Dinsdag 23/07/2019

Opinie

Neerhalen Russisch vliegtuig: een incident is nog geen crisis

De Turkse luchtmacht zegt dat het Russische toestel over Turks grondgebied vloog en dat het daarom werd neergeschoten. Beeld REUTERS

Jonathan Holslag is schrijver en docent internationale politiek aan de Vrije Universiteit Brussel.

Gisteren schoot de Turkse luchtmacht een Russisch gevechtsvliegtuig neer, nabij de grens met Syrië. Daarmee bereiken de spanningen in de regio een nieuw hoogtepunt. Hoe dramatisch het voorval ook mag zijn, het valt vooral op hoe beperkt de reactie blijft, net zoals dat overigens het geval was bij de aanhechting van de Krim door Rusland of het neerhalen van vlucht MH-17. Dat werpt meteen de vraag op of er iets fundamenteels veranderd is, of grootmachten veel minder dan in het verleden geneigd zijn om oorlog tegen elkaar te voeren, of dat incidenten als deze toch uiting geven aan botsende belangen die vroeg of laat nog steeds kunnen leiden tot grote oorlogen.

Het is uiteraard goed nieuws dat landen de escalatie bij dergelijke incidenten willen vermijden, maar het zegt voor mij niet zo veel over de kans op grootmachtenconflicten in de toekomst. Om te beginnen hebben de Russen en de Turken niet meteen belang bij zo'n conflict. De twee beschouwen elkaar zeker niet als bondgenoten, maar ook niet als echte rivalen of als een rechtstreekse bedreiging. Het incident geeft vooral uiting aan het harde nationalisme van Ankara, zoals we dat ook van Poetin kenden. Poetin en Erdogan willen tonen hoe sterk ze zijn, maar het wantrouwen is nog niet zo groot dat ze er een oorlog voor willen riskeren.

Jonathan Holslag. Beeld Jonas Lampens

Het huidige incident maakt de situatie zonder meer complexer, maar er schuilt ook een kans in. Na de aanslag op het Russische passagiersvliegtuig boven de Sinaï-woestijn en na de terreuraanslagen in Parijs, heeft het Kremlin met het verlies van het gevechtsvliegtuig een nieuwe troef in handen om het Westen te bewegen tot toenadering, en dus tot een eerherstel van de rol van Rusland als een regionale mogendheid. Dat is in het belang van Rusland, gezien de uitdaging van het opkomende China in het Oosten. De reacties van de Fransen, de Duitsers en de EU-Vertegenwoordiger gaan alvast in die richting. Ook de Amerikanen zullen er alles aan doen om een impasse tussen de twee te vermijden.

In het beste geval staan we dus voor een diplomatieke doorbraak. We hebben hier geen garantie voor en diplomatiek geklungel aan de kant van het Westen en Turkije zou zeker roet in het eten kunnen strooien, maar de kans bestaat, mits wat politiek bochtenwerk, dat Rusland en het Westen toch opnieuw gaan praten en pragmatisch samenwerken - niet van harte, maar uit noodzaak.

Dat zou een normale strategische ommezwaai zijn, zoals we er in de geschiedenis veel hebben gezien. Zo'n kentering kan overigens na een tijd opnieuw ongedaan worden gemaakt. We moeten er echter hoegenaamd niet uit besluiten dat de manier waarop aan internationale politiek wordt gedaan, en in het bijzonder het belang van harde macht, daardoor als dusdanig is veranderd. Er blijven immers drie grote risico's bestaan.

Incidenten als deze bemoeilijken langdurige internationale samenwerking ten aanzien van brandhaarden in het Midden-Oosten. Diplomaten verliezen enorm veel energie aan het intomen van de spanningen tussen regionale grootmachten zodat er minder tijd en aandacht rest voor het oplossen van gezamenlijke problemen: het bestrijden van terrorisme, het bespoedigen van politieke stabilisering en het promoten van economische ontwikkeling.

Daarnaast dragen ze bij tot een regionaal onveiligheidsgevoel dat landen aanzet om zich nog meer te bewapenen, om ook hun belangen eigengereid te gaan verdedigen en om de echte grootmachten, in dit geval China en de Verenigde Staten, nog meer tegen elkaar uit te spelen.

Tot slot mogen we ook niet uit het oog verliezen dat er wel degelijk nog landen bestaan met bijna onverzoenbare belangen, landen waarbij een incident als dit moeilijk zonder grotere gevolgen kan blijven. Ik denk dan aan China en Japan, bijvoorbeeld, Saudi-Arabië en Iran, of Israël en Iran, India en Pakistan, Noord en Zuid-Korea, Egypte en Soedan, China en de Verenigde Staten... Natuurlijk zien de meeste van deze landen in dat geweld kan leiden tot enorme schade, maar het is hier vooral dat de kans op grote conflicten het grootst blijft.

De uitdaging voor ons is vooral in deze verwarrende tijden de sensationele incidenten, hoe risicovol ze ook zijn, te blijven onderscheiden van de echte strategische uitdagingen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden