Maandag 18/11/2019

Opinie

Peter krrrabt de krrrollen van de trrrap!

Sportjournalist Peter Vandenbempt. Beeld © VRT - Joost Joossen

Stijn De Paepe is docent Nederlands en taalvaardigheden aan de Gentse Arteveldehogeschool en auteur van de dagelijkse rubriek Dagvers in deze krant.

Wat hebben Peter Vandenbempt, Mia Doornaert, Chantal Pattyn, Rosa uit Thuis en Jonas Van Geel gemeen? Ze kunnen geen van allen consequent de 'r' uitspreken.

Pattyn bezigt drie varianten - de tongpunt-r, de huig-r en een gevocaliseerde 'Engelse' r. Rosa en Jonas mixen tongpunt-r en huig-r naargelang van de positie ervan in het woord. La Doornaert is behept met een tongpunt-r die ze herhaaldelijk onbewust verruilt voor een schraperige Franse huig-r. En ook het ongenaakbare voetbalorakel Vandenbempt, journalist van professie en deze week winnaar van de Grote Prijs Jan Wauters, verruilt zijn r'en dat het een lieve lust is.

Stijn De Paepe. Beeld Wouter Van Vooren

Trrrending

Het begint stilaan op een trend te lijken: niet alleen veronderstelde rol(!)modellen lijden aan het euvel, ook niet-beroepssprekers die vaak in de media te horen zijn, kun je erop betrappen. Het eenduidige statuut van de r-klank - of/of - heeft afgedaan en tussen de tongpunt en de huig lijkt alles toegestaan. Ik noem Marleen Temmerman, Philippe Muyters, Jeroen Struys...

Ook onder studenten lerarenopleiding zijn er per jaar meer jongeren die afwisselend de tongpunt- en de huig-r gebruiken of een variant die op een r lijkt maar onzuiver is. Volgens Dick De Bruycker, ex-diensthoofd logopedie van het Gentse Jan Palfijn-ziekenhuis, is dat allereerst te wijten aan de enorme beugelboost van de jongste jaren. Er is bijkans geen kind meer zonder dat zijn gebit voor enkele jaren het harnas in moet.

Prima voor de tandenstand, alleen vergeten orthodontisten het verband tussen tongplaatsing en gebit. Gevolg: tong is de weg kwijt, klanken die met tong-en-tanden moeten worden gearticuleerd (de l, de s, de tongpunt-r) raken vervormd.

Er is nog een oorzaak. Tussen peuterleeftijd en afstuderen veranderen kinderen en jongeren alsmaar vaker van school of woonst, en dikwijls is dat van een dorps- naar een stadsschool: van Wetteren naar Gent, Beveren naar Antwerpen, Maldegem naar Brugge. En het is precies in die steden dat de huig-r - die oorspronkelijk te lande niet voorkwam - welig tiert en behoort tot het stadsdialect. Resultaat: het kind neemt de nieuwe r over en mixt die met zijn aanvankelijke tongpunt-r.

Voeg daar tot slot de algehele trend tot taalminimalisme aan toe - verstade? - en een zuivere r, per huig of per tong, raakt stilaan veeleer uitzondering dan regel.

Een derde verklaring voor deze welhaast epidemische trend is onze hang naar spreekcomfort: wat de minste inspanning kost, maken we ons het makkelijkst eigen. Dat is goed te merken in dialecten: een lastige klankencombinatie als sch komt er nauwelijks as such voor. Dialectsprekers vervangen die door sh, sk, sg, sjch, sj of s.

Net zo vraagt de r-met-tong meer inspanning dan die met huig: het intensieve tongrollen vooraan is lastiger dan het minder geprononceerde huigtrillen achteraan. Vandaar dat de huig-r steeds vaker voorkomt, dat mensen beginnen te mixen of de ene door de andere vervangen. Zie de r-mix van Vandenbempt.

Nog een laatste factor speelt een rol. De mens is een sociaal wezen en past zich dikwijls vanzelf aan aan zijn omgeving. Zo nemen we ook het taaleigen vlug over van de streek waar we neerstrijken en daar zijn vrouwen trouwens vaak sneller in dan mannen. Gevolg: Mia neemt de Franse r van haar dito omstanders erbij.

Het fenomeen is toe aan grondig onderzoek, maar ondertussen zou het goed zijn dat onvermijdelijke sportprofeten als Vandenbempt, belerende taalfrikken als Doornaert, op eigen cultuurzender alomtegenwoordige nethoofden als Pattyn, acteurs, presentatoren en journalisten van 'het gesproken dagblad' er een onbesproken articulatieapparaat op nahouden.

Ze zijn zowat de laatste ambassadeurs van de standaardtaal - alle Nathalie Meskensen nog aan toe - maar ook de kwaliteit van hún taal kalft zoetjesaan af. Zo rest luisteraars en kijkers op den duur geen enkele houvast meer wat Algemeen Nederlands betreft: beroepsspreker of niet, bij de openbare omroep of niet, alles is toegestaan, een norm blijkt voorbijgestreefd. Terwijl het Standaardnederlands tot nog toe onze enige norm is.

Nochtans is het fenomeen in een mum van tijd op te lossen: begeleid door een beetje logopedist ben je binnen enkele weken van je r-spreidstand verlost. Je tongpunt-r rolt dan zo welig als die van pakweg Kathleen Cools en Kurt Van Eeghem, je huig-r trilt zo vloeiend als die van Birgit Van Mol of Otto-Jan Ham.

Kijk naar Vandenbempt: als hij volop focust, tijdens voetbalcommentaar pur sang, rolt zijn r smetteloos. Tijdens losse gesprekken hopst hij zich dan weer van geen kwaad bewust van tong naar huig en terug.

Kleuterrrs

In onze opleiding verwijzen we studenten met een confuse r door naar een logopedist - voor jonge kinderen is de r namelijk de meest complexe, vaak laatst verworven klank en een onderwijzer(es) moet die onberispelijk beheersen. Kinderen kunnen niet rekenen op wat ze op tv horen - de nieuwe K3'tjes, iemand? - en evenmin op het potje dat leraren secundair ervan maken, noch op hun ouders die misschien wel andere talen dan Nederlands spreken. Daarom rest vaak juf of meester als enige rolmodel.

Die logopedisten hebben beslist nog een plaats vrij voor Mia - ik ben van de taal- en zedenpolitie - Doornaert, Peter - ik roep elke goal uit tot verbijsterend wereldwonder - Vandenbempt en hun lotgenoten.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234