Zaterdag 26/09/2020

OpinieLeo De Bock

Uiteindelijk blijkt dus niemand, letterlijk niémand, verantwoordelijk te zijn voor de dood van Jozef Chovanec

Leo De BockBeeld rv

Leo De Bock is voormalig hoofdredacteur VRT en gewezen communicatiechef op CD&V-kabinetten van minister Jo Vandeurzen en Kris Peeters. 

1 september 2020 was een uitzonderlijk trieste dag voor de democratie en voor België.

Die dag hebben we vernomen dat in dit land een onschuldige, zieke, kwetsbare mens, als rechtstreeks en enige gevolg van geheel onnodig en sowieso buitenproportioneel politiegeweld om het leven kan komen zonder dat ook maar één gezagsdrager daarvoor verantwoordelijk is. Die dag hebben we uittentreuren vernomen dat uiteindelijk niemand, letterlijk niémand verantwoordelijk is voor de dood van Jozef Chovanec en de tragische manier waarop de man aan zijn einde is gekomen.

Een topper bij de politie met destijds onmiskenbare verantwoordelijkheid over wat gebeurde, komt niet verder dan: ze hadden mij dat moeten zeggen. She knew no-thing. Een andere politietopper grijpt de aangelegenheid om zichzelf op de borst te kloppen: hij heeft zijn werk goed gedaan. Wat zegt hij? Meer dan goed! Autopromotie op de kap van een lijk. Drie maanden later, toen zelf de allerhoogste onder de zijnen, ging hij er graag van uit dat iedereen zijn werk had gedaan. Het ontroert. En de minister, ach, hoe had hij het allemaal kunnen weten, de arme ziel.

Een pak priemende vragen blijft onbeantwoord. Ze worden door de partij van de minister gemakshalve afgedaan als politiek geïnspireerd: de afrekeningstheorie als bliksemafleider. Noem wat je niet uitkomt een afrekening en de twijfel rijst.

Het voor de hand liggende schaamlapje was het politierapport dat na de feiten tot stand kwam en dat een bijzonder omfloerste weergave behelsde van de feiten. Wat wil je dan? Nergens een knipperlicht. Eerlijk, wat wil je dan? Zeg het hem.

De media berichtten al vrij onomwonden over de dood van Jozef Chovanec... in 2018. De berichten waren aan de orde in de interne nieuwsbrief van de politie. De brief van de Slovaakse ambassadeur die duidelijke termen gebruikte en opheldering eiste, het was geen knipperlicht. De wanhoop en het onophoudelijke vragen van de echtgenote van Jozef Chovanec, het was geen knipperlicht. De wetenschap dat iemand na een incidentrijk politieoptreden overleed, het was geen knipperlicht. De vaststelling dat de chef van de uitvoerende agenten en dus verantwoordelijke voor het politieoptreden tegelijk de tuchtofficier was, het was geen knipperlicht. De vaststelling dat een onderzoeksrechter twee jaar lang een reconstructie weigert, het was geen knipperlicht.

Een gemakkelijk argument deed opgeld, die eerste september. Als je naar de feiten kijkt, met de kennis van nu... In Nederland heeft men dat nadrukkelijk gedaan ten aanzien van de gruwel van Dutchbat in Srebrenica. Feiten zijn feiten. Een man is na “een gespierd” optreden van de politie overleden, is een feit. Dat was het twee jaar geleden, dat is het nu nog. Feitelijkheid is statisch. Feitelijkheid evolueert niet. Verantwoordelijkheid evenmin.

Verbazingwekkend is ook dat één minister, geheel terecht, spitsroeden moet lopen, terwijl een andere, de minister van justitie, al die tijd geheel buiten beeld bleef. Ik zeg niet buiten schot bleef – ik wil niet vooruitlopen op de inschatting van zijn verantwoordelijkheid -, ik zeg: buiten beeld bleef. De pers besteedde nauwelijks of geen aandacht aan zijn rol. Nochtans waren en zijn daar plausibele redenen voor. De betrokken procureur beschikte naar verluidt over de beelden. Het is geenszins overdreven te verwachten dat hij dergelijke beelden zou signaleren aan de tuchtoverheid. Artikel 26 van de wet op het tuchtstatuut van de politie geeft hem daarvoor een vrijgeleide. Maar, dames en heren, zoals ik net schreef, was die tuchtoverheid ook partij in de versmachting van een onschuldige mens. Dus kan de procureur zeggen: hij zal het wel weten zeker, waarom zou ik het signaleren. Dubbelop. Ook hier niemand die geen knipperlicht zag.

Knipperlichten zijn oranje van kleur en ze gaan met een bepaalde snelle frequentie aan en uit. Daar is overeenstemming over. Er kan niet anders dan overeenstemming zijn over de felle knipperlichten in de zaak Chovanec. Van het College van Procureurs-Generaal mogen we verwachten dat ze verantwoordelijkheid afleggen en communiceren. Van de minister zouden we mogen verwachten dat hij zich achter niets of niemand verstopt en nagaat wat hij wel degelijk had kunnen doen zonder de scheiding der machten te schenden. Maar hij heeft het niet gedaan en hij houdt zich alsnog op de achtergrond. Hij zei dat het hem spijt niet alerter te zijn geweest. Dat is een fijne boodschap voor de nabestaanden van Jozef Chovanec. Spijt is relatief als die het leed van een murw gedrukte medemens moet zalven.

Geen knipperlichten, geen zwaailichten.

Ik heb ‘gediend’ onder een vorige minister van justitie. Wat hier gebeurd is, was toen on-denk-baar. Er is dus wat veranderd.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234