Dinsdag 24/11/2020

Column

Waar kunnen slacht­offers van kinder­mishandeling heen in hun ontreddering?

Beeld DM

Hilde Van Mieghem heeft het druk, maar neemt de tijd voor een gloedvolle blik achter de schermen van haar leven.

Als ik de brievenbus open, springen de fuchsia woorden op een envelop me meteen om de hals. Het handschrift is van mijn dochter. Die kleur zou ze nooit uitkiezen en ‘Moemie Van Mie-

ghem’ zou ze al helemaal niet op een brief­omslag schrijven. Deze brief komt van Gloria, mijn kleindochter, zoveel is zeker! Zij dicteerde haar moeder.

Binnenin nog meer vlammend fuchsia. Golvende lijnen, strepen en iets dat op een gebouw lijkt. Achterop staat geschreven: “De zee en het strand en het huis van moemie! Alles gaat goed met mij. Wij hebben samen koekjes gebakken. Alles is in orde en ik heb wind­pokken. Ik hou van jou moemie.”

“Ik ook van jou”, fluister ik terwijl ik nog in de gang sta. Ik open de voordeur om mijn ongeduldige hondje Mr. Wilson uit te laten en stop de brief in mijn jaszak.

De eerste brief van mijn kleindochter. Ik betast hem zacht met mijn vingertoppen als streelde ik haar bloedmooie gezichtje en in gedachten kus ik haar stralende ogen.

Op dat ogenblik geeft een moeder, iets verder in de straat, haar kind een knal­harde draai rond de oren. Verschrikt blijf ik staan. Het kind krijst de buurt bij elkaar en de moeder geeft het weer een welgemikte tik, tegen het achterhoofd. Het kind struikelt en valt op de grond. De moeder grijpt het bij de kraag en sleurt het recht. Schudt het door elkaar. Het is niet veel ouder dan de kleine Gloria.

Ik loop eropaf en vraag rustig of ik ergens mee kan helpen. De moeder kijkt me woedend aan. “Gek word je er soms van hè?” zeg ik, nog steeds zacht en vriendelijk. Ik zie dat ze ontwapend is. Even. Het kind is gestopt met krijsen en kijkt me met grote, trieste ogen aan. Ik glimlach het toe. Eén mondhoekje gaat nauwelijks merkbaar de hoogte in.

“Madame!” zegt de moeder. Meer niet. Ze draait zich naar het nu stille kind en brult: “Is het gedaan, ja!” Ze grijpt het bij de arm en trekt het mee.

Terwijl ik hen nakijk schiet me een bericht uit de krant te binnen: ‘Geen avondklok voor slachtoffers van huiselijk geweld. Wie op de vlucht slaat voor huiselijk geweld maakt een essentiële verplaatsing.’

Hoe pijnlijk is het dat je een virus nodig hebt om die problematiek zichtbaar te maken. Ja, de cijfers zijn gestegen, maar ze waren al fenomenaal hoog voor we gegijzeld werden door dat klote­virus. Vijfentwintig procent van gewelddadige misdrijven tegen personen is ten gevolge van intra­familiaal geweld. Laat dat even binnensijpelen. Eén op de vier! Dat was voor Covid-19 het licht zag. We weten dat de cijfers van partner­geweld en kindermishandeling sindsdien de lucht in schieten.

Mijn hart staat stil als ik denk aan de ontredderde toestand waarin vrouwen of mannen de straat op vluchten. Eén op de zeven mannen is slachtoffer. Eén op de vijf vrouwen. Over de kinderen zijn de cijfers minder duidelijk. Waar kunnen zij heen in hun ontreddering? Niet in staat om zich te verplaatsen? Hoe essentieel ook!

Net voor moeder en kind om de hoek verdwijnen, zie ik dat ze haar kind weer een draai om de oren geeft. Ik hoor het sukkeltje hartverscheurend huilen!

Machteloos knijp ik mijn handen tot vuisten en verkreukel daarbij ongewild Glorissima’s mooie brief.   

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234