Woensdag 14/04/2021

OpinieArnon Grunberg

Mijn beste vriendin, de antivaxer

Arnon Grunberg: ‘Ik zag de complottheorieën van de antivaxers over covid als een klucht, een waan om mee te lachen. Tot ik de schade ontdekte die ze aanrichten.’ Beeld VPRO
Arnon Grunberg: ‘Ik zag de complottheorieën van de antivaxers over covid als een klucht, een waan om mee te lachen. Tot ik de schade ontdekte die ze aanrichten.’Beeld VPRO

Arnon Grunberg is de schrijver van Bezette gebieden en Goede mannen. Hij woont in New York.

Op een koude maar zonnige middag kreeg ik een telefoontje van een vrouw van wie ik lang niets had gehoord. Ooit waren we vrienden, tegenwoordig woont ze in een ander land. Na een ongemakkelijk grapje over telefoon­seks zei ze: “Ik wil met je over mijn moeder praten. Jij weet als geen ander dat ze altijd al een surrealistisch leven heeft geleid, maar nu lijkt het echt uit de hand te lopen.”

Ik zie haar moeder tegenwoordig elke week. Ze is eind jaren 1980 met haar twee dochters uit Italië via een tussenstop in Argentinië in New York beland. Zelf belandde ik daar een paar jaar later, in 1995. De pandemie heeft onze vriendschap verdiept. Die pandemie is immers, naast vele andere dingen, ook een groot sociaal-psychologisch experiment. Veel van mijn vrienden en kennissen hadden de stad verlaten en waren nog altijd niet teruggekeerd. Ergens in de herfst van 2020 ontstond de traditie om elke zondagavond samen te gaan eten. De eenzaamheid dreef ons als het ware in elkaars armen. Zo werd ze mijn beste vriendin in New York, noodgedwongen, maar dat maakte de vriendschap niet minder oprecht.

Van een affaire met de dochter was vriendschap met de moeder overgebleven.

En zoals Tomasi di Lampedusa in De tijgerkat schreef: “Alles moet veranderen opdat alles hetzelfde blijft.” We doen ons best. Niet alleen op individueel niveau. Steden werden kloosters, burgers werden monniken, de ene burger iets meer dan de ander.

Elke zondag, meestal vlak voor het eten, begint mijn vriendin, de moeder, aan ons wekelijks ritueel, ze spreekt over ‘Het Plan’. Ach, het plan, ze gelooft dat machtige bedrijven, machtige regeringen en machtige mensen slaven van ons weerloze burgers proberen te maken. De meeste complottheorieën lijken op elkaar en toegegeven, het is niet altijd duidelijk waar de complottheorie begint en legitieme kritiek op de eigen regering ophoudt.

Ongeveer een kwartier lang luister ik naar haar en probeer haar tussendoor beleefd en respectvol uit te leggen dat er feiten bestaan die haar ideeën ontkrachten. De wetenschap is een methode, zoals Popper verklaarde, die ons in staat stelt onze eigen vergissingen te corrigeren. Ik blijf hopen dat ze vatbaar is voor Popper.

De vrouw aan de telefoon, de dochter die ik al meer dan twee jaar niet had gezien, zei: “Jij praat waarschijnlijk vaker met mijn moeder dan ik, maar ik heb de indruk dat ze helemaal onder de invloed van mijn zus gekomen is. Die is een gelovige geworden, een reborn christian zonder Jezus.”

Ze voegde eraan toe wat ik al wist: “Mijn zus gelooft dat de vaccins ons kapot maken. Mijn moeder wil geen ruzie met mijn zus, dus past ze zich aan en op die manier komt ze meer en meer onder de invloed van mijn zus. Ik meen dat ze zelfs op Trump heeft gestemd.”

De dochter, op wie ik ooit verliefd was, liet een stilte vallen maar ik had geen idee wat ik moest antwoorden. Het was namelijk allemaal waar. “Ik maak me zorgen”, zei ze. “Jij bent de laatste in de omgeving van mijn moeder die niet gelooft dat een machtige kliek ons probeert te onderwerpen.”

Ik wist niet waar ze op uit was. Dat ik haar moeder in de gaten zou houden om het ergste te voorkomen? Maar wat was het ergste? Ik wilde hoe dan ook niet oneerlijk zijn, daarom antwoordde ik: “Je weet dat je zus uit het buitenland teruggekomen is met haar hondje dat ze aanbidt als een afgod. Ze gelooft dat we middenin een oorlog zitten en dat zij voor onze vrijheid vecht, zoals ze dat uitdrukt. Ik denk dat ze liever doodgaat dan zich te laten vaccineren.”

Magisch denken

Zij is zeker niet de enige. Volgens een recente opiniepeiling is een kwart van alle Amerikanen zich niet van plan te laten vaccineren. En bijna een derde van de Amerikanen die actief in dienst zijn in de National Guard wil geen vaccin. Dat zijn verontrustende cijfers. Vermoedelijk zijn niet alle weigeraars zo fanatiek als de jongste dochter van mijn vriendin, vermoedelijk zitten er een hoop sceptici tussen die kunnen worden overgehaald, dan nog blijven deze cijfers omineus.

En de aloude gedachte dat onderwijs uiteindelijk alle problemen oplost, blijkt ook nu onjuist. In een artikel over antivaxers in The New Yorker schreef Benjamin Wallace-Wells: “Na een campagne in de Mayo Clinic is 92 procent van de artsen daar gevaccineerd. Waarom geen 100 procent van al die hoog­opgeleide, goed geïnformeerde men

sen? ‘Dokters zijn ook maar mensen’, zegt Robert Jacobson, een kinderarts van dat ziekenhuis en vaccinatie-expert.” Ja, het is makkelijk om te vergeten dat we zelden volstrekt rationeel zijn, we kunnen op het ene gebied rationeel handelen om 20 minuten later ten prooi te vallen aan magisch denken.

In hetzelfde artikel vertelt sociologe Jennifer Reich over een onderzoek dat ze in 2017 deed naar de antivaccinatiebeweging onder ouders in Californië. Toen ze antivaxers interviewde, “merkte Reich dat die mensen op haar leken – uit vorige studies was gebleken dat ze overwegend witte hoog­opgeleide mensen waren met een gezinsinkomen van meer dan 75.000 dollar. Reich ontdekte dat ze vaak niet van mening waren dat ze de wetenschap afwezen, wel dat ze voldoende geïnformeerd waren om de wetenschap aan hun persoonlijke behoeften aan te passen.”

Als ik zondagavond bij mijn beste vriendin binnenkom, stipt om acht uur, weet ik dat haar dochter, de gelovige, zich ergens verstopt heeft met de hond waar ze zo dol op is. Ze wil mij niet zien, misschien omdat ik geen gelovige ben. Of misschien wil ze helemaal geen mensen zien om afwijzing te voorkomen. Ik neem haar onzichtbaarheid niet persoonlijk.

De moeder vindt altijd een nieuw excuus voor de afwezigheid van haar dochter. De ene zondag voelt ze zich niet goed, de andere zondag heeft ze het te druk met haar ‘oorlog’. Ze blijft onzichtbaar maar haar aanwezigheid is desondanks voelbaar. Ze is nu in de vijftig, ik heb haar leren kennen toen ze een sprankelende jonge vrouw was van in de twintig. Ze had toen al de neiging om het leven al te ernstig te nemen, maar de afwezigheid van lichtheid is nog niet het begin van fundamentalisme.

Wekenlang had ik de situatie in dat huis als een klucht beschouwd, als iets om over te lachen. Zoals mensen vaak om zogenoemde gekkies lachen. Maar na het telefoontje besefte ik dat hier een familie werd verscheurd. De moeder probeerde tussen de zusters te bemiddelen, misschien zoals mijn moeder vroeger bemiddelde tussen mijn religieuze zus en haar ongelovige zoon.

Gluren in de bilspleet

Vorige zondag vroeg de moeder: “Wat kan ik zeggen zonder haar overstuur te maken? Weet je, ze is dikker geworden maar ze is ook zo teer, zo kwetsbaar, zo verloren.” Ze begon te huilen. Ze zei: “Ik weet hoe jij erover denkt, maar je hebt toch ook gelezen dat er vreemde dingen gebeuren? Als je naar China wil, moet je een anaal onderzoek ondergaan. Voor je het weet zullen ze zelfs voor binnenlandse vluchten in de VS in je bil­spleet willen gluren.”

Voor China schijnt dat waar te zijn, maar ik antwoordde dat we niet moesten overdrijven. “Nee, nee”, zei ik. “De overheid kan haar macht misbruiken en doet dat ook vaak, maar in de VS of Europa hoef je je geen anaal onderzoek te laten welgevallen als je wil vliegen. En dat zal in de toekomst niet anders zijn.” Over zo’n anaal onderzoek konden we lachen, maar ik besef dat zich tussen moeder en de dochter, die meende te moeten vechten voor onze vrijheid, een kleine tragedie afspeelde.

Als je eenmaal diep in een geloofssysteem zit, is de weg terug moeilijk, soms onmogelijk. Het isolement is reëel, de angst voor afwijzing is reëel, wat het gevoel van ‘wij tegen de wereld’ versterkt. En er is de schaamte. Als je jezelf tot paria hebt gemaakt, kun je moeilijk omkeren, kun je moeilijk die bijzondere positie opgeven: de paria die het licht gezien heeft.

Vorige zondag kwam de gelovige zus onverwacht uit haar kamer. We dronken koffie en praatten over vroeger en natuurlijk over haar ‘oorlog’. Ze probeerde mij te bekeren, ik bood beleefd weerstand. Ze zei dat de relatie met haar moeder altijd al ‘voor ons allebei een kwelling’ was geweest. Na een half uur trok ze zich in haar kamer terug. Haar laatste woorden luidden: “Wij vechten voor onze vrijheid.”

Al die tijd zat de moeder zwijgend op een stoel, gevangen tussen mijn vrijheid en de vrijheid van haar dochter, de gelovige. Om ons op te vrolijken schonk ik twee glaasjes grappa in. “Ik wist niet dat mijn relatie met mijn dochter een kwelling was”, zei de moeder zacht.

Dit artikel verscheen in Ha’aretz en is uit het Engels vertaald.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234