Zaterdag 19/10/2019
Hilde Van Mieghem Beeld Bob Van Mol

Column

Mijn broer werd smoorverliefd op Miss Soweto 1996. Als ze bewoog, stond de tijd stil

Hilde Van Mieghem, acteur, regisseur en auteur, neemt u mee in haar leefwereld.

Weemoedig ben ik. Waarschijnlijk door vermoeidheid. Uren, dagen geleden, ik ben de tijd kwijt, ben ik met mijn zusje op het vliegtuig gestapt. Tussenstop Londen en dan drie uur later richting Johannesburg, Zuid-Afrika. Jo’burg zoals mijn broer het noemt. Hij woont er nu al een jaar of dertig met een onderbreking van enkele jaren back in Belgium, waar hij niet snel genoeg weer weg kon, terug naar the beloved country Mzansi. Jullie zijn allemaal gek, riep hij wanhopig uit. Werken, werken, werken, kennen jullie eigenlijk wel een ander woord. Wer­ken en betalen, voor alles. Hier in Afrika leeft iedereen trager, veel trager, op mensenmaat.

Gisteren was hij jarig. 50 werd hij en om dat te vieren had mijn zusje twee spotgoedkope tickets op de kop getikt en daar gingen we. Van Londen naar Jo’burg is elf uur vliegen. We zijn er al zo dikwijls ge­weest, we kennen het klappen van de zweep. Hoe raak je aan twee lege stoelen naast elkaar, liefst drie maar dat is uitzonderlijk, zodat je tenminste een beetje kunt liggen, de knieën opgetrokken, voeten tegen het raampje aan? De truc is simpel: je wacht tot je de allerlaatste bent die het vliegtuig instapt. Aan de gate bied je je boarding­pass aan en vraagt dodelijk vermoeid, is het vliegtuig vol? Als je het ge­luk hebt een vriendelijke stewardess voor je te hebben, kijkt ze even op de computer. Dat geluk hadden we deze keer en we zagen dat er vier rijen voor de onze nog een rij van twee stoelen vrij was. Yes, dat wordt toch een paar uur slapen.

Iets minder geradbraakt dan wanneer je rechtop zittend moet slapen, kwamen we aan, gingen een huur­auto ophalen, hadden bijna twee keer een frontale botsing – het duurt even voor je het links­rijden onder de knie hebt – en bedolven onze broer onder de kussen en knuffels.

’s Avonds was het feest en groggy zaten we in de tuin, omringd door zijn vrienden en vriendinnen. Wij waren de enige witte mensen. Hij heeft niet voor niets de bijnaam ‘The white blackman’.

Hij kwam naar hier toen hij 20 was, werd hopeloos verliefd op een Zuid-Afri­kaanse schone en kwam niet meer terug. Met die eerste schone werd het niks, maar niet veel later werd hij smoorverliefd op Miss Soweto 1996, een vrouw naast wie Venus Williams verbleekt. Rank, slank, ogen als van een gazelle, een parelende lach en als ze bewoog, stond de tijd stil. Ze betoverde de elementen en hield het universum in haar hand. Je werd er dood­stil van. Ze hebben twee kinderen, van wie de oudste nu journalistiek studeert aan de Thomas More hogeschool in Mechelen.

Lang hielden mijn zus en ik het niet uit op het feest. We duikelden rond elf uur ons bed in en hoewel het feest blijkbaar nog doorging tot een uur of drie, heeft noch mijn zus, noch ik daar iets van ge­merkt. Vanmorgen werden we wakker, het huis was opgeruimd door Brenda, de huishoudster die al meer dan 20 jaar bij hem inwoont, de kinderen mee grootbracht en voor mijn broer zorgt als was hij haar zoon. De tafel stond gedekt met vers fruit, broodjes, eitjes, beleg en geurende koffie. Vlaamser kun je je het niet voorstellen. Brenda heeft ook de Vlaamse keuken perfect onder de knie, dat heeft mijn moeder haar geleerd. Stoofvlees, konijn met pruimen, biefstuk friet, koninginnen­hapjes... ze tovert het op tafel.

Brenda heeft een tas vol lekkers klaargemaakt, wetende dat we vandaag naar KwaZulu-Natal rijden, naar Bergville, waar ik meter ben van een weeshuis. Kisses for all the children from me, zegt ze, terwijl we samen naar de auto lopen.

We rijden 390 kilometer lang door een bijbels landschap zodra we Jo’burg achter ons gelaten hebben. Langs plaatsen als Blesbok, Suikerbosrand, Ver­eeniging, Grootriet, Verkykerskop, Sterk­fontein en Vrede. De adembenemende schoonheid van dit land, de uitgestrektheid, de zandkleur van leeuwen en giraffen die de heuvels en bergen hebben, overvalt en ontroert me elke keer weer. Je voelt dat dit het oerland is. Ik zou er niet van opkijken mocht er ineens een dinosaurus aan de einder verschijnen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234