Vrijdag 24/05/2019

Opinie

Verdienen specialisten echt te veel?

Reinier Hueting. Beeld rv

Reinier Hueting is huisarts en voorzitter van het Algemeen Syndicaat van Geneeskundigen van België (ASGB).

Verdienen specialisten echt te veel? Komt het daardoor dat de gezondheidszorg onbetaalbaar dreigt te worden? Dat zijn mogelijk de eerste vragen die je hebt als je de ruwe cijfers over specialisteninkomens leest.

Maar zoals meestal is het verhaal veel genuanceerder. Zeker, er zijn specialisten die zeer veel verdienen. Maar het zijn vooral de verschillen in inkomen die nog meer opvallen.

De specialisten, die weinig apparatuur gebruiken en vooral ‘intellectuele akten’ verrichten (bijvoorbeeld geriaters, psychiaters, oncologen) verdienen een stuk minder dan de technische specialisten, die veel onderzoeken doen met ingewikkelde apparatuur (bijvoorbeeld radiologen, biologen). Sommigen zeggen dat de technische specialisten zelfs tot zeven keer meer verdienen. Cijfers van De Morgen spreken van 3 tot 5 keer meer. Er is dus een overwaardering van technische prestaties en dat is één van de oorzaken van het ontstaan van ‘knelpuntspecialiteiten’, die niet populair zijn en waarvoor men te weinig kandidaten vindt.

Afdrachten

Je komt er niet of nauwelijks achter hoeveel een specialist nu echt verdient. Een belangrijk deel van zijn of haar bruto-inkomen wordt immers aan het ziekenhuis afgestaan, gemiddeld 40 procent, maar soms oplopend tot 80 procent.

Bij de afdrachten onderscheiden we de directe kosten, waarvan het normaal is dat ze verhaald worden op de erelonen van de specialist (gebruik van lokalen, materiaal, apparatuur, personeel), en de indirecte algemene kosten (aantal stafleden management, bedrijfswagens, consultancy), die door het management van het ziekenhuis worden bepaald, en dan nog bijkomende afdrachten, die bijvoorbeeld moeten dienen voor nieuwe projecten (gebouwen, dure medische apparatuur, ..), maar die ook steeds meer noodzakelijk worden voor de instandhouding van het ziekenhuis.

Ziekenhuisfinanciering

Want daar belanden we bij het volgende grote probleem: de ziekenhuisfinanciering. De ziekenhuizen krijgen voor hun werking systematisch te weinig geld van de overheid (360 miljoen euro). Om het ziekenhuis te behoeden voor het faillissement moeten de ziekenhuisartsen het resterend deel bijpassen via de afdrachten. Ook voor de broodnodige informatisering geeft de overheid nauwelijks subsidie en zullen de artsen zelf de komende jaren moeten opdraaien. Uit de ziekenhuisstudie van Belfius blijkt dat het bedrag aan afdrachten door de artsen zelfs groter is dan de financiering door de overheid. Er bestaat geen enkele transparantie over deze afdrachten: het zijn individuele regelingen tussen ziekenhuizen en specialisten. Ze verschillen per ziekenhuis. De systematische onderfinanciering van het ziekenhuis leidt tot steeds hogere afdrachten, waardoor sommige specialisten supplementen gaan vragen aan de patiënten, die dit niet altijd kunnen betalen en er een geneeskunde met twee snelheden dreigt.

Conclusie: er bestaan veel te grote verschillen tussen technische en niet-technische prestaties en de ziekenhuisfinanciering verloopt in België deels via de honoraria van de specialisten met een totaal gebrek aan transparantie.

Herijken

We moeten dus herijken: de middelen tussen de artsen eerlijker verdelen. Herijking betekent niet dat iedereen evenveel moet verdienen. Het principe van loon naar werk moet behouden blijven. De duur van de opleiding, de fysieke en mentale belasting, de wachtbelasting moeten alle mee in rekening gebracht worden om een billijke verloning te berekenen. Het Algemeen Syndicaat van Geneeskundigen van België (ASGB) vroeg daarom aan professor Lieven Annemans (UGent) om samen een nieuw model voor de nomenclatuur uit te werken. We moeten een referentie-inkomen per specialiteit durven te definiëren, dat rekening houdt met bovenstaande verschillen tussen specialiteiten.

Bovendien moet er een transparante én kostendekkende ziekenhuisfinanciering tot stand komen door de vergoeding voor de arts zelf te scheiden van de vergoeding voor de geassocieerde kosten (lokalen, personeel, apparatuur…). Daarnaast moet een vergoeding geïntroduceerd worden voor taken inzake coördinatie en communicatie.

Pas dan zal duidelijk worden wat een arts écht verdient en wat nodig is om het ziekenhuis te laten draaien.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.