyseerde talrijke maatschappelijke verschijnselen (in de sport, de reclame, de kerk, de politiek, de beeldvorming) en liet zien hoe het systeem werkt, hoe mensen worden beïnvloed en bepaald, en elkaar in de regel napraten, de werkelijkheid vervormen om die te kunnen beheersen, aan te kunnen. Hoe we het voor onszelf aangenaam en gezellig maken. Dit was ver voor de sociale media – zijn wijze van beschouwen zou echter ook in onze tijd bijzonder nuttig zijn.

Uitgangspunt voor zijn analyses waren dingen die hij op televisie zag (de weergave van de Tour de France of catch-wedstrijden, reclames over wijn, margarine, wasmiddelen), of las in kranten en bladen (faits divers, bijvoorbeeld waarom de Fransman zweert bij zijn biefstuk met frieten). Kleine aanleidingen die in zich toch ruim materiaal tot analyse bieden en ons iets vertellen over het verhaal dat erachter schuilgaat: de vooroordelen, de aannamen die veel van ons gedrag bepalen, de werking van het pompeuze eigen gelijk, hoe wij bedrogen worden en onszelf bedriegen, en eindeloos voortgaan op eenmaal ingeslagen wegen, ook als die naar de afgrond leiden. En soms hoe in een verschijnsel of gebeurtenis zich juist de waarheid openbaart, iets dat als het ware ontsnapt als een noodkreet, iets dat gezegd moest worden.

Massatoerisme

Ik lees de necrologieën voor Gründ en Dani als noodkreten, in de traditie van Roland Barthes, zowel ideologisch als in de vorm. Het zijn verhalen die weliswaar gaan over twee gestorven mensen en een verdwenen tijdperk, maar minstens zozeer gaan ze over onze eigen tijd, over wat daar kapot is gegaan en wat ontbreekt. Alsof het onderzoek van Thomas Piketty en de literatuur van Michel Houellebecq op de achtergrond meeklinken; beiden bekommeren zich bijzonder uitgesproken over de richting die de wereld in gaat. Piketty beschrijft in studies die het internationale debat bepalen de groeiende ongelijkheid in de wereld. Hij beschouwt die als ondermijnend voor de democratie en voor de veranderingen die nodig zijn om de natuur en de menselijke samenleving te redden.

Houellebecq fulmineert al jaren tegen massatoerisme, de liederlijke vercommercialisering van alles, en onlangs, in schitterende pagina’s van zijn roman Anéantir (2022), tegen de wijze waarop bejaarden in Franse verpleeghuizen worden behandeld. Vlak na zijn bijna profetische inkijk verscheen het ontluisterende boek van Victor Castanet, Les fossoyeurs (‘De doodgravers’) geheten, waarin het systeem wordt blootgelegd waarin ‘onze ouderen’ worden uitgebuit en mishandeld in huizen van het Franse privébedrijf Orpéa (en elders). Alles gericht op winstmaximalisatie, door (politieke) lobby mogelijk gemaakt, waarbij publiek geld betrokken is en acrobatie van boekhouders en toezichthouders de norm is.

Het verhaal over Gründ, die zijn bibliotheek en zijn tuin koesterde, voert ons terug naar de basis, zorg voor de mensen en de dingen, aandachtig en liefdevol. In groter verband gaat het over een oud Europees geloof in de (culturele) diplomatie en het idee de wereld te kunnen verbeteren op basis van goede wil, uitwisseling en argumenten. Het toont het specifiek Franse geloof in de uitzonderlijke kracht van cultuur, reden waarom die wordt beschermd tegen de Angelsaksische overheersing die al decennia als een gevaar wordt gezien. Cultuur is meer dan handelswaar, ze is een verbindend element, een instrument om ongelijkheid te bestrijden, niet om die te verdoezelen of te versterken.

Het verhaal van Dani vertelt het verhaal van Parijs, de stad die in die jaren zeventig tegelijk met de hippiecultuur de wereld revolutioneerde: mensen de ruimte gaf te zijn wie ze zijn. In een wereld waarin haat de maat dreigt te worden, celebreert dit levensverhaal de vrijheid en de liefde, ook al zijn aan beide gevaren verbonden, zoals het leven van Dani laat zien. Het verhaal gaat ook over samen dingen maken, over vakmanschap, kleinschaligheid, het hoge geloof in de menselijke stem en de werking van kunst, van een verhaal, van een liedje op een onbewaakt ogenblik, als een mens voor even zijn leven overziet.

Roerige zomer

Deze beide stukken staan in de krant tijdens een van de roerigste zomers in jaren. Frankrijk brandt. Bossen branden in de Gironde en in het Rhône-dal. De zojuist onder Macron geïnstalleerde regering trekt vuur van (extreem-)links en (extreem-)rechts. Net als in Angelsaksische landen, normaal zeker geen voorbeeld, wordt tot in het parlement zelfs de legitimiteit van de regering betwist en tracht de oppositie de regering te censureren. Alles gebeurt op hoge toon, met oorlogstaal.

Naar Angelsaksisch voorbeeld staan de kranten al maandenlang vol met schandalen. Vette koppen, vette woordspelingen, vette fantasie, vette werkelijkheid. Seksueel grensoverschrijdend gedrag van ministers, homofobe uitspraken van een andere minister, de lobby van Uber tot op het allerhoogste niveau, de georganiseerde uitbuiting van bejaarden in verpleeghuizen, nu weer urgent gedurende de hittegolf. In Parijse cafés waar klanten koelte zoeken staan televisies aan, beelden van vakantieparken waar mensen badderen in zeeën van plastic worden afgewisseld met beelden van brandende bossen. De inflatie en de benzineprijzen versterken het gevoel van ongelijkheid, en dan moet de strijd over de pensioenhervorming nog beginnen.

Wat als beeld naar voren komt, is een wereld die op allerlei manieren onder druk staat. Een normale reflex is dan om zich terug te trekken in zichzelf en zondebokken aan te wijzen, vijandbeelden te versterken. Dit gebeurt aan beide extreme zijden van het politieke spectrum, inspelend op angsten die toch al bestaan, wantrouwen dat al jaren voeding heeft gekregen. Anders dan in Nederland bestaat er in Frankrijk een natuurlijk wantrouwen tegen de globalisering en vooral de amerikanisering van de wereld. De amerikanisering wordt vooral ter linkerzijde geassocieerd met commercie, schaalvergroting, kwantiteit voor kwaliteit, de invloed van het bedrijfsleven op het politieke bestel, lobby en manipulatie, gebrek aan zorg voor de aarde, de grond.

Franse biefstuk

Dit klinkt ook door in het discours van Roland Barthes als hij met zelfspot de Franse biefstuk verkiest boven de Amerikaanse steak – laat die niet hier doordringen, schrijft hij in 1957. Die steak staat voor heel veel slechts, terwijl de Franse biefstuk staat voor de aarde, de liefde voor de klei, zoals Marcel Proust al schreef. McDonald’s begon in 1955 en werd een wereldwijd imperium, tot grote ergernis van de Fransen, maar inmiddels is er een op elke boulevard.

Een tweede reflex, en die zie je vooral in extreemrechtse hoek, is om de erfenis van Dani en de jaren zeventig te reduceren tot een schadelijke, als een verschijnsel van een zieke cultuur: immers open, divers, onaangepast, vrij. Niet homogeen genoeg. De Norm is wereldwijd aan een opmars bezig, met Amerikaanse Republikeinen als aanjagers. Kleinburgerlijk, nationalistisch, katholiek, preuts Frankrijk voelt zich daardoor gesterkt, alsof dat de kern is van de Franse cultuur en juist die zou moeten worden behouden in de strijd om de wereldorde.

Gründ en Dani zijn voor mij bij uitstek exponenten van de Europese cultuur, vol geschiedenis en toch nieuwsgierig en vrij, zelfbewust. Ik lees hun necrologieën als noodkreten, maar eigenlijk vormen hun levensverhalen een soort reddingsboeien. Ze bevatten sleutels tot verandering, verbetering, het optimisme van de goede wil.

Roland Barthes, ‘Mythologies’, Vintage, 208 p., 9,99 euro.  Beeld Vintage
Roland Barthes, ‘Mythologies’, Vintage, 208 p., 9,99 euro.Beeld Vintage
Michel Houellebecq, ‘Anéantir’, Flammarion, 736 p., 34,99 euro. Beeld Flammarion
Michel Houellebecq, ‘Anéantir’, Flammarion, 736 p., 34,99 euro.Beeld Flammarion
Victor Castanet, ‘Les fossoyeurs’, Fayard, 400 p., 22,90 euro. Beeld rv
Victor Castanet, ‘Les fossoyeurs’, Fayard, 400 p., 22,90 euro.Beeld rv

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234