Vrijdag 03/04/2020

OpiniePatrik Vankrunkelsven

Misschien moeten we er wel een gewoonte van maken om elkaar te kussen als begroeting

Een affiche op het raam tijdens een bijeenkomst in Nijmegen. Op de affiche wordt gewezen op het niet schudden van handen naar aanleiding van het coronavirus. Beeld ANP

Patrik Vankrunkelsven is huisarts en docent huisartsgeneeskunde aan de KU Leuven.

We kunnen er niet omheen: huisartsgeneeskunde is bij uitstek een beroep waar je werkt met veel onzekerheden. Huisartsen zijn dat gewoon: niet elke hoofdpijn is een hersentumor, maar een zeldzame keer is dat toch het geval. Huisartsen behandelen altijd al verkoudheden zonder de dader te kennen: honderden verschillende virussen kunnen de oorzaak zijn. Meestal zijn het banale rhinovirussen, maar coronavirussen (niet het subtype van vandaag) zijn in één geval op de tien de veroorzaker, ook het griepvirus zorgt voor ongeveer 10 procent van de luchtweginfecties. 

Huisartsen zijn gewoon om met deze onzekerheid te werken. Het verloop van de ziekte helpt om passende actie te ondernemen. Het is vandaag niet anders met het coronavirus, type SARS-CoV-2. De meeste onder ons hebben deze week waarschijnlijk al patiënten naar huis gestuurd met dit virus zonder het te weten: uit een Nederlands onderzoek blijkt dat 10 procent van de patiënten met verkoudheidsklachten vandaag SARS-CoV-2-patiënten zijn. Gelukkig hoeven we dat niet per se te weten, noch als arts noch als patiënt. Laten we daar vooral niet paniekerig over doen! Het behoort tot de normale gang van zaken: we hoeven niet te weten welk van de honderden potentiële virussen ons doen snotteren. Maar moeten we dan helemaal niets te doen? Business as usual is niet het antwoord.

Hoge ziektepiek vermijden

Natuurlijk moeten we bepaalde beredeneerde acties ondernemen. De ziekte kan in sommige gevallen, waarschijnlijk iets frequenter dan een griepvirus, zwaar uithalen en een longontsteking veroorzaken. Met beperkte kennis, maar met de concrete voorbeelden van China en Italië voor ogen, blijkt dat we met deze nieuwe coronavariant een hogere piek van deze vervelende verwikkeling moeten verwachten. 

Beelden uit ziekenhuizen met patiënten aan de beademingsmachine zijn behoorlijk choquerend. Voor deze patiënten met een zwaarder ziekteverloop hebben we dus ziekenhuiscapaciteit nodig. We moeten er vooral voor zorgen dat onze ziekenhuizen niet overstelpt worden en de nodige zorgen kunnen aanbieden bij de kleine minderheid patiënten die dit erger verloop kennen. Dus meer nog dan anders moeten we deze aandoening, die zich nu al genesteld heeft in ons midden zonder dat we het weten (en zonder we het hoeven te weten!), trager laten verspreiden. We moeten gewoon harder ons best doen met wat we altijd al zouden moeten doen: de ziekte zo weinig mogelijk doorgeven.

Gamechanger in omgangsvormen

Het is aan de overheid om tijdelijke maatregelen te nemen om plaatsen waar veel mensen samenkomen te reduceren. Maar dit is natuurlijk tijdelijk. Andere maatregelen om geen besmetting door te geven, moeten we misschien duurzamer maken en er een echte gezonde gewoonte van maken om ook in de toekomst andere vervelende infectieziekten minder kansen te geven. 

Onlangs was ik in een groot vakantieresort waar een diarree-epidemie heerste. Sommige bejaarden en kinderen belandden in het ziekenhuis. Er werden papiertjes met aanbevelingen in de gangen gehangen maar klaarblijkelijke doorgeefmechanismen bleven gewoon doorlopen: iedere ochtend en avond schepten de 1.000 gasten hun borden vol aan de zelfbediening met slalepels en voedseltangen die van hand tot hand gingen. 

Hetzelfde zien we ook vandaag nog in zelfbedieningsrestaurants of met de voedseltangen in supermarkten waarmee we onze pistolets zogezegd hygiënisch in ons mandje leggen. De zelfbedieningsrage is in tijden van corona zeker geen pluspunt. Een reden om te kiezen voor de warme bakker en met heimwee terug te denken aan de pompbediende. 

Beeld © Cinema Legacy Collection/The H

Er is dus nog veel marge om het doorgeven van allerlei infectieziekten te beperken. Er is de laatste dagen grondig informatie verstrekt over hoe te hoesten en het wassen van handen. Moeten we gewoon blijven voortdoen! Wat te zeggen over de gewoonte om elkaar de handen te schudden of op de wang te kussen. Spijtig genoeg worden beide steeds in één beweging genoemd. 

Maar een vriendelijke begroetingskus op de kaak, we hebben het niet over een mondkus, daar bestaat geen onderzoek over en is misschien wel veel veiliger dan een handdruk. Interessante vraag dus hoe we in de toekomst mekaar het beste groeten, misschien is kussen wel het beste en moeten we er een gewoonte van maken? Voer voor onderzoekers. Wat we in de toekomst duidelijk minder zullen doen, is met een verkoudheid toch maar doorwerken: thuis uitzieken is socialer.

Kortom, de wetenschap laat ons soms in het ongewisse en veel is onbewezen. We moeten het doen met gezond verstand. We volgen alvast de aanbevelingen van de overheid. Overigens is de huisarts de enige klinische specialist van de virale luchtweginfectie. Hij/zij blijft de beste garantie om een selectie te maken tussen een onbeduidende verlopende coronaverkoudheid en een uit de hand lopende longontsteking.

Patrick Vankrunkelsven. Beeld Photo News
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234