Zondag 20/09/2020

OpinieLieven Buysse

Toch geen panklaar brexitakkoord voor Johnson

Brits premier Boris Johnson.Beeld AFP

Lieven Buysse is professor Engelse taal en cultuur aan de KU Leuven Campus Brussel.

We waren het bijna vergeten maar het Verenigd Koninkrijk en de EU onderhandelen nog altijd (moeizaam) over hun toekomstige handelsrelatie, die ingaat op 1 januari 2021. De Britse regering loste de afgelopen dagen een schot voor de boeg door een scherpe deadline voor een handelsakkoord te prikken (15 oktober) en meteen ook enkele bepalingen uit Boris Johnsons eigen princiepsakkoord met de EU op de helling te zetten, waarmee hij een deal net bemoeilijkt. 

Formeel gezien zijn er twee kwesties. Ten eerste streven het VK en de EU naar een handelsakkoord met zo min mogelijk barrières voor import en export tussen de partners. Daarin blijven enkele twistpunten opspelen. Zo wil de EU de toegang voor haar vissers tot de Britse wateren behouden. De Britten hebben hun vissers net beloofd om dat niet te doen terwijl ze hun vis wel moeten kunnen exporteren naar Europa. Ook het “gelijke speelveld” is nog altijd niet uitgetekend: volgt het VK de Europese productnormen, en gaat het geen onredelijke staatssteun aan zijn bedrijven toekennen? Het zijn langs beide zijden symbooldossiers waar weinig manoeuvreerruimte voor bestaat omdat ze raken aan de essentie van de Europese eenheidsmarkt én aan de brexitbelofte van herwonnen soevereiniteit. Met een scherpe deadline en de (hernieuwde) verklaring dat het VK perfect gelukkig kan zijn zonder deal, lijkt Johnson de druk te willen verhogen.

Explosieve grens

De andere kwestie komt terug op een heikel punt dat al vorig jaar beslecht werd. Toen kreeg Noord-Ierland een speciaal statuut toegekend: om een (politiek) explosieve grens tussen dat deel van het VK en de Ierse Republiek te vermijden, zouden goederen die reizen tussen Noord-Ierland en Groot-Brittannië gecontroleerd moeten worden. Daar willen de Britten nu deels op terugkomen in een wetsvoorstel dat deze week gepubliceerd wordt. Ongetwijfeld heeft Johnson – in zijn pre-electorale drang naar een akkoord eind vorig jaar – de praktische consequenties onderschat want de voorbereidingen voor die regeling verlopen moeizaam. Bovendien kunnen brexiteers de nieuwe grens binnen het eigen land maar moeilijk verteren.

Johnsons demarches zaaien twijfel of hij eigenlijk wel een brexitakkoord wil. Hij ondergraaft zijn internationale geloofwaardigheid door nonchalant op een ondertekende afspraak terug te komen, en retorisch spierballengerol over zijn onverzettelijkheid nopen de gesprekspartner niet tot mildheid. En toch zou Johnson best wel een andere agenda kunnen hebben. 

Uiteraard wil de Britse premier de druk op Europa opvoeren en zoveel mogelijk uit de brand slepen, maar de bewering dat een ‘no deal brexit’ prima werkt voor de Britten is weinig geloofwaardig. Johnson spiegelt zich graag aan Canada, dat met CETA een vrijhandelsakkoord met de EU afsloot. Zo’n regeling zou inderdaad heel wat handelstarieven vermijden maar veel barrières blijven (bijvoorbeeld grenscontroles) en – immens belangrijk voor de Britse economie – CETA biedt geen oplossing voor de financiële sector. Nog zo’n model voor Johnson is het Australische, maar dat houdt in essentie in dat WTO-tarieven geheven zullen worden op heel wat goederen en diensten, terwijl 45 procent van alle Britse export naar de EU gaat en 53 procent van alle import uit de EU komt. De gevolgen van zo’n scenario voor bedrijven en consumenten zouden gigantisch zijn.

Zuiver Brits doel

Het offensief waarmee de regering-Johnson nu allerlei verklaringen de wereld instuurt, dient wellicht meer een zuiver Brits doel. Johnsons binnenlands beleid ligt zwaar onder vuur, onder andere door een chaotische corona-aanpak. Dan is het altijd handig om de focus naar een externe vijand te verleggen. Maar Johnson heeft evenzeer een signaal willen uitsturen naar de brexiteers in zijn Conservatieve Partij, die stilaan ongeduldig worden en vrezen dat hun premier op de valreep nog allerlei concessies zal doen in de wetenschap dat – alle retoriek ten spijt – de Britten duidelijk niet klaar zijn voor een brexit zonder akkoord, economisch noch infrastructureel.

Met die strategie lost Johnson misschien één intern probleem op maar hij creëert er meteen enkele andere. Elke verklaring die raakt aan de Noord-Ierse positie, bedreigt het broze Ierse vredesproces. Bovendien liggen de Schotse nationalisten op vinkenslag om de Britse regering als onbetrouwbaar en onbekwaam te bestempelen. Zij krijgen daar steeds meer munitie voor, en kunnen de brexit afschilderen als een bedreiging voor de Schotse economie, een argument voor Schotse onafhankelijkheid. Johnson let dus maar beter op dat de staat die hij nastreeft finaal niet enkel soeverein zal zijn maar evengoed fel afgeslankt. Het wordt nog een hete herfst.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234