Vrijdag 03/02/2023

MeningenJonathan Hendrickx

‘Waarom de burger centraal moet staan in mediabeleid en -subsidies’

null Beeld BELGA
Beeld BELGA

Jonathan Hendrickx is postdoctoraal onderzoeker aan de Vrije Universiteit Brussel en auteur van Media en journalistiek in Vlaanderen.

Redactie

In hun huidige vorm schieten de subsidies voor de bedeling van dag- en weekbladen hun doel rakelings voorbij. Nochtans is er helemaal niets mis met overheidsfinanciering voor nieuwsmedia. Tenminste, als ze de burger vooropstellen – wat in ons land momenteel onvoldoende gebeurt.

Het blijft merkwaardig dat een beursgenoteerd overheidsbedrijf als bpost jarenlang steeds meer belastinggeld ontving om, volgens de oplagecijfers van het CIM, steeds minder kranten en weekbladen te bussen. Maar de concessieofferte om het exclusieve contract voor de bezorging binnen te halen was duidelijk op maat van het postbedrijf geschreven, hoewel na tussenkomsten van de Europese Commissie ook andere spelers kans moesten kunnen maken. Nadat de huidige federale regering al besloot om vanaf 2024 te knippen in het subsidiebedrag, komt de aard en functie ervan door de interne audit bij bpost nu weer meer dan ooit onder druk te staan.

Het is des te meer jammer dat zowel voor- als tegenstanders van de subsidies in het politieke en het mediadebat de belangrijkste speler systematisch uit het oog verliezen: de burger. (In)directe overheidssubsidies voor mediaspelers moeten garanderen dat burgers relatief goedkoop en eenvoudig toegang krijgen tot een divers en kwaliteitsvol nieuwsaanbod. Volgens het democratische principe van de onafhankelijke pers als vierde macht moet dat aanbod de burger in staat stellen voldoende geïnformeerd te worden om zo deel te nemen aan het maatschappelijk debat en vrije verkiezingen. Bij hun invoering, decennialang geleden, waren dergelijke subsidies geoorloofd. Kranten waren toen nog de voornaamste nieuwsbron en zagen hun abonnee-aantallen teruglopen door onvoldoende performante postbedeling. Maar vandaag zijn de grote Vlaamse kranten onderdeel van steeds internationalere mediaconcerns die jaren honderden miljoenen euro’s nettowinst maken en vormen papieren media voor amper een op de acht Vlamingen de voornaamste bron van nieuws in tijden van digitalisering en nieuwsconsumptie via nieuwswebsites, -apps en sociale media. Die evoluties in het medialandschap maken de concessie voor de bedeling van dag- en weekbladen inmiddels compleet achterhaald.

Hoofdcommentator van deze krant Bart Eeckhout stelde dat de perssubsidies uitgroeiden tot “een blok aan het been” van nieuwsredacties en “een wapen om de onafhankelijkheid van redacties te betwisten”. Nochtans hoeft dat helemaal niet het geval te zijn, ook in tijden van versnipperde en gedigitaliseerde nieuwsconsumptie. Scandinavische landen nemen het voortouw in het toekennen van gerichte overheidssteun aan nieuwsmedia, vooral zij die zich richten op commercieel oninteressante nichesegmenten zoals berichtgeving in lokale minderheidstalen en/of in dunbevolkte gebieden. Vorig jaar nog trok de Deense regering ruim 50 miljoen euro uit voor het ondersteunen van nieuwsredacties, maar die moesten dan ook aan een rist kwaliteitsvoorwaarden voldoen om er aanspraak op te kunnen maken.

Natuurlijk brengt ook die aanpak zorgen met zich mee. In haar boek uit 2019 stelt de Noorse mediaprofessor Helle Sjøvaag dat journalistiek steeds balanceert tussen te dicht staan bij de staat, waarbij nieuwsmedia die te sterk aan het overheidsinfuus hangen zich daar ook naar schikken in hun berichtgeving, en bij de markt, waardoor ze enkel nieuws maken voor de grootste gemene deler en de focus dreigen te verliezen op het nieuws dat de burger nodig heeft om deel te nemen aan de democratische samenleving. Sjøvaag schrijft daarom over het “arm’s length principle”: Scandinavisch mediabeleid is gestoeld op interventies van overheden in zowel publieke als private media, maar wel steeds met voldoende afstand tot de werking van onafhankelijke nieuwsredacties. Of het een causaal verband is of niet, Noorwegen, Zweden en Denemarken vormden dit jaar de top drie van de World Press Freedom Index, die persvrijheid mat in 180 landen. Ter vergelijking: België stond 23e, 12 plaatsen lager dan vorig jaar.

Dat de federale regering jaarlijks miljoenen blijft pompen in de bedeling van printmedia is onverdedigbaar. Maar dat geldt bijvoorbeeld ook voor de ‘digitale transformatiesteun’ vanuit de Vlaamse overheid voor bedrijven als Mediahuis en DPG Media. In tijden waarin steeds meer burgers er bewust voor kiezen om af te haken van het nieuws, is het des te belangrijker om hun belangen voorop te plaatsen in mediabeleid en -subsidies op alle politieke niveaus. Commerciële nieuwsmedia kunnen dus gerust aanspraak maken op overheidssteun, als ze VRT-gewijs een beheersovereenkomst krijgen met voorwaarden en regels over hoe het belastinggeld aangewend dient te worden voor de burger. Tot slot verdient ook het meer en systematisch ondersteunen van kleinere, digitale nieuwsinitiatieven die zich richten op kwalitatieve berichtgeving meer aandacht in beleidsdiscussies, om zo weer de focus te leggen op de pluriformiteit van en de vlotte toegang tot het nieuwsaanbod van de steeds meer digitale burger.

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234