Maandag 14/10/2019

Column

Philippe Close, But No Cigar

Marc Didden Beeld Bob Van Mol

Marc Didden is columnist en inwoner van Brussel.

U weet ongetwijfeld wie Jean-Baptiste Alphonse Karr was. En als u dat niet doet, laat het volgende dan een troost zijn: moi non plus. Op het internet leerde ik wel dat hij de vader was van het gezegde dat mij in verkiezingstijd wel eens voor het geestesoog waait: “Plus ça change, plus c’est la même chose.”

Het is geen echt opbeurende gedachte, dat geef ik toe. Maar ik ben ondertussen oud genoeg om te weten dat verkiezingen, zeker in hun lokale gedaante, zelden voor verregaande maatschappelijke omwentelingen zorgen. De stad waar ik woon – ze ligt op ongeveer halfweg tussen Helsinki en Lissabon – is de afgelopen 70 jaar nooit behoorlijk bestuurd. Dat dacht ik al toen ik nog helemaal piep was en dat vind ik, nu ik krasser dan een knar ben, nog altijd.

Bij de vorige stedelijke stembusgang schreef ik op dezelfde plek in deze krant een open brief aan de toekomstige burgemeester van Brussel. Ik legde er zo beleefd ik dat maar kon mijn burgerzorgen voor aan de komende hopman van mijn stad.

Als ik die missive nu teruglees, denk ik dat ik toen misschien iets te hard van leer trok toen, tegen wat nog komen moest. Mijn toon was redelijk pessimistisch en, laat mij dat maar eerlijk toegeven, zelfs uitgesproken negatief.

Zes jaar later moet ik vaststellen dat het allemaal nog erger werd dan ik in mijn donkerste dromen had durven denken. De valse volksigheid van een burgervader als Freddy Thielemans sleepte nog drie jaar aan en zou men nog onder de rubriek ‘folklore’ kunnen rangschikken, daar waar buumdroegers thuis zijn. Maar de arrogante krapuultjesstijl van zijn onverkozen opvolger Yvan Mayeur en zijn trawanten tartte van bij aanvang werkelijk elke verbeelding. En dan heb ik het nog niet eens over het wereldwijd bekende Samu Social-schandaal of over het totaal gebrek aan empathie dat het stadsbestuur liet blijken tegenover de destijds door de aanslagen erg getraumatiseerde algehele Brusselse bevolking.

Mayeur out, Close in. Ook al onverkozen, dus. “Tout va très bien, Madame la Marquise”, begonnen sommigen al te zingen. “Toffe pei”, hoorde ik ook weleens over hem zeggen in een of andere afspanning. Ik schakel dan toch graag over naar de Engelse taal om dan luidop te denken: “Wait and See”, alsook “Close, but no cigar”. Het is deze keer geen epigram van Jean-Baptiste Alphonse Karr, maar een Amerikaanse uitdrukking uit de kermiswereld die wil zeggen “Goed geschoten, maar niet goed genoeg.”

Een vervelend gevoel is dat en het bekruipt me vaak bij het aanhoren van onze nieuwe stadsbaas Philippe Close. Nu denk ik vooralsnog niet dat hij een hardcore schoft is zoals zijn vriend en voorganger Yvan en omdat hij fysiek wat op een ouderwetse teddybeer lijkt, zou het ook wel best eens kunnen dat hij er gewoon een is.

Maar I have a dream hoor ik nog niet wanneer ik hem beluister.

Ik ben ruiterlijk genoeg om toe te geven dat hier en daar iets beweegt in de stad, ook met wat hulp van het Gewest: Rogier en De Brouckère beginnen opnieuw wat te lijken op wat ze ooit waren, namelijk levendige stadspleinen. Metrostation Beurs wordt zoetjesaan weer een plek waar niet alleen heroïnehoeren zich thuis zullen voelen. De Beenhouwersstraat is, alhoewel nog steeds een stadskanker, toch al aan enige behandeling onderhavig. En zelfs Kanal wordt misschien ooit een Belgisch museum in plaats van een Franse kunstgarage. Waarvoor zuinige dank.

Minpunten : de voetgangerszone, nog steeds een radeloos ratjetoe, waar fietsers en wandelaars mekaar het leven zuur maken.

En dan is er nog die smerige, schrijnende en stuitende leegstand overal. Die wel gewild lijkt door de stad en enkele bevriende bouwspeculanten. Een schandaal waardoor duizenden mogelijke leefruimtes zomaar staan te verrotten terwijl tienduizenden op zoek zijn naar een betaalbare woonst , lokaal, kunstenaars of atelier.

Een pure schande is dat, niets minder.

Daarom gaat mijn stem uit naar iemand die daar wat aan wil doen. Ze heet van haar eigen Lola Dirkx en ze staat op een burgerlijst. Nummer 11, denk ik, plaats nummer 3. Of lijst nummer 3, plaats nummer 11. Zoek het maar zelf uit. Ik weet veel, maar niet alles.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234