Zondag 21/07/2019

Opinie

Trump kan het niet helpen: hij moet de dingen zeggen die hij wil zeggen, verstandig of niet

Donald Trump tijdens zijn State of the Union, met links vicepresident Mike Pence en rechts parlementsvoorzitter Nancy Pelosi. Beeld AFP

Frans Verhagen is journalist en VS-kenner. Hij publiceerde onlangs ‘De Kennedy’s, Amerika’s First Family’.

Niet helemaal wat president Trump wilde, maar het alleszeggende beeld van deze uitgestelde State of the Union is toch Nancy Pelosi die hem vooroverbuigend toeklapt. De Democratische parlementsvoorzitter, een vrouw met wie Trump moeilijk overweg kan, reageerde zo op Trumps oproep om “de politiek van wraak, van verzet en van vergelding te verwerpen en de eindeloze mogelijkheden van samen, compromis en de publieke zaak te omarmen”. Met Pelosi’s ogen brandend in zijn rug draaide Trump zich om naar Pelosi, die duidelijk haar scepsis liet blijken dat deze president ooit de door hem zelf aangewakkerde verdeeldheid kan overstijgen. Bravo, zei Pelosi in dat gebaar, en nu er ook naar handelen.


Die ene zin van president Trump, die oproep tot samenwerking en beschaafde omgang, was een geïsoleerd moment in een lange toespraak die vooral erg saai en erg voorspelbaar was. Dat had niet gehoeven, Trump had meer kunnen bieden. Na de nederlaag van november en na de desastreus verlopen shutdown had de president concrete voorstellen kunnen doen rond samenwerking, bijvoorbeeld over de infrastructuur, gezondheidszorg of – heel gewaagd – over immigratie. Hij had naast zijn muur iets kunnen voorstellen voor de ‘Dreamers’, de in de VS opgegroeide kinderen van illegalen. De ultieme deal. Dan waren we echt wakker geschrokken.

Frans Verhagen. Beeld rv

In het Amerikaanse systeem is de president leidend in het aankaarten van wetgeving. Als hij het wil, dan komt het aan de orde. Maar het enige concrete dat Trump te berde bracht was de muur en zelfs die bleef een stuk vager dan tevoren. Meteen na zijn oproep tot samenwerking sprak Trump volstrekt nodeloos over de “belachelijke partijdige onderzoeken” die volgens hem moesten verdwijnen. Hij had er ook over kunnen zwijgen, zeker nu al een aantal van zijn medewerkers de cel in draait. Dat is een van Trumps problemen: hij kan het niet helpen, hij moet de dingen zeggen die hij wil zeggen, verstandig of niet.

Trump begon sterk, dat wil zeggen: hij onderstreepte wat hij wél had bereikt. Economische groei, meer banen, meer vrouwen aan het werk, minder regulering, vervanging van het NAFTA-verdrag door een variant. Of de status van de VS in de wereld zoveel hoger is valt te betwijfelen, maar de druk op China, op de NAVO, de stelling dat IS is verslagen en dat de eindeloze oorlog in Afghanistan wordt beëindigd: Trump had iets om over te vertellen. Hij gaf een datum en een plek voor een nieuw afspraakje met zijn dierbare penvriend Kim Jong-un, maar inmiddels gelooft niemand dat daar iets zinnigs uit kan komen: Trumps eigen experts weten zeker dat Kim nooit zijn kernwapens zal opgeven.

Klappen en juichen

Het was onrealistisch te verwachten dat Republikeinen iets zouden laten merken van hun groeiend ongemak met Trump als ongeleid projectiel dat hen steeds meer problemen bezorgt. Ze deden keurig wat partijgenoten van een president altijd doen: ze klapten en juichten hun twijfels weg. Aan dat applaus kon je niet horen dat de Republikeinse senatoren de shutdown onzinnig vonden, dat senaatsleider Mitch McConnell expliciet afstand heeft genomen van het idee om Afghanistan te verlaten, dat Trumps minister van Defensie, de vertrouwensman van de senatoren, is weggelopen en dat de inlichtingendiensten ronduit verklaren dat de president niet weet waar hij het over heeft. De Republikeinen probeerden uit te stralen dat Trump nog steeds hún president is. Het was show, in werkelijkheid nemen ze geleidelijk afstand.

Dit was geen verenigende toespraak, geen agenda voor een vruchtbare samenwerking, maar een appel aan de 40 procent van de Amerikanen die Donald Trump onafgebroken positief waardeert. Vandaar de muur. Vandaar de verwijzing naar tamelijk complexe abortuswetgeving. Vandaar de Republikeinen die ‘U-S-A! U-S-A!’ scandeerden om te onderstrepen dat enkel hun agenda in het belang van de VS is. Vandaar dat Trump in een voorgesprek zijn politieke tegenstanders voor rotte vis uitmaakte. Deze man is simpelweg niet in staat om te verbinden. Het is allemaal ‘my way or the highway’. Het gebaar van Nancy Pelosi vatte dat heel goed samen.

Dit was de eerste toespraak in de herverkiezingscampagne van 2020, vandaar dat Trump de moeite nam om de geleidelijk vorm krijgende agenda van de Democraten even weg te zetten als socialistisch. De trouwe achterban kreeg wat brokken toegeworpen, maar het rare is natuurlijk dat die achterban dat helemaal niet nodig heeft. Die volgen Trump tot in de hel. Deze State of the Union had een spannende agenda bepalende of trendsettende gebeurtenis kunnen zijn. Maar president Trump bewees opnieuw dat hij niet in staat is boven zichzelf uit te stijgen. En dus was het een non-gebeurtenis.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden