Woensdag 28/10/2020

OpinieNadia Akrimi

Opinie: ‘Racisme is ook aanwezig onder niet-zwarte mensen van kleur’

De Black Lives Matter-betoging in Brussel. 'We verwachten dat zwarte mensen voor ons opkomen wanneer wij geviseerd en gediscrimineerd worden, maar gunnen hen niet dezelfde solidariteit', vindt Akrimi.Beeld Tim Dirven

Nadia Akrimi studeert Social Sciences aan de Vrije Universiteit Brussel. Als geboren en getogen Gentenaar met een Belgische moeder en vader van Noord-Afrikaanse afkomst balanceert zij tussen twee werelden.

De wereld keek geschokt naar de moord van een witte politieagent op George Floyd. Ik was behalve geschokt ook uitgeput – want dit was het zoveelste gelijkaardige incident in de voorbije dagen. Gespannen scrollde ik door mijn sociale media. Ik raakte teleurgesteld in de stilte van mijn eigen gemeenschap. Nog stiller werd het als blijkt dat het Arabische winkeluitbaters waren die de politie opbelden en een Aziatische agent die rigide toekeek hoe zijn witte collega een man executeerde. Die wegkeek toen hij het slachtoffer acht minuten lang “I can’t breathe” hoorde zeggen terwijl hij smeekte om zijn moeder. Ik was teleurgesteld en tegelijkertijd niet verbaasd.

Het wordt tijd dat we in eigen boezem kijken en dat we het eindelijk toegeven: anti-zwart racisme is ook aanwezig onder niet-zwarte mensen van kleur. Niets nieuws onder de zon. In mijn eigen Noord-Afrikaanse gemeenschap, maar eigenlijk bij alle niet-zwarte mensen van kleur, is dit een alledaags gegeven dat oogluikend wordt genegeerd. Want wij zijn niet zo, toch? Wij bedoelen het niet zo. 

We denken dat we het n-woord mogen gebruiken omdat iedereen zo praat in het quartier. We horen hoe in onze moedertaal, of die van onze ouders, naar zwarte mensen met racistische termen wordt verwezen, hoe ook onze gemeenschap vasthoudt aan stereotypen over andere etniciteiten, ook al weten we hoe pijnlijk het is als iemand het bij ons doet. We gaan los op Afro-Amerikaanse muziek en traditioneel zwarte haarstijlen, maar trekken onze neus op bij het idee van een zwarte partner. Je merkt het aan de vuile blikken die we werpen op straat. Aan de zwarte moslima die niet met de traditionele groet ontvangen wordt. Aan onze voorkeur voor mensen met een lichtere huid, ook binnen onze eigen gemeenschap. Ik hoor het aan mijn oma die liefkozend zegt “wat heb je geluk dat je zo bleek bent”, ook waar donkerdere neefjes en nichtjes bijzitten.

Nadia Akrimi.Beeld rv

En we zwijgen. Omdat we niet wit zijn en het dus helemaal niet zo bedoelen. Omdat we zelf gediscrimineerd worden en we denken dat dit ons vrijstelt van onze eigen racistische opvattingen. Omdat we beste maatjes zijn met Zwarte Ayoub. Alsof ons zwijgen geen keuze met een betekenis en gevolgen is.

Defensief en ontkennend gedrag

We verwachten dat zwarte mensen voor ons opkomen wanneer wij geviseerd en gediscrimineerd worden, maar gunnen hen niet dezelfde solidariteit. Dit werd nog maar eens duidelijk toen zwarte gemeenschappen zich wereldwijd zowel op sociale media als in interacties uitspraken tegen anti-Aziatisch racisme als gevolg van corona, maar die laatste gemeenschap opvallend stil bleef toen in China zwarte mensen uit hun huizen, winkels en ziekenhuizen geweerd werden. 

Ook terwijl ik dit schrijf, nu we de aandacht voor zwarte slachtoffers en de Black Lives Matter-beweging afleiden naar de pijn die we voelen voor Adil, Semira, Mawda, Mehdi en andere slachtoffers die geen gerechtigheid kregen of misschien wel zijn vergeten. Ook al zouden we de zwarte gemeenschap dit schaarse moment waarop de wereld eindelijk eventjes naar hen lijkt te luisteren, moeten gunnen. Onze vraag naar erkenning en een oplossing voor politiegeweld naar etnische minderheden is een legitieme strijd, waar ook het geweld naar niet-zwarte mensen van kleur een plaats heeft. Laten we dit doen zonder niet-zwarte slachtoffers te centreren of over de stemmen van zwarte mensen heen te roepen. De betoging in Brussel, waar afgelopen zondag 10.000 mensen vreedzaam samenkwamen, bewijst dat we in solidariteit elkaars boodschap kunnen versterken.

We zetten ons af tegen het witte suprematistische systeem dat ons onderdrukt, maar doen wel gezellig mee wanneer datzelfde systeem ons in een betere positie stelt dan anderen. We moeten het beter doen. We moeten onze eigen privileges erkennen. We moeten inzien dat we zelf ook een koloniaal verleden hebben waar wij de slavenhandelaars waren en dat we ons denken, over onszelf en anderen, nooit gedekoloniseerd hebben. We moeten inzien dat onze ervaringen en onderdrukking niet dezelfde zijn als die van zwarte mensen. En dat dit niet afdoet aan onze eigen ervaringen en pijn. We moeten onszelf betrappen op hetzelfde defensief en ontkennend gedrag dat ons met de ogen doet draaien wanneer witte mensen het doen.

We moeten zelf actief antiracistisch zijn en onze eigen problematische opvattingen en gedrag durven bijsturen. Ook in de moskee, tempel, tegen die ene lastige oom, bij vrienden die het niet zo bedoelen. En bij onszelf. Daar begint het.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234