Zondag 29/11/2020

OpinieFrederik Dhondt

Samuel Paty verenigt Frankrijk rond de Republiek

Frans president Macron bewijst vermoorde leerkracht Samuel Paty de laatste eer, op het binnenplein van de Parijse Sorbonne.Beeld AFP

Frederik Dhondt is Frankrijk-kenner en rechtshistoricus aan de Vrije Universiteit Brussel.

De barbaarse moord op leerkracht geschiedenis Samuel Paty wordt wereldwijd gezien als een aanval op de vrijheid van meningsuiting. Dat is terecht, maar de specifieke Franse context is ook belangrijk. Leerkrachten zoals Paty genieten prestige als ‘instituteurs de la nation’. Zij maken kinderen tot burgers van de Republiek, en putten daar hun fierheid uit. Een carrière als vastbenoemd leerkracht na staatsexamen is nog steeds voor veel Franse studenten een eerbaar carrièrepad, ondanks de beperkte verloning. Toppolitici als Georges Pompidou en Lionel Jospin waren kinderen van onderwijzers, en hebben zelf les gegeven.

Franse leerkrachten zien zichzelf als de missionarissen van de gezamenlijke Franse identiteit. De ‘Laïcité’ staat daarbij centraal. De Franse staat verstrekt gratis en verplicht openbaar onderwijs sinds de Derde Republiek (1870-1940), toen de verworvenheden van de Revolutie (1789-1795) werden geconsolideerd. Sinds 1905 subsidieert de overheid geen enkele religie. Bekeringsdrift en indoctrinatie met obscure, anti-wetenschappelijke ideeën zijn een bedreiging voor de natie. Alleen in de Republiek kan het individu werkelijk vrij zijn. Elke burger geniet van de gewetensvrijheid, maar niemand mag door een religie verknecht of onderworpen worden. Regionaal, etnisch of religieus groepsdenken wordt door de meest rechtlijnige republikeinen verketterd als ‘communautarisme’, waarbij de Fransen tegen elkaar worden opgezet. De republiek is één en ondeelbaar. Haar waarden zijn universeel. Haar wetten beschermen iedereen.

Dit jaar werden meer dan negenhonderd extremistische voorvallen gesignaleerd. De signalen zijn al lang gekend: onderwijs over de shoah, over het Israëlisch-Palestijns conflict, over 11 september of over de aanslagen op Charlie Hebdo botst op protest bij leerlingen, zelfs tot in de lagere school. Het gaat soms om grondig gepolijste pseudo-redeneringen, thuis geabsorbeerd op internet. Verbijsterde republikeinse leerkrachten horen hun leerlingen pleiten voor de voorrang van de sharia boven de wetten van de Republiek, of voor de bestraffing van godslastering. Het kan niet veel symbolischer: Voltaires aanklacht over de onthoofding van de chevalier de la Barre, een klassieker uit de Verlichting, was net gericht tegen de blasfemie. ‘Anti-islamofobieverenigingen’ worden vandaag gezien als saboteurs, die leerlingen indoctrineren om hun leerkrachten aan te klagen. Sportverenigingen worden door fundamentalisten gebruikt om jongeren te lokken. Dit ‘separatisme’ vanuit de samenleving gaat in tegen de ondeelbare lekenstaat, synoniem van vooruitgang en beschaving. Het is evenwel oneerlijk om in een karikatuur alle moslims in Frankrijk te vatten, laat staan de tien miljoen leerlingen in het hele land. Meerdere imams veroordeelden de moord op Paty.

Voor één keer zijn de politieke reacties vrij eenduidig: Elisabeth Badinter, vooraanstaand filosofe, riep op tot een ‘ideologische oorlog’ tegen een totalitaire islam. Elke goede republikein zou verantwoordelijk zijn om de minste provocatie te beantwoorden met een vurig pleidooi voor rede en vrijheid. Leerkracht en auteur Fatiha Agag-Boudjahlat uit Marseille beleed op de radio haar geloof in de waarden van de Republiek, die haar uit een kroostrijk en arm gezin de kracht hadden gegeven om leerkracht geschiedenis worden. De emancipatiekracht van de ‘laïcité’ bestaat nog steeds. Het is dan ook logisch dat de Franse politieke klasse quasi unaniem pleit voor hard optreden. Bij de PS manifesteerde oud-premier Bernard Cazeneuve (zoon van een leerkracht) zich met een duidelijke uithaal naar lokale politici die oogluikend fundamentalistische organisaties toelaten uit (electoraal) eigenbelang.

Uiteraard leggen politici ook opportunistische en excessieve verklaringen af. Extreemrechts claimt de lekenstaat, terwijl intolerantie en autoritarisme daarmee onverenigbaar zijn. Minister van Binnenlandse Zaken Darmanin gaat zijn grote voorbeeld Sarkozy achterna door halal-voeding in de supermarkt te stigmatiseren. Mélenchon viel uit de toon, met een uithaal naar de Tsjetsjenen, die in Frankrijk zou zijn toegelaten uit primair ‘anti-Poetinisme’. Dit zijn (voorspelbare) randfenomenen. De toon en de symbolen van het presidentieel discours vatten goed de gehechtheid van Frankrijk aan de lekenstaat, en geven ook leerkrachten een morele steun. Deze herbevestiging van de republikeinse waarden is wellicht ook efficiënter dan de opgesomde ad hoc-maatregelen.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234