Maandag 27/06/2022
Mark Elchardus. Beeld DM
Mark Elchardus.Beeld DM

ColumnMark Elchardus

Rusland begint bij ons in de straat

Mark Elchardus is emeritus professor sociologie aan de Vrije Universiteit Brussel (VUB). Zijn bijdrage verschijnt tweewekelijks, afwisselend met Vincent Stuer.

Mark Elchardus

Het in El Pais gelekte ontwerp van de NAVO-respons op de Oekraïne-crisis laat het ergste vermoeden. De eerste zin al: “NAVO is een defensieve alliantie die geen enkele bedreiging vormt voor Rusland”. Het lijkt me waarschijnlijk dat de Russische diplomaten, buitenlandminister Sergej Lavrov op kop, bij het lezen van die zin meteen denken aan de NAVO-inval in Servië in 1999 en de NAVO-inval in Libië in 2011.

De NAVO hanteert stoere en beledigende taal: Rusland heeft ons vertrouwen beschaamd; het hoort niet bij Europa; het moet zijn troepen terugtrekken uit Oekraïne (bedoeld wordt de Krim); er kan geen sprake zijn van enige vooruitgang in de onderhandelingen als Rusland niet meteen begint met zijn troepenmacht aan de grens van Oekraïne af te bouwen. Eigenaardige diplomatie is dat, alsof men hoopt op een oplossing waarbij Poetin maximaal gezichtsverlies lijdt.

Bij zoveel spierballengerol verwacht je dat een overweldigende troepenmacht paraat staat. Als ik goed ben ingelicht, bestaat deze voorlopig uit vier Deense vliegtuigen die naar Litouwen zijn afgezakt, en twee Nederlandse toestellen die worden opgesteld in Bulgarije.

In tegenstelling tot de NAVO-respons is die van de VS gematigder en respectvoller. Misschien komt dat omdat de Europese diplomaten zich geen daadwerkelijke oorlog meer kunnen voorstellen – de prijs die we betalen voor langdurige vrede op dit continent – en daarom geloven dat Poetin bluft. Hun Amerikaanse collega’s hadden daarentegen wel ervaring met legers die zich effectief verplaatsen. Amerika stelt zich ondanks zijn militaire slagkracht constructiever op. “De Verenigde Staten”, zo luidt het, “zijn bereid te praten over de voorwaarden waarop op een transparante wijze maatregelen en wederzijdse engagementen kunnen worden genomen, door de Verenigde Staten en door Rusland, om geen offensieve raketsystemen of permanente gevechtseenheden te plaatsen op het grondgebied van Oekraïne”.

Dat komt er eigenlijk op neer dat Oekraïne geen NAVO-lid wordt en dat gestreefd kan worden naar een soort neutrale status voor dat land. Daarmee is niet alles opgelost, maar komt een oplossing dichterbij. Delicaat blijft de Krim dat door Rusland wordt beschouwd als behorend tot Rusland en niet tot Oekraïne. Onderhandelaars zullen daar op de ene of andere manier met grote een bocht moeten omheen lopen. Er zal ook een oplossing moeten komen voor de Russischsprekende bevolkingsgroepen, met meer zelfbeschikking voor het Donetsbekken (de Donbass). Als België een bijdrage wil leveren, kunnen we in de plaats van een vliegtuig te sturen een paar van onze specialisten in persoonsgeboden materies aan de onderhandelingstafel laten aanschuiven.

De vraag is natuurlijk hoeveel bereidheid er is om respectvol te onderhandelen, met voor ogen belangrijke doelen zoals vrede in de regio, kansen voor Oekraïne om economisch van de grond te geraken en de verlammende corruptie te bestrijden, de energievoorziening in Europa veilig te stellen, Rusland te laten profiteren van onze behoefte aan gas, onze economische relance niet in de kiem te smoren. Beledigende taal, spierballengerol, het kwistig, haast hysterisch zwaaien met sancties… het roept de vraag op die over de Trump-regering werd gesteld: where are the adults in the room?

Sympathie

We weten niet wat onze bevolking denkt, wat zij vindt dat onze regering zou moeten doen. Recent Nederlands onderzoek (Clingendael – polarisatie van Ruslandhoudingen-Nederland) laat zien wat onze noorderburen over Rusland en Oekraïne denken. Ongeveer 20 procent van de Nederlandse kiesgerechtigden is van oordeel dat Rusland recht heeft op een eigen invloedssfeer en dat men met Rusland moet blijven samenwerken, ook al worden de critici van het regime daar onderdrukt. Zowat de helft van de kiesgerechtigden wijst het idee van een Russische invloedssfeer af en wil niet meer samenwerken met Rusland. Iets minder dan een derde van de bevolking heeft zich daarover nog geen mening gevormd. Er is dus wel een betekenisvolle minderheid met een positieve opstelling ten opzichte van Rusland. Eén op de vijf is trouwens veel als men bedenkt hoe negatief en bedreigend Poetin en Rusland in onze media verschijnen.

Het onderzoek werpt ook licht op de oorzaak van die Rusland-sympathie. Het gaat in grote mate om mensen die “het een goede zaak” vinden “dat in Rusland traditioneel-conservatieve waarden en nationale trots worden uitgedragen”. Over de hele Nederlandse bevolking vindt 23 procent dat; 38 procent vindt dat daarentegen geen goede zaak. Die opvatting en de steun voor samenwerking met Rusland en voor begrip voor een Russische invloedsfeer vindt men vooral in de electoraten van Forum voor Democratie, JA21, PVV, de Boerenburgerbeweging en SGP. Hevige tegenstanders van dat alles stemmen GroenLinks, Volt of Partij voor de Dieren.

Geopolitiek, de houding ten opzichte van Rusland en de Oekaïne-crisis worden vooral bepaald door de waarden die men graag belichaamd ziet in nationaal beleid. Dat betekent waarschijnlijk ook dat de wijze waarop de Oekraïne-crisis wordt opgelost, zal afstralen op de partijen die zich, gedreven door hun visie op de nationale samenleving, eerder dan door zuiver geopolitieke overwegingen, als realisten dan wel als moralisten opstellen. Tenzij alles rampzalig uit de hand loopt, is het waarschijnlijk dat de realisten het halen. De partijen die getuigen van Rusland-sympathie kunnen dan zeggen: zie je wel, we zeggen allang dat we het zo moesten aanpakken. Het buitenland wordt binnenland en omgekeerd, maar op een heel andere manier dan de globalisten zich dat hadden voorgesteld.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234