Zondag 21/04/2019

Column

Ook goden verdienen een tweede kans

Mark Elchardus. Beeld Bob Van Mol

Mark Elchardus is emeritus professor sociologie aan de Vrije Universiteit Brussel (VUB) en opiniemaker bij De Morgen. Zijn bijdrage verschijnt op zaterdag.

Iets meer dan twee jaar geleden, in november 2016, dook Emmanuel Macron voor de eerste keer op in deze column. Hij had zich toen net kandidaat gesteld voor het Franse presidentschap en in een interview verduidelijkt wat voor president hij wilde zijn. Niet een zoals de zittende François Hollande, die zich als een ‘normale’ president had opgesteld, nauwelijks te onderscheiden van de modale Fransman. Macron zou Jupiter zijn.

Waar Jupiter precies naartoe wilde, bleef lang onduidelijk. Zodra hij echter in het licht van de glazen piramide ten hemel was gestegen, bleek meteen de ambitie om niet enkel in Frankrijk, maar ook in Europa en op wereldvlak een leidersrol te spelen. Richtsnoer was het streven naar een technocratisch-liberale orde, vriendelijk voor grote ondernemingen en grote fortuinen, steunend op blind geloof in hightech, met democratie beperkt tot rechtsstaat, volkssoevereiniteit op een laag pitje, alles overgoten met een schijnbaar radicaal ecologisch engagement.

Hij werd president met een gloednieuwe politieke formatie die in de daaropvolgende wetgevende verkiezingen een eclatante overwinning boekte. Zijn medewerkers gingen alras aan de slag om bij de Europese verkiezingen van 2019 een gelijkaardige omwenteling te realiseren in het Europees parlement.

De president had haast. De regering werd aangemaand Frankrijk snel te ‘hervormen’, zonder veel rekening te houden met de behoudsgezinde Galliërs. Hijzelf had het bijzonder druk op de internationale scène: het klimaatakkoord, de nucleaire deal met Iran, het Europese Unie-project, het multilateralisme, de relaties met de VS van de destabiliserende Trump… Vooralsnog boekte hij op dat vlak geen grote successen, maar de vraag rest: wie anders dan Macron kan, durft en wil die rol opnemen?

Nu de Galliërs revolteren, zit het hem niet mee. Op de muren van Parijs staat te lezen: “Macron = Lodewijk XVI”, onthoofde koning. Hij stapte net op tijd uit het vliegtuig dat hem terugbracht van de G20 in Buenos Aires om in Parijs de smeulende resten van autokarkassen, de toegetakelde Arc de Triomphe en de ingeslagen ruiten van hotels en winkels te overschouwen. Vooral de winkels van luxeproducten lagen aan diggelen, net nu het hen wat beter verging. Macron schafte immers de solidariteitsbijdrage op fortuinen af. 

De gele hesjes vormen politiek een bont gezelschap, van extreemrechts tot extreemlinks over a- en antipolitiek. De afkeer van Macron verbindt hen. Daarom kan haast elke zorg en elke onvrede de revolte aandikken tot die een lawine wordt.

Europees leiderschap

Ondertussen viel het Europees leiderschap Macron in de schoot, vooral ten gevolge van de verzwakte positie van Merkel. Zijn nieuwe Europese beweging kwam echter niet van de grond. Hij sloot zich dan maar aan bij de liberale fractie. Die verspreidt een inmiddels wat oubollige visie op Europa en de wereld, profileert zich vooral met scherpe kritiek op Victor Orbán en op de landen die in hem een alternatieve Europese leider zien. Op die manier raakt Macron opgesloten in de tegenstelling ‘Macron versus Orbán, Kurz en consorten’ en wordt tevens het beeld van twee alternatieve Europa’s uitgezet, alsof dat de enig mogelijke toekomst is. Macron noch Europa hebben daar baat bij.

Als mensen Macron erop wijzen dat hij wel bijzonder veel en lyrisch praat over de eigenheid en de waardigheid van de Franse natie, en dus misschien wel iets gemeen heeft met het nationalisme dat overal in Europa opduikt, maakt hij het onderscheid tussen patriottisme (goed en eigen aan Macron) en nationalisme (slecht en eigen aan de tegenstanders van Macron). Die semantiek werd meewarig onthaald. Vage, bezielende, meerduidige woorden dienden hem in het verleden, maar doen dat niet langer. Zelfs het befaamde “Je vous ai compris”, “ik heb u begrepen”, waarmee De Gaulle in 1958 in Algiers een roerige menigte wist te bedaren, werkt niet voor Macron. Hij had, zo zei hij, de woede van de gele hesjes ‘begrepen’. Wie niet meteen in lachen uitbarstte, maakte zich boos.

Macron is aan woorden voorbij. In Frankrijk zal het beleid grondig van richting moeten veranderen. Rest de behoefte aan Europees leiderschap. Als Macron zich als een voorstander van liberale globalisering laat opsluiten in de tegenstelling West- versus Oost-Europa, dan wordt hij een relikwie nog voor het einde van zijn eerste termijn. Dit is immers een moment waarop Europees leiderschap de splijtende tegenstellingen binnen Europa moet overbruggen. Het moet duidelijk worden dat er geen tegenstelling is tussen een sterk Europa en sterke natiestaten, dat de Europese Unie er is om de natiestaten slagkracht te geven, niet om ze vleugellam te maken. Er moet gebouwd aan een internationale orde die nationale soevereiniteit schraagt, niet ondergraaft. Men moet beseffen dat alles waar Europa voor staat wordt bedreigd. Generaties die nooit oorlog kenden moeten weer leren met die dreiging om te gaan.

Laten we hopen op voortschrijdend inzicht bij Macron en, zoals ze in Limburg zeggen, geef hem dan nog een kans. Politici van zijn kaliber gaan nu eenmaal niet met twaalf in een dozijn. Zelfs een overdosis hybris dient hen vergeven, toch één of twee keer.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.