Vrijdag 18/10/2019

Straatblog

Mijn fobie voor alles met schubben behalve schattige draken

Beeld dm

Geert Simonis is een geletterd mens, een gewaardeerd popkenner, een amateurknutselaar en zelfverklaarde minister van Staat.

De groene long van Leuven gedijt rustig op een steenworp van een afrit van de E314. Alsof iemand met inzicht - laten we haar Bouwmeester noemen of anders gewoon God - heel goed besefte dat de mensen die daar samenklitten het meest nood hebben aan een deugdelijke shot zuurstofgas. De kantoorslaven die net anderhalf uur in de file hebben gestaan. De ouders met twee à drie kinderen op de achterbank en een slaaptekort in het handschoenkastje. Het jeugdig schorremorrie dat zijn skatepunk onverantwoord luid zet.

Ik doel natuurlijk op het Provinciaal Domein van Kessel-Lo. Net geen vijf jaar geleden kwam ik er voor het eerst. De zomer was zijn coda aan het afwerken en we hadden net 'Inglourious Basterds' van Quentin Tarantino in de cinema gezien. Op nieuwe, spotgoedkope slofjes kuierde ik het domein binnen. In een zinloze vlaag van nietsontziend protest sneden die slofje tot bloedens toe in mijn hielen.
Ik waande me even Achilles en vervloekte de Olympusberg en alle goden die er wonen. Vervolgens ging ik aan de rand van een vijver zitten met mijn geschonden voeten in het water op hoop van zalving. Een bijziende vis identificeerde mijn tenen abusievelijk als avondmaal en hapte hongerig toe. Ik trok mijn voeten nog net snel genoeg boven en ontwikkelde prompt een fobie voor alles met schubben behalve schattige draken.

In de hoop mijn demonen in de ogen te kijken en de staring contest te winnen, ben ik afgelopen week voor het eerst sinds toen teruggekeerd naar het Provinciaal Domein. Om niet op te vallen tussen de dagjesmensen had ik een kind geleend bij een bevriend echtpaar. Bij vertrek werd mij nog snel toegefluisterd dat ik haar gerust langer mocht houden dan een dagje. "Nee serieus, man, het steekt niet op een week."

Als om te wennen hingen we eerst rond in de linkerbovenhoek van het domein. Kindervrienden of slordige reuzen hebben daar een parcours van boomstammen neergelegd waarop het heerlijk klauteren is en moeilijk je evenwicht bewaren. Ik vond er mijn twaalfjarige zelf terug wiens voornaamste toekomstplan was Indiana Jones te worden.

Een half uur later maakten we de overstap naar de rest van de speeltuin. Klimrekken, glijbanen en schommels voor het kind, een bankje voor mij. Hoe ze op een touwenparcours zonder blikken of blozen een ingewikkeld voorbijsteekmanoeuvre uitvoerde met een Franstalig kind. Hoe ze op dat moment bewees dat dit land van ons wel degelijk over een toekomst beschikt.

Na een pauze met een flesje water en chocoladekoekjes, stapten we vastberaden de vijver tegemoet. Ik gaf een zachtaardige man drie euro vijftig en kreeg een waterfiets in de plaats. Ik vroeg hem hoe lang we mochten varen. Hij antwoordde: "Na een half uur ben je blij dat je mag terugkeren." Hij heeft geen ongelijk gekregen.

De vissen voelden dat de rollen waren omgekeerd en hielden zich gedeisd. Glorieus trokken wij baantjes tussen de eendjes. Al snel voelde ik me een beetje een zeeman. Zo zeer zelfs dat de scheurbuik spontaan omhoog kroop in mijn ingewanden. Maar als ik later groot ben, word ik toch nog altijd Indiana Jones.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234