Maandag 16/12/2019

Lopende zaken Analyse

Slecht nieuws voor Groen: de partijtop gaf sinds de verkiezingen weinig blijk van kritisch zelfinzicht

Meyrem Almaci afgelopen zomer tijdens een toespraak voor Groen in Nieuwpoort. Beeld BELGA

De Morgen-hoofdredacteur Bart Eeckhout overschouwt de politieke week.

Behoudens grote verrassingen volgt Meyrem Almaci vandaag zichzelf op als voorzitter van Groen. De kwestie is dan: is dezelfde partijleiding in staat om een ander parcours te rijden? 

‘Het verschil tussen optimis­me en hoop’. Zo luidde de kop van een behoorlijk enthousiaste analyse over de opkomst van de groene partijen in West-Europa, die aan het eind van de zomer in het Nederlandse progressieve opinieblad De Groene Amsterdammer verscheen. Aan het begin van diezelfde zomer kwam ook The New York Times al met een gelijkaardig verhaal: ‘Greens are the new hope for Europe’s Center.’

Beide stukken komen tot dezelfde conclusie: de groene winst in Europa is een blijvertje. Daar zijn minstens twee redenen voor. De zorg om het klimaat zal niet gauw meer verdwijnen, en van dat domein zijn de ecologisten nu eenmaal de eigenaar. Breder bekeken bieden groenen vaak het enige consistent alternatieve geluid voor de almaar dominantere stem van populistisch of radicaal-rechts.

Dat blijkt ook uit de cijfers. De groene fractie in het Europees Parlement is met de helft gegroeid: van 52 naar 74 zetels. Vooral in Duitsland gaat het hard. In sommige peilingen komen de Grünen nu zelfs als sterkste partij uit de bus. Maar ook in Frankrijk lijken les Verts zowat de enigen die nog enigszins van tel zijn, naast Macrons partij En Marche en het uiterst rechtse Rassemblement National van Marine Le Pen, en ver voor de in elkaar geklapte Parti Socialiste.

De heilsberichten over de groene electorale zegetochten (zie ook Ecolo in Brussel en Wallonië) zijn een ferme opsteker voor al wie het ecologisme hoog acht.

Behalve… in Vlaanderen.

De situatie is bekend. Bij de voorbije nationale verkiezingen ging Groen wel vooruit (twee zetels erbij in de Kamer), maar toch veel minder dan verwacht. Het groene resultaat op 26 mei werd zo de grootste ‘overwinningsnederlaag’ sinds Guy Verhofstadt in 1994 bij de Europese verkiezingen de champagne al had koud gezet voor een groots verkiezingsfeest en uiteindelijk ook vrede diende te nemen met een procentpuntje winst.

Dat is zuur. Terwijl geestesgenoten in alle buurlanden de polonaise dansen, blijven de Vlaamse groenen beteuterd aan de kant staan. Hoe kon dit gebeuren?

Kandidaat-voorzitters Meyrem Almaci en Björn Rzoska. Kristof Calvo houdt zich in deze strijd even op de achtergrond. Beeld ID / Bas Bogaerts

Het slechtste nieuws voor de Vlaamse groenen is dat de partijtop sinds de ontgoochelende stembusgang nog niet echt blijk heeft gegeven van veel kritisch zelfinzicht. Al meteen in de zomer begaf de partij zich aan een uitvoerige analyse, maar die danste met veel woorden om de hete brij heen. Kool en geit werden gespaard. Dat kun je duurzaam noemen, maar zo raak je wel niet vooruit.

Wie de evaluatie leest, komt tot de conclusie dat de teleurstellende resultaten de fout zijn van iedereen – de klimaat­sceptici, de sociale media, de partijfinanciering, het Planbureau… – behalve van de partijtop zelf.

Ook de organisatie van de voorzittersverkiezingen, die vandaag op de Brusselse site van Thurn & Taxis hun besluit kennen, baadt in dezelfde behoedzame, defensieve sfeer. Twee teams, met respectievelijk Meyrem Almaci en Björn Rzoska als kandidaat-voorzitter, nemen het tegen elkaar op, maar elke vraag om een dubbelinterview werd kordaat geweigerd. Debatavonden volgen? Geweigerd. Lokale partijafdelingen bezoeken wanneer er een voorzitterskandidaat passeert? Geweigerd.

Terwijl de kern van het probleem weleens zou kunnen zijn dat Groen zich te veel teruggeplooid heeft op een te smalle echokamer van vriendelijke gelijkgezinden, geeft de partij zo de indruk zich nog meer in te graven.

Al te stedelijk

Dat blijkt ook uit wie zich kandidaat heeft gesteld. Björn Rzoska is een goed en ervaren volksvertegenwoordiger, maar een alternatief voor de huidige partijtop is hij natuurlijk niet. Als Vlaams fractieleider maakt hij zelf volledig deel uit van het partij-establishment. Het verschil met uittredend voorzitter Meyrem Almaci zit ’m dan vooral in stijlaccenten.

Voor zover dat door alle geheimdoenerij op te maken valt, lijkt Meyrem Almaci intern sterker te staan. Begrijpelijk, maar foutloos was ook haar parcours tot nog toe niet. Bij de gemeenteraadsverkiezingen was de groene overwinning overtuigender, maar de oppergaai werd ook hier uit handen gegeven. Een reëel alternatief vormen voor Antwerps burgemeester Bart De Wever (N-VA) lukte op geen moment.

Ook dat was te wijten aan zelfoverschatting (door te denken dat een kartel met sp.a opgeblazen mocht worden) en ook daarin had team-­Almaci toen een flinke hand.

‘Het kan anders’ luidt de slogan van Groen, maar Groen zal ook zelf anders moeten worden, wie ook voorzitter wordt. De partij heeft het strategische risico genomen om zich te veel te richten op de jongere, hoger­opgeleide, stedelijke doelgroep. De grootte van die in vele media oververtegenwoordigde groep is overschat. Bovendien heeft de partij door tactische fouten zelfs die groep nog deels van zich vervreemd. Groen werd zo een partij voor wie het zich kon permitteren om groen te stemmen.

Dat is bij uitstek een inhoudelijke kwestie, zo leert het voorbeeld van de Duitse Grünen. Praten de Duitse groenen dan niet over het klimaat? Uiteraard wel, maar dan empathisch en niet moraliserend, hoopvol en niet somber. In Duitsland zijn de groenen ook populair bij kort­geschoolden en werkzoekenden, en niet alleen in de stad.

In De Groene Amsterdammer zegt oud-Agalev-topper Jos Geysels het zo: “De Grünen vullen hun boodschap aan de kiezers down to earth in. Ze appelleren aan wat veel Duitsers bezighoudt: de kwaliteit van het publieke domein. De natuur, de oude dorpskernen, de gezondheidszorg, de lucht, het water en niet te vergeten das Wald.” Anders gezegd: het veeleer landelijke anti-establishmentverzet dat de verkiezingen van mei hun radicale teneur gaf, had ook groen gekleurd kunnen zijn.

Het is, achteraf bekeken, merkwaardig en ietwat sneu dat juist Meyrem Almaci heeft toegestaan dat het beeld van haar partij verengd werd tot dat van een stedelijke klimaatpartij. Met haar profiel en achtergrond weet ze als geen ander dat klimaatzorg ook betekent dat je ook een geloofwaardig, geruststellend perspectief geeft aan wie al dan niet terecht bevreesd is om te verliezen.

Letten op de kleintjes: een progressieve partij kan niet zonder. Want als zij het onvoldoende doen, komen er wel anderen langs.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234