Maandag 23/09/2019

Opinie Jonathan Holslag

Vlaanderen is te zeer een speelbal van de globalisering

Jonathan Holslag. Beeld Bas Bogaerts

Jonathan Holslag is professor internationale politiek aan de Vrije Universiteit Brussel (VUB).

“De wereld verandert”, stelt de startnota voor de vorming van de Vlaamse regering en dat is minstens een passage waar niemand het oneens mee kan zijn. De wereld verandert helaas niet in positieve zin en dat is bijzonder slecht nieuws voor een open regio als Vlaanderen. 

Nu kan je voor of tegen een Vlaams buitenlands beleid zijn, maar de realiteit is dat Vlaanderen belangrijke hefbomen in handen heeft en dat de weinige stemmen voor de herfederalisering van die bevoegdheden inmiddels weer verstomd zijn. De vraag rijst dus vooral hoe we die hefbomen het best gebruiken en onze regio weerbaar kunnen maken in een wereld die een tijd turbulent zal blijven.

Een degelijk Vlaams buitenlands beleid begint bij een gedegen rapportage van de prestaties. Vanzelfsprekend willen verantwoordelijke politici en departementen hun beste beentje voorzetten, maar dit mag niet leiden tot zelfgenoegzaamheid. Elk jaar opnieuw pakt Vlaanderen uit met recordcijfers voor wat het buitenlands economisch beleid betreft. De realiteit is evenwel vaak complexer. Neem de Vlaamse uitvoer. Die stijgt inderdaad, maar ook de invoer neemt toe. De cijfers van de Nationale Bank rapporteren voor Vlaanderen een handelstekort van rond 11 miljard. De uitvoer is ook steeds meer geconcentreerd in de chemische en farmaceutische sector. Idem voor buitenlandse investeringen. Met veel tromgeroffel worden grote buitenlandse investeringen aangekondigd, maar wat blijft er netto over? Hoeveel investeringen verdwijnen er? Hoeveel inkomsten uit die investeringen worden opnieuw naar het buitenland versluisd? Vlamingen hebben recht op een evenwichtige verslaggeving, al was het maar om dat die hen de ernst van de uitdagingen helpt begrijpen.

Speelbal van de globalisering

Mijn lezing van de cijfers, voor zover ze beschikbaar zijn, is dat Vlaanderen te zeer een speelbal is van de globalisering. Globalisering is goed als je er vat op hebt. Er is niets tegen buitenlandse bedrijven die hier geld komen verdienen, maar als je geen Vlaamse bedrijven het die in het buitenland winst ophalen uit investeringen, dan riskeer je een financiële aderlating die weleens groter kan zijn dan de transfers naar Wallonië en ook heel erg naar de pijpen van die grote investeerders te moeten dansen. Daarom lijkt het mij cruciaal dat de volgende Vlaamse regering echt werk maakt van een beleid om investeringen in pakweg energie en andere infrastructuur meer op eigen kracht te realiseren en ervoor te zorgen dat Vlaamse bedrijven beter kunnen doorgroeien. Vlaanderen heeft nood aan forsere investeringsvehikels en een actiever beleid om spaargeld te activeren voor wat onze economie sterk maakt.

Diversificatie van de uitvoer is essentieel. Vorig jaar vertegenwoordigde, volgens de cijfers van de Nationale Bank, de chemie en de farma, 41 procent van de Vlaamse uitvoer. Door een sterker clusterbeleid zou je andere sectoren meer kunnen ondersteunen, hoogwaardige voeding, bijvoorbeeld, maar ook hightech. We doen het niet slecht, in die niches, maar het kan beter. Omgekeerd zouden we ook wat behoedzamer met onze interne markt mogen omgaan. Vlaanderen is te veel een wingewest geworden van winkelketens uit buurlanden en die brengen ook een aanzienlijk deel van hun producten uit andere landen mee. Overheden in buurlanden moedigen dat ook aan, die koppeling tussen productie, logistiek en detailhandel. Bij ons ligt zulk horizontaal beleid nog wat moeilijk.

Toekomstig minister-president Jan Jambon aan de onderhande­lings­tafel. ‘De leeuw moet klauwen, klinkt het, maar krijgt hij ook wat pakken?’, vraagt Holslag zich af. Beeld BELGA

Energiebeleid wordt bepalend voor de veerkracht van Vlaanderen. Er is niet alleen een ecologische noodzaak om het energiebeleid grondig bij te sturen, maar ook een economische. Dus als de klimaatbetogingen niet overtuigend zijn, laat de financiële cijfers dan spreken. Vlaanderen betaalt zich blauw aan ingevoerde fossiele brandstoffen, elektriciteit en de winsten die buitenlandse bedrijven hier ophalen uit de elektriciteitsproductie. Om nog maar te zwijgen over de onrechtstreekse geopolitieke gevolgen van het rijk maken van de Golfstaten en de Russen. Opnieuw zal Vlaanderen de komende periode moeten aantonen dat het de koppeling kan maken tussen energie, investeringen, milieu, ruimtelijke ordening en mobiliteit. Geen buitenlands beleid zonder doortastend binnenlands beleid.

Algemeen belang

In dat opzicht wordt het ook belangrijk standpunt in te nemen ten aanzien van de discussie over de internationale handel. In de startnota wordt opgeroepen een vuist te ballen tegen landen die zich bezondigen tegen dumping. Wat betekent dat voor China en de havens? Toch maar containers blijven aantrekken of een eigen industriebeleid voeren? Wat doen we met een CO2-taks aan de Europese buitengrens? Moeten er meer sociale eisen in de handelsverdragen? De startnota toont zich in dat opzicht dapper, maar zal de komende regering ook de moed hebben om die standpunten door te drukken op Europees niveau? De tekst stuurt aan op een 5G-netwerk, maar wat met het Chinese Huawei? Buitenlandse investeringen aantrekken, maar hoe dan verklaren dat Vlaanderen in tegenstelling tot de meeste Noordwest-Europese landen nog steeds geen echt beleid heeft om investeringen te screenen en te sturen?

De voorwaarde is de ontwikkeling van een strategische cultuur: leren nadenken in functie van langetermijnbelangen, het algemeen belang, eerder dan partijtribalisme. In andere landen loopt dat misschien ook niet steeds even vlot. Maar in de Noordwest-Europese landen, waar we ons aan spiegelen, heb je onder het partijpolitieke tumult sterke overheidsdepartementen, die minder gepolitiseerd zijn en beter bemand. In Vlaanderen, dat is althans mijn indruk, typeert het beleid zich door steekvlampolitiek enerzijds en verlammend micromanagement anderzijds. In kleine regio’s is samenwerking een must, maar rond het Martelarenplein blijken de schotten tussen de departementen hoog. We willen internationaal meespelen zonder te investeren in capaciteit. Het Vlaams Departement voor Internationale Zaken is verhouding tot de ronkende verklaringen onderbemand en beschikt over onvoldoende capaciteit om gevoelige economische informatie te vergaren in andere landen. Idem voor Flanders Investment and Trade: goede mensen, maar vaak onduidelijke politieke instructies en te weinig middelen.

Beeld Illias Teirlinck

Dit worden bepalende jaren voor de geloofwaardigheid van Vlaanderen als internationale speler. Aangezien het een flink pak verantwoordelijkheden heeft, is het in ons belang dat het daarin slaagt. Met nationalisme win je misschien de verkiezingen, maar realisme en nuchterheid zijn onmisbaar om je staande te houden in de wereld. De leeuw moet klauwen, klinkt het, maar krijgt hij ook wat pakken? We zullen op zoek moeten naar nieuwe evenwichten in economische partnerschappen. We zullen onze regio minder kwetsbaar moeten maken en meer op eigen kracht laten groeien.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234