Donderdag 17/06/2021

ColumnBregje Hofstede

Mijn huisarts vroeg of ik wel eens van alopecia had gehoord

null Beeld Damon De Backer
Beeld Damon De Backer

De Nederlandse schrijfster Bregje Hofstede vertelt over haar leven. Onlangs verscheen haar nieuwste boek, Slaap vatten.

Een paar maanden na de geboorte van mijn dochter begon mijn haar uit te vallen. In plukken. Haalde ik mijn hand door mijn haren, dan bleven er dikke strengen achter tussen mijn vingers. Wanneer ik het waste liet het zo snel los dat ik dacht dat ik kaal uit de douche zou komen. Het losgekomen haar, tussen mijn handpalmen tot een kluwen gewreven, bleef als een vreemd pelsdiertje achter op de badrand.

Enigszins benauwd deed ik navraag bij mijn huisarts, die vroeg of ik wel eens van alopecia had gehoord. Ja: dat was de ziekte waardoor mijn opa zo kaal was als een ei. “Een trauma kan zoiets veroorzaken”, zei de huisarts. “Een trauma?”, vroeg ik. “Ja, bijvoorbeeld een ­bevalling”, zei hij opgewekt.

Gelukkig werd de uitval na een aantal weken minder. Het haar dat ik was kwijtgeraakt, begon vanaf dat moment opnieuw te groeien, en een verse generatie babyhaartjes koloniseerde mijn scalp.

Nu die nieuwe haargroei een paar centimeter lang is, begint hij duidelijk zichtbaar te zijn. Een tweede haarlijn tekent zich af, haast even dik en duidelijk als de ­oorspronkelijke. En omdat mijn haar vanzelf krult, staat die kleine froufrou vrolijk omhoog en piept onder de ­langere laag vandaan.

Ik betrap mezelf erop dat ik meermaals per dag aan die kleine haartjes trek. Als ik dagdroom, als ik niet oplet, zoeken mijn vingers vanzelf naar mijn moedervacht.

Intussen houd ik bij hoog en laag vol dat het ­ouderschap me niet heeft veranderd, niet écht. Ik heb mijn profielfoto op WhatsApp niet vervangen door een beeld van mijn baby (of van mezelf met baby), iets wat ik bijna alle jonge ouders in mijn omgeving heb zien doen, alsof hun identiteit is verzonken in die van de ­volgende generatie. Ik schep er trots in om nog mezélf te zijn. En ben blijkbaar bang om ten onder te gaan in de storm van decibellen, slaapgebrek, hormonen en ­emoties. Wanneer iemand me ernaar vraagt, zeg ik nonchalant: Heel anders? Nou nee. Ik heb wat nieuwe ervaringen ­opgedaan, maar verder ben ik nog precies dezelfde.

Maar nu zie je het toch: een nieuw mens groeit op de plek van de oude. De twee silhouetten vallen bijna samen, maar je ziet het aan de randjes, en je ziet het aan het haar. Het lijkt alsof ik imperfect verveld ben, de oude vorm niet helemaal is afgeworpen maar stukje bij beetje vervangen wordt. Mijn vingers pulken die nieuwe mens tevoorschijn, telkens wanneer ik even niet oplet.

Wat is dat voor nieuw mens? Ze ziet er een beetje ­kinderlijk uit, met dat ontembare kuifje dat hier rechtop staat en daar juist naar beneden krult. Tegelijkertijd is ze ouder dan ik, in elk geval plaatselijk. Rond haar navel rimpelt de huid: daar, waar ze in verbinding heeft gestaan met de vorige en volgende generaties, concentreert zich de tijd. Ze denkt vaker aan de dood maar voelt meer geluk.

Dat kan ze niet uitleggen en nog vreemder: dat ­probeert ze niet eens.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234