Maandag 09/12/2019
Carl Devos. Beeld Bob Van Mol

Column

Verwonderlijk hoe de fixatie op N-VA sommigen in een val doet trappen die van mijlenver te zien is

De politieke actualiteit volgens UGent-politicoloog en De Morgen-columnist Carl Devos.

Socialisten en christendemocraten hebben elk hun politieke feestdag. Het verschil tussen beide is dat 1 mei moet worden gedeeld met de PVDA, groenen, het VB en de liberalen. De socialistische hoogdag is zo ver heen dat premier Michel net dan uitroept: "Wij zijn de regering van de werkmensen." Rerum Novarum moet de christelijke arbeidersbeweging niet delen. Hoewel. Ook zij botsen tegen dezelfde olifant in de kamer. Dan hebben we het niet over Arco: Beweging.net miste alweer de historische kans om schuldbewust te verklaren dat het honderden miljoenen in de terugbetaling van zijn coöperanten zou investeren, om dan achteraf eventueel een en ander met de regering te proberen regelen. In plaats daarvan klonk het sullig dat het wacht op het initiatief van de premier.

Wat beide politieke hoogdagen delen, is hun obsessie voor heer Voldemort. Het bracht Theo Francken tot volgende tweet: "Dag van de Arbeid: linkse politici spreken hun aanhangers toe om af te geven op de grootste partij van Vlaanderen. Rerum Novarum: idem. Wat een bloedarmoede. Zo spijtig als je geen eigen verhaal hebt." 

Zoals vaker is Francken trefzeker. Zijn analyses zijn zelden zonder waarheid. Noch testosteron. Hij overdrijft. Niet zozeer in de suggestie dat er niet op N-VA mag worden 'afgegeven' omdat ze de grootste is. Wel omdat zijn conclusie – bloedarmoede, geen eigen verhaal – te hard is. Al slaagt sp.a er beter dan CD&V in om dat verhaal scherp te schrijven, beide hebben inderdaad moeite om het te verkopen.

Politieke vijandbeelden

De verwijzingen naar Hij-Die-Niet-Mag-Worden-Genoemd helpen hen niet. Nochtans is het optrekken van politieke vijandbeelden een electoraal lucratieve strategie, leert N-VA. Als je er maar zelf een duidelijk eigen verhaal tegenover kunt zetten. Het is evenwel niet zeker of al die onuitgesproken verwijzingen naar N-VA door de concurrentie niet eerder te verklaren zijn door basale frustratie.

De Wetstraat voelt immers nog altijd de naschokken van een electorale aardbeving: de hallucinante groei van N-VA. Opgericht in oktober 2001 bleef ze bij haar eerste verkiezingsdeelname (2003) onder de landelijke kiesdrempel, scoorde ze in 2004 en 2007 uitstekend met het kartel, haalde ze na de kartelbreuk in 2009 13,1 procent. En toen gebeurde het: in 2010, een jaar later, ging N-VA los over de 28 procent, in 2014 groeide de partij naar 32 procent. Tussen 2003 (één zetel) en 2010 (grootste partij) zit een indrukwekkende winst van 23 procentpunt, tussen 2009 en 2014 een winst van 19 procentpunt. 

Na de verkiezingen van 2010 hervormde de regering-Di Rupo de staat en beschermde ze ons tegen de vernietigende internationale economische crisis. Velen dachten dat dit regeringsbeleid oppositiepartij N-VA zou verzwakken, maar de partij werd zoals bekend nog groter. Velen dachten dat regeringsdeelname in Michel I N-VA zou verzwakken, peilingen wijzen geenszins in die richting. Integendeel. Het is CD&V die gehavend uit deze regering lijkt te komen. Er zijn er die daar zot van worden, er zijn er die daar hoogmoedig van worden.

N-VA en de evolutieleer

De steile opgang van N-VA ging gepaard met een stevige metamorfose van de partij. De evolutieleer wijst uit dat wie zich het best aanpast, het best overleeft. Dat deed N-VA met verve. De voormalige aanbodpartij heeft een indrukwekkend krediet opgebouwd, omdat ze als geen ander, met de wendbaarheid van een jonge partij, nieuwe slagaders kan aanboren. En oude kan afsluiten.

De manier waarop ze, beroep doend op de joods-christelijke tradities, erin slaagt om CD&V, verdediger van een publieke plek voor alle levensbeschouwingen, in de nieuwe godsdienstoorlog in de hoek kan duwen, is daar een treffend voorbeeld van. N-VA verwijt CD&V dat ze de islam te weinig in onze identiteit dwingt. Geen Hendrik Bogaert krijgt dat gekeerd.

Die vervelling maakt het voor tegenstrevers dubbel lastig om N-VA te counteren. En ze blijven N-VA als referentiekader zien. Het verwondert nog steeds hoezeer die fixatie sommigen in een val doet trappen die van mijlenver te zien is. Toen Bart De Wever in Terzake zijn dash-uitspraak deed – er zit door de lokale verkiezingen geen fut meer in Michel I – stapten sommigen doodleuk in de klem. Michel I sukkelt al sinds haar ontstaan met een gebrek aan eensgezindheid, maar als De Wever dat opmerkt, springen ze in het rond.

Dashloze regering

Ze willen best nog hoor, al die coalitiepartners. Prima, hoorde je N-VA denken, dan leggen we straks onze besparingen in de sociale zekerheid op tafel. Waarna die – onder meer op Rerum Novarum – werden afgeblokt en De Wever een 'si on me laisse faire'-ke kan doen: mochten die anderen nu eens meewillen, dan zouden we geen 80, maar 100 procent van het begrotingstraject afleggen. Dat traject blijft een illusionistisch schouwspel: geen onderhandeling zou de miljardenbesparing mogelijk maken die N-VA ook zelf niet durft uit te spreken, maar het beeld is gezet: het is de schuld van de anderen.

De dash-quote van De Wever kwam er na kritiek op de gemiste begrotingsdoelstellingen en nadat N-VA zich helemaal verkeek op de zaak-Frère. Zonder veel moeite fietste hij rond die put, terwijl hij netjes in een dashloze regering blijft zitten.

O ja: op de zonnige zaterdagmarkt deelde de lokale N-VA-afdeling achthonderd gele rozen uit aan de moeders. De markt kleurde geel. N-VA stond er als enige. En ze staan er elk jaar op moederdag. Die goesting, dat aanvoelen, mag ook een flink stuk van het succes verklaren.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234